Van Mierlo: niet voor allen; Alsnog toeslag voor officieren in Suriname

PARAMARIBO, 3 OKT. Minister Van Mierlo (buitenlandse zaken) is bereid Surinaamse legerofficieren alsnog een toeslag te geven op hun salaris. De bewindsman heeft dit gisteravond in Paramaribo gezegd. Het gaat om 22 rechthebbenden, die in 1975 van de Nederlandse krijgsmacht overgingen naar het Surinaamse leger.

Aanvankelijk betrof het 92 officieren. Na de 'decembermoorden' in 1982 stopte Nederland de zogenoemde suppletieregeling. Van Mierlo deelde in de Surinaamse hoofdstad mee dat de groep van zestien militairen, die aan de coup in 1980 hebben meegedaan, niet in aanmerking komen voor de uitkering. Degenen die menen aanspraken te hebben op de salarisaanvulling moeten daartoe een aanvraagformulier invullen. Dat formulier wordt in Nederland beoordeeld en zal voor commentaar worden doorgestuurd aan president Ronald Venetiaan.

Vorig jaar hadden de officieren volgens hun advocaten ieder 200.000 gulden van Nederland tegoed. Een Haagse rechtbank kende de claim toe, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigde in 1994 het Haagse vonnis. Over de hoogte van de uitkering is nu geen discussie meer mogelijk. Afhankelijk van de rang die de militairen hadden bij de overgang ontvangen zij 120.000 tot 130.000 gulden.

“Het was een heel karwei om de hoogte van de uitkeringen vast te stellen”, zei Van Mierlo, die zelfs sprak van “een gevecht” in Nederland om een haalbare en redelijke regeling te treffen. De regering in Den Haag zat op twee lijnen: “Geen geld geven aan moordenaars enerzijds en anderzijds de slachtoffers van stopzetting van de suppletieregeling compenseren”.

De kernvraag wie schuldig is en wie niet, moet Nederland beantwoorden, aldus Van Mierlo, “omdat dat op dit moment in Suriname niet mogelijk is. Zo goed en zo kwaad als het kan, willen we zo dicht mogelijk bij het antwoord komen en het risico zo klein mogelijk houden, vandaar de criteria.”

De toenmalige legerleider Dési Bouterse, die hoge ogen hoopt te gooien bij de verkiezingen van 1996, behoort tot degenen die geen toeslag krijgen. Ook zijn opvolger Arthy Gorré, kandidaat van Nederland voor het bevelhebberschap van het nationale leger in 1993, krijgt geen toeslag. Gorré was in 1982 commandant van de elite Echo-compagnie. Van Mierlo verklaarde dat van Nederlandse zijde tot aan de uitkeringen geen commentaar geleverd zal worden op namen om een “ongenadige discussie” te voorkomen.

Van Mierlo toonde zich in Paramaribo content over de economische ontwikkelingen in Suriname. Hij hoopt dat in november, bij het beleidsoverleg tussen de ministers van ontwikkelingssamenwerking, het investeringsfonds wordt gematerialiseerd. Nederland heeft uit de verdragsmiddelen 100 miljoen gulden beschikbaar voor op export gerichte investeringen. Het bedrag werd al eerder dit jaar toegezegd, maar “de hulp is tot nu toe blijven hangen in de bureaucratie”.

“Ik ben buitengewoon tevreden over mijn bezoek aan Suriname”, zei Van Mierlo. Dat zijn collega Subhas Mungra zaterdag niet op het vliegveld was om hem te begroeten, vond hij niet erg. “Het zou ernstiger zijn geweest als ik besloten had niet te komen”. Van Mierlo vertrok vanochtend met een Nederlands legervliegtuig naar Curaçao en reist later op de dag door naar huis.