Helft Lets parlement bestaat uit extremisten

De Letten hebben zich bij de parlementsverkiezingen van zaterdag en zondag een onding op de hals gehaald: een parlement waarin linkse en rechtse extremisten bijna de helft van de zetels bezetten en waarin geen werkbare meerderheidscoalitie te vormen is. Welke weg Letland inslaat - instabiliteit? extremisme? democratie? - is voorlopig onduidelijk. Duidelijk is wel dat de samenstelling van het parlement borg staat voor hindernissen op 'de weg naar Europa' en dat het er voor de omvangrijke Russische minderheid in Letland somber uitziet.

De Letten hebben in de verkiezingen hun boosheid, hun teleurstelling en hun frustratie over de politieke onmacht van de centrumpartijen en over de economische malaise tot uiting gebracht. Meer dan de helft van de kiezers kwam niet opdagen. Van diegenen die wel kwamen opdagen, stemde bijna de helft op uitgesproken extremistische partijen.

Extreem-links veroverde veertien van de honderd zetels in de nieuwe Saeima. De communisten van Alfreds Rubiks - wiens aanhangers onlangs dreigden met geweld tegen “de kruipers van het fascisme, hun SS-divies en hun Gestapo-cellen”, dat wil zeggen: de regerende partijen - kregen zes zetels, die van Alfred Kauls eindigden op acht zetels.

De malaisestemming speelde ook de wat minder extremistische ex-communisten, verenigd in de Democratische Partij Saimnieks, in de kaart: deze nomenklatoera-partij, geleid door een Ziedonis Cevers, een ex-leider van de communistische jeugdbond in Riga die rijk is geworden dankzij een louche bewakingsfirma en die zich graag op de schietbaan laat filmen, werd met 15,34 procent van de stemmen en achttien zetels zelfs de grootste partij in de nieuwe Saeima.

Nog onthutsender was de winst van extreem-rechts, dat in de Saeima met dertig zetels is vertegenwoordigd. Daarvan vallen er veertien toe aan de partij Vaderland en Vrijheid (TB), die in het oude parlement slechts zes zetels had, en zestien aan de Volksbeweging voor Letland van de Duits-Letse neo-nazi Joachim Siegerist. Voeg daarbij de vijftien zetels voor de extreem-nationalistische Letse Nationale Onafhankelijkheidsbeweging LNNK, die slechts weinig respectabeler is dan de twee voornoemde radicale bewegingen, en de ultra-nationalisten hebben zelfs 38 zetels.

Vooral de zege van Siegerist is onrustbarend. De Duitser is in de Bondsrepubliek wegens aanzetten tot rassenhaat veroordeeld tot anderhalf jaar gevangenisstraf. Hij werd eerder wegens zijn racisme uit de parlementsfractie van de LNNK uitgesloten - wat heel wat wil zeggen - en hij werd ook uit het parlement gezet omdat hij er maar zelden kwam opdagen. Siegerist, die slechts zeer gebrekkig Lets spreekt en steeds een tolk nodig heeft, heeft handig ingespeeld op de frustraties bij de Letse bevolking, vooral over de economische malaise, de werkloosheid, de criminaliteit, de groeiende klof tussen arm en rijk en de onzekerheden in het dagelijks bestaan. Die kwamen eerder dit jaar - om maar een voorbeeld te noemen - tot uiting in een bankcrisis, waarbij tien banken failliet gingen, waaronder de grootste van het hele Balticum, en 180.000 mensen hun spaarcentjes verloren. Waar gepensioneerden met 32 lat (60 dollar) per maand moeten rondkomen - en daar niet in slagen - deden de gratis soep, bananen, medicamenten en kleding die Siegerists partij in haar gaarkeukens en distributiecentra onder 40.000 arme Letten uitdeelde, het goed.

Het gematigde midden - de Boerenunie van president Guntis Ulmanis, de Partij van Nationale Harmonie van ex-minister van buitenlandse zaken Janis Jurkans en de tot nu toe regerende Letse Weg van premier Valdis Birkavs - verdwenen naar de marge. De Boerenunie werd met zeven zetels gehalveerd en Jurkans' partij haalde maar net de kiesdrempel. Letse Weg bracht het er nog het best van af: ze werd de derde partij van het land, na Saimnieks en de neo-fascisten van Siegerist. Maar ze verloor wel negentien van haar 36 zetels, meer dan de helft.

De samenstelling van het nieuwe parlement maakt de vorming van een werkbare meerderheidsregering onmogelijk. Met Siegerists Volksbeweging en met de ex-communisten van Saimnieks wil niemand regeren. President Ulmanis' hoop, een midden-rechtse coalitie te vormen (Letse Weg, LNNK, Boerenunie en Nationale Harmonie) is de bodem ingeslagen, omdat die vier partijen maar op 38 zetels uitkomen. Het beste waarop nu kan worden gehoopt is een minderheidsregering van Letse Weg, die zou moeten worden gedoogd door de drie andere partijen èn door Saimnieks.

Dat is een moeizame constellatie, die weinig goeds belooft voor de stabiliteit van zo'n toekomstige regering en die ook weinig hoop biedt aan de omvangrijke niet-Letse minderheid. Die heeft het toch al moeilijk. De niet-Letten maken 54,2 procent van de bevolking uit. Letland heeft beloofd hun op termijn het Letse staatsburgerschap te geven, maar doet in de praktijk alles om het de Russen, Oekraïeners en Witrussen zo moeilijk mogelijk te maken. Waar Litouwen de minderheden soepel het Litouwse staatsburgerschap gaf en Estland inmiddels al meer dan tienduizend niet-Esten het Estse staatsburgerschap heeft gegeven, liggen de Letten dwars: sinds in februari met het 'inburgeringsporoces' werd begonnen hebben welgeteld 103 Russen het Letse staatsburgerschap gekregen. Eind dit jaar zullen dat er 431 zijn - van de 750.000 die er in Letland wonen.

Het is vooral de LNNK die het proces vertraagt: zij geldt als de Hochburg van het anti-Russische ressentiment en het belangrijkste struikelblok voor de integratie van de niet-Letse minderheid en haar aanhangers domineren de immigratiedienst. De winst van Siegerists nog veel extremistischer Volksbeweging voor Letland kan de spanningen tussen Letten en niet-Letten nog verder opdrijven - en dat is potentieel zeer gevaarlijk.

    • Peter Michielsen