In Bosnië is geen alternatief voor onderhandelen

De toestand in Bosnië lijkt ingewikkeld, innerlijk tegenstrijdig en uitzichtloos. Sommigen menen wellicht dat de tour de force van de NAVO het langverwachte eind aan het conflict heeft bespoedigd, te meer daar de Serviërs aanzienlijke concessies hebben moeten doen en er daardoor een situatie is ontstaan waarin het plan van de Contactgroep ten uitvoer kan worden gelegd.

Echter, het offensief van moslims en Kroaten tegen de Serviërs is niet geluwd en dat brengt mij tot de logische vraag: zullen de moslims en Kroaten, gesterkt door de kennelijke steun die zij van de NAVO ondervinden, genoegen nemen met 51 procent van het grondgebied zoals hun thans door de strategen in Washington wordt aangeboden?

Ongeacht het antwoord zal het moeilijk zijn de oprukkende strijdkrachten tot staan te brengen aan een vooraf getrokken grens. Dit houdt in dat een omgekeerde situatie kan ontstaan. Zal het Westen ook thans voldoende invloed uitoefenen op zijn Balkan-partners, te weten moslims en Kroaten? Ik betwijfel het.

Overigens heeft het Westen het standpunt van Rusland in deze kwestie steeds genegeerd. Zo luidde de val van Srbska Krajina een periode van desillusie in voor tal van Russische diplomaten. Russische functionarissen gaven onverwacht harde verklaringen af over de ontwikkelingen in het voormalige Joegoslavië, maar dat sorteerde niet het gewenste effect. Het punt is dat deze verklaringen niet worden geruggesteund door praktische maatregelen die de vrede in Bosnië zouden kunnen herstellen.

Anderzijds was het bewijs geleverd dat de tactiek van compromis op compromis die de laatste jaren werd gevolgd, gebaseerd op de illusie dat er zo iets zou zijn als een 'club van beschaafde landen' waar Rusland op voet van gelijkheid als lid zou zijn toegelaten, niet tot de gewenste positieve resultaten heeft geleid. Er bleek geen stabiele basis te zijn voor de pogingen om een 'beschaafd standpunt' in te nemen of voor de hoop op een gelijkwaardige betrokkenheid bij de oplossing van het conflict.

De feiten wijzen uit dat de Westerse landen consequent en in koelen bloede kiezen voor pragmatisme. Ze hebben altijd veel waarde gehecht aan geweld en hielden alleen rekening met het Russische standpunt als hun dat goed uitkwam. In alle andere gevallen leggen ze het zonder plichtplegingen naast zich neer. Echter, wil het Westen Rusland niet in een internationaal isolement brengen, dan zal het althans ten dele rekening moeten houden met de opinie van dat land.

Een redelijk en actueel initiatief is het recente voorstel van minister van defensie Pavel Gratsjov, die stelde dat de VN-vredestroepen in Bosnië niet eenvoudig dienen te worden vervangen door NAVO-troepen, maar dat de NAVO en Rusland een gezamenlijke troepenmacht in het gebied zouden moeten stationeren, ten teken van beider gelijkwaardigheid als partners.

Een wederzijds aanvaardbare oplossing voor de Bosnische crisis is niet op korte termijn te verwachten. Zelfs al zouden de in een hoek gedreven Bosnische Serviërs alle ultimata van de NAVO accepteren, dan nog zou dat de tijdbom die in het gebied staat te tikken niet onschadelijk maken. Te veel bloed is al vergoten en aan alle zijden lopen de gemoederen en de aanspraken te hoog op. Kortom, de talrijke onopgeloste problemen zullen ons de komende tijd nog parten blijven spelen.

De taal van ultimata is onaanvaardbaar. De crisis is alleen met politieke middelen te bezweren en vervolgens geleidelijk op te lossen. Ook in dat geval zal er geen absoluut recht geschieden, maar de infame praktijk waarbij men ten aanzien van de strijdende partijen met twee maten meet, moet verdwijnen - en dan bedoel ik een situatie waarin de een vergiffenis krijgt voor daden waarvoor de ander wordt verketterd. Sommigen worden beschouwd als 'de goeden' terwijl anderen gelden als het vleesgeworden kwaad.

Dit meten met twee maten is te verklaren uit de belangen die bepaalde landen op de Balkan hebben. Zo is Duitsland pro-Kroatisch, terwijl de VS flirt met de moslims en ook, ten dele, met de Serviërs, en daar zijn redenen voor. In feite is de strijd om de invloedssfeer in dit strategisch belangrijke deel van de wereld nooit opgehouden. Ze is alleen van gedaante veranderd, al naar gelang van de situatie. De huidige opstelling van de Westerse landen ten aanzien van de Balkan is tevens te verklaren uit opportunististische overwegingen van binnenlands-politieke aard, die van land tot land verschillen.

De publieke opinie in de VS is onmiskenbaar anti-Servisch, terwijl Russische politici rekening hebben te houden met de traditioneel pro-Servische stemming in hun land. Echter, toen in de Servische gemeenschap chauvinistische gedachten de overhand kregen, heeft het Russische ministerie van buitenlandse zaken tegen deze excessen geprotesteerd. Helaas trof het Westen haastig strafmaatregelen tegen de Serviërs.

President Boris Jeltsin zal nieuwe intiatieven inzake het voormalige Joegoslavië uiteenzetten in zijn toespraak tijdens de jubileumzitting van de Algemene Vergadering van de VN. Maar ik vrees dat het Westen opnieuw zal reageren met een beleefde glimlach. Dat is te verklaren uit de vreemde euforie in NAVO-kringen over het kortstondige succes van de intimidatie-aanvallen op de Serviërs. Er bestaat geen alternatief voor onderhandelingen tussen alle betrokken partijen. Zulke onderhandelingen zullen weliswaar lang duren en moeizaam verlopen, maar ze zijn het enige middel om het Bosnische conflict op te lossen.