Verlegen viering Duitse verjaardag

BONN, 3 OKT. Hoe vier je een mirakel, een lustrumfeest dat niemand zes jaar geleden had verwacht? Hoe vier je op 3 oktober 1995 vijf jaar Duitse eenheid, nu de grote euforie van toen onder tientallen miljoenen Duitsers intussen bij velen heeft plaatsgemaakt voor de orde van de moeizame dag of zelfs, in Oost-Duitsland, voor teleurstelling, frustratie, onverschilligheid, nostalgie naar vergane tijden?

Met uiteenlopende emoties en een zekere verlegenheid, per saldo tenminste, viert het eengeworden Duitsland vandaag zijn vijfde verjaardag. Politici zijn blij en prijzen hun land en zichzelf met enig recht voor wat er de afgelopen vijf jaar bereikt is. Maar vele intellectuelen, in Oost- en West-Duitsland, van de toneelschrijver en regisseur Heiner Müller tot de romancier Günter Grass, weten zich nog steeds geen raad met die onverwachte en nogal onbeminde eenheid. En jongere generaties in de 'oude' Bondsrepubliek staan koeltjes tegenover het eenheidsfeest dat hun ouders en grootouders zo uitbundig vierden en vieren.

Bovenal: de economie, de harde wereld van de D-mark, het grote trekpaard voor miljoenen DDR-burgers op hun weg naar de eenwording (“Wir sind ein Volk”), beheerst het leven van zeer velen in Oost-Duitsland heel anders dan zij vijf jaar geleden hadden gehoopt en verwacht. Voor Westduitse belastingbetalers is de eenwording inmiddels óók: de onpopulaire fiscale solidariteitsheffing (een opslag van 7,5 procent op alle belastingsommen) alsmede jaarlijkse financiële transfers van circa 170 miljard mark van West naar Oost. Ossi's en Wessies naderen elkaar nog maar langzaam, in psychologisch opzicht is de eenheid der Duitsers nog vrij ver weg. De ARD, het eerste Duitse televisienet, had zogezien gisteravond een goede keus gemaakt door het feestprogramma 'Duitsland wordt vijf jaar' (Die Gala zum Tag der Einheit) te laten presenteren door Friedrich Küppersbusch, een om zijn kritisch-spottende werkwijze en onconventioneel gedrag doorgaans gevreesde journalist. Dit keer stond deze enigszins leptozome late dertiger in donker pak met stropdas tweeëneenhalf uur lang aandoenlijk schutterig de felicitaties van - natuurlijk - Michail Gorbatsjov en vele bijdragen “uit de wereld van cabaret, muziek en show” aan elkaar te praten. Dat de uitzending pas op 23.00 uur begon zei trouwens ook iets over de heersende ambivalenties rondom het verjaarsfeest.

Pagina 5: Oost en West nog ver uiteen

Gemengd zijn de gevoelens. Der Spiegel, ooit zeer enthousiast over het zo stormachtig verlopen eenwordingsproces (uitgever Rudolf Augstein feliciteerde de voordien vaak hevig bespotte kanselier Helmut Kohl destijds zelfs met zijn politiek), is deze week begonnen met een serie over alle toevalligheden en gelukjes die in 1989/'90 tot de val van de Muur en de Duitse eenheid leidden. In hetzelfde blad polemiseert Henryk Broder onder de kop Die Unfähigkeit zu feiern tegen West- en Oostduitse intellectuelen en kunstenaars die geen vrede konden en kunnen hebben met de eenwording. In de Süddeutsche Zeitung wijst Peter Bender, in de jaren zeventig adviseur van kanselier Willy Brandt, erop dat de Bondsrepubliek sinds Konrad Adenauer haar politiek in feite eerder op meer vrijheid voor de Oostduitsers binnen de DDR richtte dan op het bereiken van staatkundige eenheid. Nu de eenheid er is, lijkt de solidariteit onder de Duitsers kleiner geworden. Oostduitsers doen vandaag nergens echt mee, niet in de regering, de partijen, de media, de grote maatschappelijke organisaties, stelt Berger vast.

Dat kunnen “officiële” personages zo niet zeggen. President Roman Herzog, voorvechter van de “ontkramping' van zijn landgenoten, wees erop dat de afgelopen vijf jaar in elk geval geen nieuw Duits nationalisme is ontstaan, zoals hier en daar bij de Europese buren wel was gevreesd. In plaats daarvan hebben de buren reden om zich te verbazen over de interne Duitse solidariteit en de bereidheid offers te brengen, zei hij. Kanselier Kohl, die via het eenwordingsproces tot internationaal erkend staatsman uitgroeide, was iets voorzichtiger. Volgens hem is er weliswaar veel bereikt maar moet er in Duitsland “op het menselijke vlak, waar het eigenlijke probleem ligt” ook nog heel veel gebeuren. “Stap voor stap” moeten Oost- en Westduitsers nader tot elkaar te komen, en daarbij moeten de Westduitsers de grootste stappen doen, aldus Kohl.

Veel eenvoudiger liggen de zaken voor de Bildzeitung, het grote populistische geesteskind van wijlen uitgever Axel Springer, sinds de jaren vijftig steeds ideologisch in de slag met “het Oosten” en zo tegelijkertijd eenheidsapostel “avant la lettre”. Er is sinds 1990 duizend miljard mark in de vroegere DDR gestopt, in maar vijf jaar is het gemiddelde inkomen er van 600 Ost-Mark gestegen tot 3100 D-mark, de AOW van 450 Ost-Mark tot 1.600 DM, er zijn 650.000 bedrijven opgericht, 2300 kilometer autowegen vernieuwd of aangelegd, een kwart van het woningenbestand gerenoveerd en de reis per trein van Dresden naar Leipzig duurt nog maar 80 minuten in plaats van drie uur, schrijft het massablad onder meer.

Ongetwijfeld zijn zulke triomfantelijk-trotse mededelingen, en de emotionele conclusies die zij impliceren, veel Westduitsers uit het hart gegrepen. Maar over de “interne stand” van de Duitse eenheid zeggen zij vooral qua toon weinig goeds. De vroegere DDR is met een economisch groeipercentage van 8 à 9 en dankzij een radikale vernieuwing van haar infrastructuur nu op weg om het modernste industriegebied van Europa te worden. Maar haar “eigen”, eertijds in het Oostblok toonaangevende, industrie is nagenoeg gestorven en een groot deel van haar bevolking is intussen, al durft bijna geen politicus dat hardop te zeggen, goeddeels afgeschreven. Paradox: de historische afstand tussen Oost- en Westduitsers, Saksers en Rijnlanders, Beieren en Pruissen is na vijf jaar Duitse eenheid misschien zelfs groter dan ooit.

    • J.M. Bik