Timman wint verloren respect terug

AMSTERDAM, 5 OKT. De vraag wie de beste schaker van Nederland is, zal voorlopig niet meer worden gesteld. Jan Timman sloot de prestige-match tegen Jeroen Piket gisteren af met een duidelijke 6-4 overwinnig en won veel van het respect terug, dat hij de afgelopen twee jaar met grote brokken tegelijk was kwijtgeraakt.

Piket voelde na zijn wankelmoedige optreden geen behoefte om met de harde cijfers in discussie te gaan. “Ik heb net een match verloren, dus denk ik dat ik voorlopig maar even niks zeg. Mijn spel hier stond niet op zichzelf. Het is niet alleen deze match maar mijn prestaties in 1995 in het algemeen, die me geen reden tot spreken geven.” Timman maakte er, zo verguld als hij was met zijn match-overwinning, geen geheim van dat hij wel leukere gespreksonderwerpen kent dan zijn vermeende rivaliteit met Piket. Toch ging hij de rechtstreekse vraag of hij nu weer de beste van het land is niet helemaal uit de weg. “Dat denk ik wel. Maar het is heel relatief. Als Jeroen nu nog zo speelde als vorig jaar zou het allemaal niet zo duidelijk zijn.”

Hier en daar werd gesuggereerd dat het initiatief van schaakmecenas Joop van Oosterom om het langverwachte duel tussen Timman en Piket tot stand te brengen, eigenlijk een jaar te laat kwam. Een suggestie die beide spelers van de hand wezen. Piket vond het ondanks zijn haperende spel nog steeds een goede zaak dat de match er dan toch eindelijk was gekomen. De verleidelijke veronderstelling dat hij een jaar geleden aanzienlijk betere kansen zou hebben gehad, ging hij wijselijk uit de weg.

Timman benadrukte dat hij niet eens zoveel verband zag tussen goede en slechte toernooiresultaten en je kansen in een tweekamp. “Het spelen van een match is iets heel anders. Zelfs als Jeroen het Donner Memorial had gewonnen, in plaats van laatste te worden, en ik ergens in de middenmoot was geëindigd, dan nog was het een heel open match geweest. Omdat ik een ongelooflijk ervaren matchspeler ben.”

Een nadere blik op de partijen bevestigt dat Timman zich in de details van het matchspel de betere toonde. Zelf concludeerde hij: “Als je alle wisselvalligheden optelt en aftrekt, heb ik net iets beter gespeeld. Ik kreeg vaker grip op zijn spel dan andersom.” Piket vond dat hij ondanks een goede openingsvoorbereiding als speler tekort was geschoten. “Ik had niet te klagen over de stellingen en de kansen die ik kreeg. Maar als je in één partij op de veertigste zet in iets betere stand door je vlag gaat en in een andere op een cruciaal moment een pion weggeeft, dan kun je alleen maar zeggen dat je gefaald hebt in het nemen van praktische beslissingen.”

Ondanks de soms merkwaardige missers was het een boeiende en levendige krachtmeting die de tientallen trouwe bezoekers van de Boekman-zaal in het Amsterdamse stadhuis veel spannende uren bezorgde. Timman toonde in ieder geval weinig begrip voor de schaakliefhebbers die thuis bleven omdat ze meer dan genoeg meenden te hebben aan de WK-match tussen Anand en Kasparov. In zijn herwonnen zelfvertrouwen noemde hij de confrontatie in Amsterdam zelfs veel interessanter dan die in New York. “Daar werd de eerste helft ontsierd door al die remises, en nu zit Anand in de lappenmand.”

Zoals de uitslag van de tweekamp in New York bepalend zal zijn voor het startgeld dat Kasparov en Anand de komende tijd kunnen vragen, zo zal de uitslag in Amsterdam, die beide spelers vijftigduizend gulden opleverde, ook indirect gevoeld worden in de portemonnee van Timman en Piket. Niet zelden staat er één deelnemer uit het schaakland Nederland op het verlanglijstje van de belangrijkste internationale toernooien. Met deze overwinning lijkt Timman na een onzeker jaar een goede kans te maken om weer de meest gewilde Nederlandse grootmeester te worden.

Timman en Piket reageerden eensgezind relativerend op deze mogelijke economische consequentie. Piket, verbaasd over het gelegde verband: “Ik ben nooit echt met de financiële kant van het schaken bezig. Ik heb het thuis altijd goed gehad en ben vrij jong geld gaan verdienen. We hebben toch allebei onze naam in het buitenland gevestigd. Het lijkt me belangrijker dat ik mijn rating weer eens opvijzel. Ik denk dat in het buitenland meer naar die cijfers gekeken wordt dan naar deze 6-4.”

Timman leek het niet anders te zien. “Daar heb ik niet zo duidelijk over nagedacht. Ik moet eerst maar zien dat ik al die Elo-punten weer terugkrijg. Dan kun je pas weer over je marktwaarde gaan spreken. Mijn wens is een Elo van 2.700. Daarvoor zal ik nog een reeks goede resultaten moeten behalen. Als me dat lukt en Jeroen doet hetzelfde, hoeven we ook niet meer over die rivaliteit te praten.”

    • Dirk Jan ten Geuzendam