TIEN JAAR BASISSCHOOL

Henk Stroeve (42) geeft sinds augustus les aan de groepen 7 en 8 op de Vinckhuijsenschool (118 leerlingen) in Graft-De Rijp. Daarvoor was hij tien jaar directeur-leraar op basisschool de Baecken in Marken-Binnen.

“Halverwege augustus kwam ik terug van vakantie, nam de post door en las dat mijn school was opgeheven. De leerlingen waren overgeplaatst naar West-Knollendam. Zelf bleek ik een week later te moeten beginnen op basisschool De Vinckhuijsen, in het naburige dorp De Rijp.

Het gebouw van mijn oude school stond er nog, met alle spullen erin. Toen heb ik B&W gevraagd of ik een week 'vrij' mocht hebben om De Baecken op te ruimen. Alles was eigendom van het openbaar onderwijs zodat andere scholen de overgebleven spullen konden krijgen. Ik ging naar Marken-Binnen en heb alles ingepakt. Daarbij moest ik ook de gymzaal opruimen, die ook door plaatselijke sportverenigingen was gebruikt. Op een gegeven moment ging als een tam-tam door het dorp: 'Henk is de sportzaal aan het leegroven, hij is zijn auto aan het volladen, wat is er aan de hand?' Met die vraag ging men naar de gemeente. Men had het beter even aan mij kunnen vragen. Ik bracht alleen maar wat ballen naar mijn nieuwe school De Vinckhuijsen, omdat ik wist dat ze er daar te weinig hadden.

Al in 1993 ontstonden er op De Baecken plannen om te fuseren met De Vinckhuijsen. In dat jaar waren wij door de gemeentelijke herindeling bij Graft-De Rijp in plaats van de gemeente Uitgeest gekomen. Hierdoor konden we niet langer volstaan met minimaal 23 leerlingen maar moesten wij er - volgens het principe van de schaalvergroting - 84 hebben. Anders zouden we worden opgeheven. De reddingsmogelijkheid was: fuseren. De Baecken zou een nevenvestiging worden van De Vinckhuysen.

De gemeente huurde mensen in om ons te begeleiden bij het fusie-proces. De sfeer tussen de lerarenteams van de twee scholen was buitengewoon goed en na een jaar lang intensief vergaderen waren we klaar om per 1 augustus 1994 te gaan fuseren. Maar in mei 1994 hoorden we ineens van het ministerie van onderwijs dat de fusieplannen niet konden doorgaan omdat er - hemelsbreed gemeten - in Oost-Knollendam een school stond die dichter bij ons lag dan De Vinckhuijsen. Daarmee moesten we fuseren. Maar dat kon niet omdat die school al een keer gefuseerd was, en een tweede keer was niet mogelijk. Bovendien was het al te laat om zo'n fusie nog voor het volgende schooljaar te realiseren. Daarmee waren alle fusieplannen weer van de baan. Besloten werd dat De Baecken nog twee jaar mocht doorgaan, maar dat wij zouden worden opgeheven per 1 augustus 1996 omdat we niet aan het vereiste aantal kinderen voldeden. We begonnen dus weer aan een nieuw schooljaar. Maar omdat die dreiging van opheffing duidelijk boven ons hoofd hing, gingen de ouders toch kiezen. 'Wat zal ik doen? Stuur ik mijn kind nog van de kleuterklas naar de middenbouw, of zal ik meteen naar een andere school gaan?' Het werd rommelig en er ontstond een sneeuwbaleffect. In de loop van het schooljaar '94-'95 bleven er zo weinig kinderen over dat we onszelf afvroegen: is het nog wel verantwoord om les te geven? In sommige groepen zat één kind, groepen 5 en 6 bestonden helemaal niet meer. Vlak voor de laatste zomervakantie zaten wij nog met 4 kleutertjes op de hele school.

Het was twijfelachtig of de school nog een jaar kon doorgaan. Ouders kwamen elke dag bij me vragen: 'Henk, hoe staat het ervoor, weet je al wat?' Elke keer moest ik weer zeggen 'Nee, ik weet niets', tot op de laatste lesdag voor de vakantie.

In de eerste week van mijn vakantie, vlak voordat ik op reis ging, kreeg ik vervolgens van de gemeente te horen: 'We zijn bezig met een fusie met de Vinckhuysen.' Daar snapte ik niets van. Zelf waren we anderhalf jaar bezig geweest met die fusie, waarvan een jaar heel intensief. En nu waren we nergens in gekend en kon er zonder vergaderingen gewoon gefuseerd worden. Ik dacht: 'Veel succes.' Ik zag het niet één, twee, drie gebeuren. Het was al een keer afgeblazen en bovendien zouden we op dat moment niet kunnen voldoen aan de eis dat je je spullen voor een bepaalde datum moest inleveren. Maar toen ik terugkwam van vakantie waren we toch gefuseerd. Dat bleek te kunnen mits De Baecken meteen werd opgeheven.

Ik vind het jammer voor het dorp, dat slechts zo'n driehonderd inwoners heeft. Want de verdwijning van zo'n schooltje betekent vergrijzing. Veel mensen kopen hun huis omdat ze weten dat er een school in de buurt is. Nu hoor je dorpelingen klagen dat het zo stil is. 'Ik hoor en zie geen kinderen meer spelen.' Het is ongelooflijk dat een dorp als Marken-Binnen, waar meer dan 80 kinderen rondlopen, het niet voor elkaar heeft kunnen krijgen een nevenvestiging te behouden van De Vinckhuysen. Dat is te triest voor woorden.''

'De verdwijning van zo'n schooltje betekent vergrijzing - veel mensen kopen een huis omdat ze weten dat er een school in de buurt is'