Banken moeten ook voorgenomen ongebruikelijke transacties melden

ROTTERDAM, 5 OKT. De lijst met indicatoren voor de melding van ongebruikelijke financiële transacties, zoals het witwassen van crimineel geld, is uitgebreid. De belangrijkste aanpassing is dat niet alleen uitgevoerde verdachte transacties moeten worden aangemeld, maar ook voorgenomen zaken. Daarbij gaat het onder meer om transacties in contanten met een waarde van 25.000 gulden of meer.

De ministeries van justitie en financiën, die verantwoordelijk zijn voor de indicatorenlijst, hebben tot wijziging van de lijst besloten naar aanleiding van de eerste ervaringen in de praktijk met de meldingen.

Het is de eerste keer dat de lijst wordt aangepast. De lijst omvat vijf bijlagen voor de meldingsplichtige banken, verzekeraars, effectenmakelaars, credit card-maatschappijen en de Nederlandsche Bank met een uitgebreide opsomming van de kenmerken van ongebruikelijke transacties.

In het eerste jaar heeft het meldpunt ongebruikelijke transacties 18.272 meldingen gekregen, waarvan 2.638 stuks als verdacht aan justitie zijn doorgegeven, zo bleek in augustus uit het eerste jaarverslag van het meldpunt. Die meldingen hebben tot 29 nieuwe politie-onderzoeken geleid.

De indicatoren op de lijst zijn verdeeld in objectieve maatstaven, zoals het bedrag van 25.000 gulden in contanten, waarbij verplichte melding moet plaatsvinden, en een hele serie subjectieve criteria. Deze “zachte aanwijzingen” zijn bijvoorbeeld nerveus gedrag van de klant zonder dat daarvoor een aanwijsbare reden is en het vermoeden dat de klant wordt vergezeld en gecontroleerd door een andere persoon.

Een andere aanpassing van de lijst moet de banken tegemoet komen. De formulering wordt zo aangepast dat zij niet meer hoeven te melden bij vermoeden van witwassen, maar - minder zwaar - wanneer er aanleiding is om te veronderstellen dat de transacties verband kunnen houden met witwassen.