Parochianen willen dat de pater blijft

OEGSTGEEST, 5 OKT. Ruim 2.100 mensen onder wie meer dan 1.600 parochianen uit Oegstgeest hebben een verklaring ondertekend waarin zij bisschop A. van Luyn van Rotterdam vragen pater F. Vervooren niet te ontheffen uit zijn functie van pastor van de Willibrord-parochie. Dit heeft het Comité verontruste parochianen H. Willibrord Oegstgeest bekendgemaakt.

Bisschop Van Luyn wil Vervooren niet langer in Oegstgeest handhaven omdat de eenheid in de parochie gevaar loopt, aldus een woordvoerder van het bisdom. “Die eenheid staat onder druk.” Van Luyn heeft Vervooren per brief gevraagd zijn medewerking te verlenen aan het ontslag dat hem per 15 januari zou worden verleend. Bemiddelingspogingen door Van Luyn en zijn beide vicarissen-generaal zijn mislukt. Vervooren zelf weigert aan zijn ontslag mee te werken omdat de logica hem ontgaat. In een gesprek met Trouw beschuldigt Vervooren het bisdom van “psychoterreur”. Hij noemt de wijze waarop het hem tracht weg te werken “respectloos, vies en getuigend van mafiapraktijken”.

De 39-jarige Vervooren, die behoort tot de Orde der Ongeschoeide Karmelieten, kwam in januari 1993 als pastor naar Oegstgeest. Kort daarop ontstonden de eerste moeilijkheden met een minderheid in de 7.000 katholieken tellende parochie. Deze minderheid was actief in twee kerkelijke werkgroepen. De ene werkgroep gezinsliturgie kreeg ruzie met Vervooren omdat hij weigerde mee te werken aan plannen voor liturgische vernieuwing.

“Ik moest van hen als een zwerver naast de doopvont gaan zitten”, aldus Vervooren. De andere werkgroep, die het contact met parochianen onderhoudt, kreeg ruzie omdat Vervooren weigerde een adreslijst te overhandigen van alle ernstig zieken in de parochie. Vervooren: “Ik heb me beroepen op mijn ambtsgeheim. Zij wilden alle ernstig zieken een bloemetje brengen, maar ik weet dat niet iedere zieke daar op gesteld is.”

Na Vervoorens benoeming in augustus 1994 tot administrator, dat wil zeggen tijdelijk pastoor van de parochie, bleek een meerderheid van het parochiebestuur niet met hem samen te willen werken. Het bestuur viel in januari dit jaar uiteen. In maart werd in plaats van Vervooren deken L. Banning van het dekenaat Den Haag benoemd. Op diens advies besloot het bisdom Vervooren uit zijn functie te ontheffen.

Het Comité verontruste parochianen H. Willibrord Oegstgeest noemt de redenen voor het ontslag “weinig overtuigend”. Volgens de parochianen wordt Vervooren vanaf zijn aanstelling in 1993 door de overgrote meerderheid van de parochie “zeer gewaardeerd”. Het comité wijst erop dat deken Banning voor zijn advies aan het bisdom alleen een klein aantal parochianen heeft geconsulteerd, “van wie bekend was dat zij pater Vervooren niet welgezind zijn”.

In een preek heeft de vier jaar geleden tot priester gewijde Vervooren zich onlangs indirect tegen zijn gedwongen aftreden gekeerd door te zeggen dat voor hem de kern van van de bijbelse boodschap de “geestelijke vrijheid” is. Een van de parochianen bleek dit aan het bisdom te hebben gemeld. Vervooren heeft in Rotterdam met bisschop Van Luyn verschillende gesprekken gevoerd waarbij de klachten uit de parochie hem werden voorgehouden. De karmeliet is verontwaardigd dat het bisdom zich door een klagende minderheid heeft laten leiden bij de beslissing hem niet te handhaven.

Vervooren: “De klachten worden gehonoreerd. Ik moet mij verweren. Je zou verwachten dat een bisdom in zulke gevallen achter de priester gaat staan. Dat gebeurt niet. Bisschop Van Luyn noemt zichzelf een man van de dialoog. Maar zolang ik geen argumenten krijg waarom ik moet vertrekken, kan er geen dialoog plaatsvinden.”

    • Arjen Schreuder