Garantie voor een perfecte pantoufflage

De Ecole Nationale d'Administration, broedplaats van de Franse elite, bestaat 50 jaar. 'Als je lot je naar de hoogste functies voert, kan je dan zeggen dat er een maffia is die Frankrijk regeert?'

'Kan men oud-leerling van de ENA zijn en schrijver tegelijk?' Het behoudende Franse dagblad Le Figaro onthield zich met deze kopregel van de modieuze kritiek die dé hogere opleidings-school-voor-wie-meetelt-in-Parijs de schuld geeft van alles wat fout zit in Frankrijk. De literaire benadering bood uitkomst. Nee, veel schrijvers komen er niet vandaan, maar er zijn gevallen bekend.

De ENA is meer dan een leergang waar de aanstaande ambassadeur te Abidjan en de prefect van de Alpes-Maritimes worden klaargestoomd. Het is de school waar de vroegere socialistische premier Michel Rocard de huidige gaullistische president Chirac leerde kennen. Voor het leven. Het is vooral één van die rode draden door Frankrijk. De pas vijftig jaar oude ENA is de monumentendienst van Frankrijks jacobijnse, meritocratische traditie. Van Robespierre tot Napoleon tot Alain Juppé in een rechte lijn met het staatsbelang als harde kern.

Raymond-François Le Bris zit in een trui, zijn rug naar een meer dan manshoge wereldkaart, uitzicht op een beeldschone Parijse binnentuin. Die ontvangst lijkt symbolisch in meer dan één opzicht. De Franse elite jubileert deze week door gewoon te doen en zich open te stellen voor kritiek. Tevredenheid en zelftwijfel strijden desondanks om de voorrang.

De Ecole Nationale d'Administration is twee jaar geleden tegen haar zin verhuisd naar een voormalige vrouwengevangenis in Straatsburg en wil zich moderniseren, meer richten op Europa, ja zelfs de wereld. Een trui is van oudsher geen attribuut van een Franse topambtenaar. De nieuwe directeur van het hoogst selectieve hoge druk-college voor de toppen van overheid en - ondanks de doelstellingen - het bedrijfsleven, wil kennelijk het stoffige, formele imago van de ENA opfrissen.

Maar oude voorkeuren hebben een hardnekkig leven. Na een beschaafd protest tegen het verhuizingsdecreet van premier Cresson, kreeg het neusje van de zalm in het toegepast Franse hoger onderwijs het voor elkaar dat de oude zetel aan de Rue de l'Université in Parijs ook gehandhaafd mocht blijven. Nu pendelt de ENA over een afstand van 500 kilometer heen en weer naar zichzelf. Op zoek naar een doel dat een volgende halve eeuw geldig kan blijven.

Frankrijks grote generaal, Charles de Gaulle, vaardigde op 9 december 1945 de ordonnantie uit die deze opleiding voor hogere ambtenaren instelde. De leerlingen moesten door middel van een vergelijkend toelatingsexamen worden gerecruteerd uit twee categorieën: jong talent vers van school èn een paar jaar gevorderde, veelbelovende ambtenaren. De 'classes préparatoires' van twee of drie jaar vòòr men enige kans heeft het toelatingsexamen te halen, vormen het zwaarste wat men academisch in Frankrijk kan doen. Jaarlijks worden ongeveer honderd van de duizend kandidaten aangenomen.

Doel van de opleiding is een algemene klasse van topambtenaren kweken die in de overheidsdienst waarden van onpartijdigheid, excellentie, veelzijdigheid, voorbeeldigheid, bekwaamheid en gevoel voor gelijkwaardigheid van de burgers kunnen belichamen. De hoogste niet-politieke dienaren van de staat als waarborg van het algemeen belang.

Juist daar richt de steeds luidere kritiek zich de laatste jaren op. De ENA zou louter toelatingspoort zijn voor een exclusieve club van vriendjes en een 20 procent vriendinnetjes (onder wie Delors' politiek veelbelovende dochter Martine Aubry en de burgemeester van Straatsburg Catherine Trautmann). Wie lid is, zegt de kritiek, is voor het leven verzekerd van een goed betaalde baan bij de overheid, in de politiek en het bedrijfsleven. Bijna iedereen die in Frankrijk aan touwtjes trekt is oud-leerling. Die elite houdt vooral zich zelf in stand en is bestand tegen iedere vernieuwing die aan die macht afbreuk doet. De belangrijkste heraut van deze kritiek op de insiders-cultuur in de hoogste regionen van de Franse overheid was eerder dit jaar de kansloos lijkende presidents-kandidaat Jacques Chirac, ook oud-leerling van de ENA - evenals zijn huidige premier Juppé, en diens voorgangers zoals Balladur, Fabius en veel leden van hun ministeriële kabinetten. Valéry Giscard d'Estaing was tijdens zijn presidentschap ('74-'81) kampioen van het vooruitgangsgeloof van de 'technostructure', zoals de critici deze bureaucratische eredivisie snerend aanduiden.

Vriendjespolitiek

ENA-directeur Le Bris haalt zijn schouders op over de kritiek van modernisering belemmerende vriendjespolitiek, die in vooraanstaande dag- en weekbladen een echo heeft gekregen: 'Chirac heeft de ENA nooit met name genoemd, al heeft hij haar wel op het oog gehad. Het is waar, de ENA leidt technocraten op. Dat wilde De Gaulle ook. Sindsdien is de opleiding natuurlijk aangepast, misschien niet genoeg. Het imago van alleswetende topambtenaren is ons vooruit gesneld. De ENA heeft onvoldoende de consequenties getrokken uit de gewijzigde politieke omstandigheden. Oud-leerlingen zouden de praktijk niet kennen. Wij doen er met ook buitenlandse stages en praktijkdocentschappen alles aan om dat te voorkomen.

