Labour gruwt van Blair, maar draagt hem wel op handen

BRIGHTON, 4 OKT. Ze gruwen van alles wat hij uitstraalt: van zijn kostschoolhouding, zijn juristentaal, zijn domineestoon.

En misschien nog wel het meest van de presidentiële air die hij aanneemt. Maar ze hebben net wel hun handen stuk geklapt, minutenlang, zonder te pauzeren. Omdat hij de enige is die de Britse Labour-partij na vier achtereenvolgende verkiezingsnederlagen aan een zege kan helpen. Eensgezind sprongen ze gistermiddag op nadat Tony Blair het partijcongres had toegesproken. Ze eerden hun leider als toekomstige premier.

Vijf van de 1500 gedelegeerden op het partijcongres van Labour. Vijf willekeurige partijgenoten: Maria Exall, Alma Elston, Paul Greening, Angela Conforth, Tony McDermott. Nee, ze behoren geen van vijven tot wat in de partijgeschiedenis al is bijgeschreven als het Oude Labour. Geen van vijven zijn ze sympathisanten van Tony Benn en Arthur Scargill, die nog dromen van een socialistisch Groot-Brittannië. Maar dat betekent nog niet dat ze content zijn met de huidige koers van de 'Nieuwe' Labour-partij.

“Welke koers”, vraagt Greening schamper. Hij zegt dat de partij geen kleur durft bekennen. Dat ze de Zuidengelse middenklasse naar de mond praat. Dat ze haar oude aanhang - de arbeidersklasse - in de kou laat staan. “Waarom is Nieuw Labour toch zo royaal met beleidsdocumenten en zo karig met beloften. Mensen willen weten waar de partij voor staat.”

Kritisch kijkt het vijftal ook naar de stijl van leidinggeven van hun voorman. Met bewondering spreken ze over de daadkracht waarmee hij sinds zijn aantreden, nog geen zestien maanden geleden, de partij een ingrijpende modernisering heeft opgelegd. Niemand anders had de macht van de bonden en de activisten in zo'n korte tijd kunnen snoeien ten gunste van de gewone leden. Tegelijkertijd maken ze zich zorgen over de macht die hun leider naar zich toe heeft getrokken. Daarbij baseren ze zich op het gekreun dat sinds de zomer uit delen van de Lagerhuisfractie opklinkt. Blair zou de partijdemocratie met zijn solistisch optreden buitenspel zetten. Blair zou zelfs zijn rechterhand John Prescott passeren. Het beleid zou grotendeels bepaald worden door een kleine kliek van adviseurs, die door niemand wordt gecontroleerd en die aan niemand verantwoording schuldig is. Hoe nietsontziend de partijleiding omgaat met haar politieke tegenstanders, heeft het vijftal gistermorgen nog aanschouwd. Al enige tijd houdt een rel rond het aspirant-parlementslid Liz Davies de gemoederen binnen Labour bezig. Die links-radicale advocate was door het kiesdistrict Leeds noord-oost als kandidate voor het Lagerhuis naar voren geschoven.

Pagina 6: Alle bezwaren opzij voor de daadkracht van Blair

Maar het partijbestuur weigerde die kandidatuur te accepteren, omdat ze tijdens de selectieprocedure vitale informatie zou hebben achtergehouden en een onbetrouwbaar parlementslid zou zijn.

Dertien resoluties waren er ingediend om aan die kwestie tijdens het partijcongres een spoeddebat te wijden. Het recht van een partij-afdeling om haar eigen kandidaat te kiezen, stond op het spel. Maar uiteindelijk kreeg de vertegenwoordigster van Leeds noord-oost niet meer dan drie minuten voor een pleidooi om de beslissing van het partijbestuur weer ongedaan te maken. Zo vroeg in de morgen dat veel gedelegeerden nog niet eens hun plaats hadden ingenomen en de BBC nog niet met haar dagelijkse life-programma was begonnen.

Vervolgens veegde Clare Short als vertegenwoordigter van het partijbestuur de vloer aan met Liz Davies. Had ze niet in de redactieraad van het links-militante Labour Briefing gezeten, dat smerige, kwaadaardige blaadje dat zich over prominente Labour-vertegenwoordigers vernietigender uitliet dan welk conservatief boulevardblad dan ook? Had militant links de partij in de loop der jaren al niet meer dan genoeg kwaad gedaan? Als Trotskiste was Liz Davies er alleen op uit om de partij van binnenuit te ondermijnen.

Niet zonder schaamte steunde het vijftal het partijbestuur. Zoals Alma Elston verklaarde: “We kunnen ons geen verdeeldheid permitteren. De Conservatieven kunnen de verkiezingen niet meer winnen. Maar wij kunnen de verkiezingen wel verliezen. Als we niet in staat zijn om het hoofd koel te houden. Als we ons vermeien in interne strijd.”

Het partijcongres stemt deze week in met alles dat het partijbestuur voorstelt. Vindt het partijbestuur het niet verstandig om al in dit stadium de hoogte van een minimumloon vast te stellen, zoals de bonden graag willen, dan vinden de gedelegeerden dat ook. Volgens Bruce Anderson, schrijver van een biografie over John Major, zou Blair kunnen pleiten voor afschaffing van de successierechten en invoering van de doodsstraf. En het congres zou juichen: 'prima Tony, zolang je maar wint'.

Blair is zelf steeds de eerste die waarschuwt dat een Labour-zege bij de volgende verkiezingen nog lang niet vaststaat. Volgens de laatste opiniepeilingen krijgt Labour 54 procent van de stemmen, de Conservatieven mogen rekenen op een kwart van de kiezers. Maar dat zijn alleen maar enquêtes. Het is 25 jaar geleden dat Labour bij verkiezingen meer dan 40 procent van de stemmen heeft veroverd. Om de macht van de Conservatieven over te nemen is een verschuiving van politieke voorkeur nodig die de laatste vijftig jaar in Groot-Brittannië niet meer is vertoond.

Strijdvaardig heeft Blair zich de afgelopen weken verweerd tegen de critici die hem vaagheid, machtsbelustheid en verraad van principes verwijten. Hij zegt dat die kritiek alleen komt van partijgenoten die verlangen naar het Labour van weleer. “Ik ben politicus, geen psychiater”, verklaarde hij tegenover het zondagsblad The Observer. “Maar als mensen serieus denken dat we aan de macht kunnen komen door de klok tien tot twaalf jaar terug te draaien, hebben ze geen leiding nodig maar therapie.”

“Ik houd van mijn partij. Maar ik heb er een hekel aan om in oppositie te zijn”, zei hij gisteren tot het congres. “Ik ben niet in de politiek gegaan om Labour te veranderen maar om mijn land te veranderen.” En om voor de minder bevoorrechten te kunnen opkomen, zal ik toch eerst aan de macht moeten zijn.” Hij herinnerde eraan dat hij bij zijn aantreden met Bambi, het onervaren, onschuldige hertje werd vergeleken. Met een brede glimlach zei hij dat hij inmiddels voor Stalin wordt uigemaakt. Dat is de prijs die hij wil betalen om Labour aan de regering te helpen, “niet één termijn maar een generatie lang zodat Groot-Brittannië een metamorfose kan ondergaan”. En het vijftal, het hele congres, zette alle bedenkingen weer opzij voor zoveel vastbeslotenheid.

    • Dick Wittenberg