Actieplan voor snellere aanpak van beursfraude

ROTTERDAM, 6 OKT. De opsporing en vervolging van effectenhandel met voorkennis op de Amsterdamse beurs wordt gestroomlijnd, zodat financiële fraude veel sneller dan nu voor de rechter kan worden gebracht. Dat hebben verschillende bronnen in de financiële sector vanochtend bevestigd.

Het plan is voor de opsporing van beursfraude gespecialiseerde teams op te richten met deskundigen van de effectenbeurs, de Economische Controledienst en de officier van justitie.

De beurstoezichthouder Stichting Toezicht Effectenverkeer (STE) heeft over de stroomlijning nieuwe werkafspraken gemaakt met de Amsterdamse effectenbeurs, terwijl een convenant over de opsporing met de Economische Controledienst (ECD) in een vergevorderd stadium is.

De door de toezichthouders gewenste verlenging van de zittingstermijn van de voor beursfraude verantwoordelijke officier van justitie - momenteel rouleert deze functie om de twee à drie jaar - stuit echter op een veto van het Openbaar Ministerie.

“Het is de bedoeling dat er in de toekomst gespecialiseerde teams komen met deskundigen van de effectenbeurs, de ECD en de officier van justitie”, zegt een insider die anoniem wilde blijven. Door de bundeling van expertise willen de beurzen en de toezichthouders hun achterstand inlopen ten opzichte van de gespecialiseerde en goed betaalde advocaten van verdachten van effectenhandel met voorkennis.

De afgelopen maanden is een plotseling toenemend aantal dubieuze transacties op de effectenbeurs en de optiebeurs geconstateerd die verband kunnen houden met misbruik van voorkennis. Zo werd Philips gedwongen overnamebesprekingen met het kleine medische bedrijf Pie Medical voortijdig publiek te maken, omdat de koers van de aandelen Pie Medical omhoog schoot.

In de enige zaak van beursfraude die op dit moment onder de rechter is, de beurshandel in 1991 door topondernemer Van den Nieuwenhuyzen in aandelen van het automatiseringsbedrijf HCS, hebben opsporing en vervolging jaren gekost.

Verdachten van beursfraude waarnaar het onderzoek nog loopt, klagen steen en been over de lengte van de procedure en de schade die zij daardoor in de publiciteit oplopen. Deze week werd bekend dat de voortzetting van het proces in de HCS voorkennisaffaire, bij het Haagse gerechtshof, is uitgesteld tot volgend jaar. In afwachting van de uitspraak in deze zaak bekijken de ministeries van financiën en justitie welke wetswijzigingen nodig zijn voor effectievere bestraffing van beurshandel met voorkennis.

Voor de zomer heeft de Tweede Kamer al een keer bij Financiën en Justitie aangedrongen op de inzet van meer mankracht om beursfraude op te sporen.

In de gestroomlijnde aanpak van beursfraude zal de STE, die over de ruimste bevoegdheden beschikt, zich direct met het onderzoek belasten. De STE krijgt de rol van “supervisor” in het onderzoekstraject. Met het oog op het verruimde takenpakket krijgt de STE meer deskundigen.

Pagina 17: STE krijgt leidende rol onderzoek

Het is nog niet uitgemaakt of deze experts “in bruikleen” komen van het bestaande Controlebureau van de beurs of dat de STE zelf experts zal recruteren. In de nieuwe structuur van de beurs, waarbij de verenigingsstructuur plaats maakt voor een naamloze vennootschap, blijft het Controlebureau bestaan. De STE krijgt echter de leidende rol bij voorkennisonderzoeken. De effectenbeurs houdt primair de vervolging van overtredingen van het handelssysteem voor effecten.

Het huidige personeelsroulatiebeleid op het Openbaar Ministerie in Amsterdam, op basis waarvan officieren van justitie om de paar jaar wisselen, moet worden verlaten, zo meent men in kringen van de beurs, zodat ook in de vervolging meer continuïteit en deskundigheid komt.

Een woordvoerder van het Openbaar Ministerie zegt dat geen sprake kan zijn van het stopzetten van de reguliere wisseling van taken en functies bij de officieren van justitie. “Wij kunnen voor een belangengroep geen uitzondering maken. Roulatie is nu eenmaal het beleid. Dat hebben wij de beurs gemeld.”

De huidige officier van justitie voor beursfraude is de derde op rij sinds de wettelijke strafbaarstelling van beurshandel met voorkennis, zes jaar geleden.

De mankracht en expertise van de opsporingsgroep van de ECD moet eveneens worden verhoogd. Over de financiële consequenties daarvan bestaat geen overstemming. Volgens de woordvoerder van het Openbaar Ministerie wordt over extra mankracht voor de ECD nog gepraat.