'Vanzelfsprekend ontstaan er vriendschapbanden tussen ENA-leerlingen, die drie jaar intensief met elkaar optrekken. Dat geldt even zeer voor rechts als voor links georiënteerde enarken. Het is een opleidingsinstituut. Ieder staat het vrij in zijn verdere leven zijn eigen bestemming te volgen. Als je lot je naar de hoogste functies voert, en dat overkomt andere oud-leerlingen ook, kan je dan zeggen dat er een maffia van enarken is die Frankrijk regeert?'

Het mag lucratief zijn de ENA te hebben afgelopen, geld is niet het middel om er binnen te komen. Wie er wordt aangenomen betaalt geen collegegeld, maar ontvangt 27 maanden een salaris van 10.000 franc (3250 gulden) plus enkele faciliteiten. De enige wederverplichting is dat men na afloop tien jaar in overheidsdienst moet blijven. De grenzen van de overheid zijn niet eenvoudig vast te stellen, gezien de vele ongelijksoortige instellingen en bedrijven onder dominante staatsinvloed. Renault, nog voor de meerderheid in staatshanden, wordt in dit verband bij voorbeeld niet meer als overheid beschouwd. (Zijn president-directeur Schweitzer is overigens wel een enark, oud-directeur de cabinet van premier Fabius.)

Wie de belofte van tien jaar overheidsdienst breekt moet het genoten studie-loon plus een bijdrage in de studiekosten terugbetalen. Die rekening loopt op tot 5 à 600.000 franc (tegen de twee ton). Het komt in de praktijk weinig voor. Het is veel te aantrekkelijk eerst contacten op te bouwen binnen verschillende overheidsdiensten. Als men dan later op een ministerie, in het parlement of bij Elf Aquitaine, Crédit Lyonnais of andere grote bedrijven zit, met tientallen andere enarken om zich heen, dan is het des te makkelijker een mede-oud-leerling binnen de administratie te bellen.

Directeur Le Bris (voormalig directeur van de Internationale Kamer van Koophandel, geen oud-leerling) is streng over 'pantoufflage', het zacht landen in lucratieve commerciële banen na genoten ENA- en overheids-ervaring. 'Pantoufflage moet verboden worden. Het op die manier te gelde maken van persoonlijke relaties uit de overheidsdienst kan niet door de beugel.'

De ENA-voorman is even onverbiddelijk over de juistheid van de recente wetten die de financiële verwevenheid tussen het bedrijfsleven en politieke partijen aan banden leggen - bij de politieke corruptie-schandalen van de laatste jaren ging het niet zelden ook om leden van het oud-leerlingen-netwerk. 'Maar het feit dat men 27 maanden op de zelfde school zit, geeft dat automatisch het recht van medeplichtigheid te spreken? Dat gaat me echt te ver.'

In Frankrijk wordt op het ogenblik veel kritiek geleverd op de eenvormigheid van denken ('la pensée unique') die de politiek doodslaat. Ook daar zou de opleiding van de Franse elite, en dus de ENA, toe bijdragen. Le Bris: 'Het hele onderwijs is er hier op gericht duidelijk te maken dat er niet één oplossing is voor een probleem. Ik heb gezorgd dat bij toelatings- en eindexamen in de jury allerlei mensen van buiten zitten, ook journalisten en ondernemers. Bovendien, er komen zeer verschillende, vaak al gerijpte leerlingen, ieder jaar ook dertig uit het buitenland. Die laten zich niet vermalen, die hebben zeer uiteenlopend onderwijs achter de rug. De maatschappij stelt ook nieuwe vragen. Nu zal het vaker over milieu en maatschappelijke tweedeling gaan dan een paar jaar geleden. Dit kàn geen fabriek van eenheidsdenkers zijn. Het is eerder een smeltkroes dan een gehaktmolen.'

De critici, bijna altijd oud-leerlingen, meestal anoniem, zijn niet overtuigd. 'Het is de school van de lafheid, van het 'hoe', nooit van het 'waarom''. En: 'De ENA is de school voor de reproduktie van het systeem.' Dat is overigens geen meerderheidsvisie bij oud-leerlingen. Een enquête onder de nog levenden der 5327 enarken wijst vooral op trots en tevredenheid. Opvallend zijn een sterke hang naar handhaving van normen, gericht op een belangeloze publieke dienst-mentaliteit, ondanks de 'pantoufflages' van de geld-jaren tachtig. Ook al zijn negen huidige ministers, 40 Kamerleden en 225 captains of industry oud-leerlingen van de ENA, een ruime meerderheid van de ondervraagden pleit bovendien tegen vermenging van politiek en top-ambtenarij.

De conclusie van de oud-leerlingen is duidelijk: terug naar De Gaulle's idee van een ambtelijke opper-dienst, zonder alle uitgedijde privileges. Een verrassend vrome wens gezien de geruchtmakende rechtszaken van de laatste jaren waarin ENA-leerlingen hoofdrollen vervullen. Trappisten in de voorhoede van de geheelonthouders-beweging.