Akkoord bereikt over Haagse stadsprovincie

DEN HAAG, 5 OKT. Vertegenwoordigers van de gemeente Den Haag en de vijftien omliggende gemeenten hebben gisteren in meerderheid ingestemd met het takenpakket van de te vormen stadsprovincie Haaglanden. Met dit besluit is een belangrijke stap gezet op weg naar de vorming van de stadsprovincie per 1 januari 1998.

Van de leden van het algemeen bestuur van Haaglanden, bestaande uit vertegenwoordigers van de politieke partijen uit de verschillende gemeenten, stemden vannacht na een zeven uur durende vergadering 53 personen voor en 15 personen tegen het takenpakket van de stadsprovincie zoals dat is verwoord in de nota 'De instrumenten'. Tegen stemden de vertegenwoordigers uit Naaldwijk, Wassenaar en Voorburg. Ook het merendeel van de vertegenwoordigers uit Rijswijk ging niet akkoord.

Vertegenwoordigers van kleinere gemeenten vrezen te veel macht en arrogantie van Den Haag, dat ook te veel van de gelden zou opeisen. Met name Naaldwijk en Wassenaar hebben grote bezwaren tegen de stadsprovincie Haaglanden.

Het algemeen bestuur diende twee moties op de nota in. De eerste motie draagt het dagelijks bestuur van Haaglanden op een onderzoek in te stellen naar de binnen- en buitengrenzen van het gebied en daarover voor 1 april volgend jaar ter rapporteren. De tweede motie draagt het dagelijks bestuur op een onderzoek in te stellen naar de mogelijkheid van de toekomstige stadsprovincie om onroerende-zaakbelasting (OZB) te gaan heffen. Een motie over toekenning van actief en passief kiesrecht voor de stadsprovincie aan niet-Nederlanders werd verworpen, omdat een meerderheid dit een kwestie voor de Tweede Kamer vindt.

De plaatsen die in het gebied van Haaglanden liggen zijn Den Haag, Wassenaar, Naaldwijk, Delft, 's Gravenzande, Leidschendam, De Lier, Maasland, Monster, Nootdorp, Pijnacker, Rijswijk, Schipluiden, Voorburg, Wateringen en Zoetermeer.