Kuise prostituée zit voor de wasmachine

Voorstelling: Maria Magdalena, van Marguerite Yourcenar, door Kaaitheater/Laagland. Spel: Frieda Pittoors; regie: Peter van Kraaij; vertaling: Frieda Pittoors, Peter van Kraaij, Marianne Van Kerkhoven. Gezien: Toneelschuur, Haarlem. Tournee t/m 27/10. Inl. 0032-2-2015858.

Het is stil in de kleine zaal van de Toneelschuur. Alleen drie wasmachines maken geluid; ze snorren, schakelen, stampen. Een vrouw kijkt roerloos naar de ronddraaiende kleren in het kolkende sop. Dan neemt ze voor de wasmachines plaats en begint te vertellen.

Ze praat over zichzelf en gebruikt daarbij archaïsche woorden. Sluiers heeft ze gedragen en courtisanengewaden; koppelaarsters en priesters kruisten haar pad; farizeeërs, Griekse filosofen en kameeldrijvers begeerden haar. Deze op het oog zo moderne vrouw, gekleed in slobbertrui en -broek, duikt in een persoonlijk verleden dat bijna tweeduizend jaar oud is. Hier, voor haar wasmachines, zit Maria Magdalena, de bijbelse verschijning die zo graag Christus' voeten waste. De Maria Magdalena van actrice Frieda Pittoors heeft meer in haar mars dan alleen maar dienstbaarheid. Hoe kan het ook anders in een tijd waarin opofferende vrouwen totaal passé zijn, vooral in het theater. Daar wil men sterke vrouwen zien.

Sterk maar sensibel, dat is het nieuwe ideaal. Pittoors' creatie komt aardig in de buurt van dat ideaal. Een heftig emotioneel leven heeft haar Maria Magdalena achter de rug; ze heeft hartstocht gekend, verdriet en verlangen, en nooit schreven de conventies haar voor hoe ze zich voelen moest. Ze heeft zich niet door mannen laten vangen maar is zelf achter de mannen aan gegaan. Twee keer werd ze afgewezen, zo gaat dat nu eenmaal wanneer je zelf het initiatief neemt. Die consequenties moet een sterke vrouw aanvaarden.

Wel biologeren ze haar nog steeds, deze mannen die haar niet moesten. De een heette Johannes, de ander God, zoals zij Jezus noemt. Johannes liet haar in de steek om God te volgen: er waren, denkt ze, tussen die twee erotische gevoelens in het spel. God is ook háár grote passie, maar Hij interesseerde zich alleen voor haar geest. Nu is ze oud en alleen.

Pittoors haalde haar monoloog uit de bundel Feux van Marguerite Yourcenar, een schrijfster die zichzelf vreselijk serieus neemt. Maria Magdalena of de verlossing, geschreven in 1936, is een zwaarwichtige prozatekst vol verheven beeldspraak en gedragen zinnen. Ook daar waar het over Maria Magdalena's carrière in de prostitutie gaat blijft de woordkeus kuis en wollig. Frieda Pittoors houdt van dit lyrische proza. Ze neemt de tijd om het goed tot zijn recht te laten komen; de lange pauzes versterken de plechtige sfeer. Soms doorbreekt ze de stilte met geagiteerde passages of gesnik dat ze in de mouw van haar trui tracht te smoren, maar lang duren zulke uitbarstingen nooit.

Wie Yourcenars proza bewondert, geniet waarschijnlijk ook van de voorstelling. Wie zich niet onvoorwaardelijk aan de tekst overgeeft, zal zich een beetje vervelen.

    • Anneriek de Jong