Premier Dini blijft geloven in deelname Italië aan muntunie

ROME, 5 OKT. De Italiaanse premier Lamberto Dini is ervan overtuigd dat Italië zijn overheidsfinanciën voldoende op orde kan brengen om te kunnen toetreden tot de Economische en Monetaire Unie (EMU), hoewel hierbij ook in eigen land steeds meer vraagtekens worden gezet.

“Wie uitgaat van het onvermogen van Italië om binnen de termijn voor deelname aan de Europese munt zijn overheidsfinanciën op orde te brengen, vergist zich,” zei Dini tijdens de begrotingsbehandeling in de senaat. “Ik voeg daaraan toe dat Italië niet zonder Europa kan, maar dat ook het omgekeerde waar is.”

In zijn toespraak noemde hij geen termijn voor heropname van de lire in het wisselkoerssysteem van het Europese Monetaire Stelsel (EMS). Dini, afkomstig van de Italiaanse centrale bank, wil daar haast mee maken, maar zijn vroegere collega's hebben gewaarschuwd dat meer bezuinigingen nodig zijn en dat het rampzalig zou zijn als de lire na herintreding snel weer uit het EMS zou worden gedrukt.

Gianni Agnelli, als president van het autobedrijf Fiat de invloedrijkste ondernemer van het land, waarschuwde gisteren tegen overijlde stappen. “Ik zou niet zo gehaast zijn om de lire weer in het EMS te brengen,” zei Agnelli op een congres in Rome. Het is volgens hem evenmin een drama als Italië niet deelneemt aan de eerste fase van de Europese Monetaire Unie, die in 1999 moet beginnen. “We hopen allemaal 1999 te halen. Maar als het zo moet zijn dat Duitsland, Frankrijk en de Benelux de eerste stap zetten, is het niet gezegd dat we ons niet op een later tijdstip bij hen kunnen voegen.” Agnelli is tegen uitstel van de begindatum, omdat hierdoor de druk op overheden om te saneren, zou verminderen.

Een van de scenario's is deelname aan de EMU van buiten af. Italië zou de lire koppelen aan de Europese munt en alle directieven van de Europese bank opvolgen, maar daarin niet zijn vertegenwoordigd. Een suggestie in deze richting is gedaan door Daniel Gros, werkzaam bij het onafhankelijke economische studiecentrum CEPS in Brussel. In Italiaanse commentaren is hiertegen als bezwaar aangevoerd dat Rome zijn financieel-monetaire beleid volledig uit handen zou geven.

In zijn senaat zei Dini dinsdag dat dit jaar een keerpunt is voor de Italiaanse overheidsfinanciën, omdat de verhouding tussen staatsschuld en bruto binnenlands produkt begint te dalen. Vorig jaar was het tekort nog 9,5 procent. Dit jaar moet het dalen naar 7,4 procent, al heeft hij niet uitgesloten dat daarvoor in december nog een kleine extra bezuinigingsoperatie nodig is. Volgend jaar moet het tekort onder de zes procent dalen. Het criterium voor toetreding tot de EMU is drie procent in 1997.

In de Word Economic Outlook die het Internationaal Monetair Fonds gisteren publiceerde, zijn deze cijfers iets hoger: 7,7 procent voor dit jaar en 6,5 procent voor volgend jaar. Het IMF blijft Italië als een zorgenkind zien. Een niet met name genoemde functionaris van het fonds gaf tegenover Il Sole 24 Ore van maandag een positief oordeel over de nieuwe begroting, die op veel kritiek is gestuit van de werkgevers, maar gaf toe dat hij het document nog niet goed had kunnen bekijken. Bij de verdere verspreiding van dit bericht in Italië en daarbuiten is die laatste nuance verloren gegaan. Dezelfde krant citeert vanmorgen Michael Mussa, die aan het hoofd staat van de IMF-economen en een aantal twijfels heeft. “De zorg blijft bestaan dat veel maatregelen geen blijven effect hebben op de openbare rekening,” zei Mussa. “Daarom blijven de rentestanden op de financiële markten hoog ten opzichte van de Europese, en vijf procentpunten boven de Duitse.”

Mussa onderstreepte dat, ook als de cijfers wat positiever zouden zijn, de kern van het probleem politiek is. Pas als er garanties komen voor politieke stabiliteit zullen de markten weer vertrouwen krijgen in Italië Er bestaat nu nog teveel onzekerheid over de vraag of de genomen maatregelen wel worden doorgezet of klem komen te zitten in de felle politieke strijd. Het zakenkabinet van Dini heeft gisteren in de senaat het groene licht gekregen van de partijen die het steunen (links plus de federalistische Lega Nord) om nog een paar maanden door te gaan. Maar vrijwel tegelijkertijd gingen in de Kamer van Afgevaardigden parlementariërs met elkaar op de vuist. De signalen vanuit Italië zijn nog steeds gemengd.