EMU start per 1 januari 1999 met munt 'euro'

VALENCIA, 2 OKT. De Europese Economische en Monetaire Unie (EMU) begint op 1 januari 1999. Dat hebben de Europese ministers van financiën en economische zaken zaterdag eensgezind verklaard, na afloop van een informele bijeenkomst in de Spaanse kustplaats Valencia. De naam van de nieuwe Europese munt wordt waarschijnlijk 'euro'.

Vorige week was toenemende twijfel gezaaid over de begindatum van de Europese eenheidsmunt. De Italiaanse premier Dini opperde vorig weekeinde dat de muntunie wellicht moet worden uitgesteld. De Duitse minister van financiën, Waigel, verklaarde daarop dat de Europese Unie het halen van de begindatum 1999 geen voorrang moet geven boven het vervullen van de noodzakelijke criteria. Ook de Duitse bondskanselier Kohl heeft, volgens het weekblad Der Spiegel, gezegd dat de ingangsdatum van de munt “van secundair belang” is.

De Europese ministers van financiën stelden zaterdag unaniem dat ze vasthouden aan 1999 als ingangsdatum voor de EMU, het tijdstip dat vier jaar geleden werd vastgelegd in het Verdrag van Maastricht. “Er is geen enkele aanleiding om af te wijken van het verdrag”, aldus minister Zalm van financiën, na afloop van de bijeenkomst. “De vraag over uitstel is van tafel”, bevestigde ook president Duisenberg van de Nederlandsche Bank. “Deze bijeenkomst heeft veel twijfels weggehaald”, concludeerde voorzitter Santer van de Europese Commissie.

Behalve aan het tijdstip willen de ministers zich ook houden aan de criteria voor de muntunie, zoals die zijn vastgelegd in het Verdrag van Maastricht. “Ik heb zelden een dergelijke unanimiteit gezien, zowel omtrent het tijdstip als omtrent de na te leven criteria om toe te treden”, stelde minister Waigel. De ministers kwamen voorts overeen dat, om te bepalen welke landen kunnen toetreden tot de EMU, wordt gekeken naar de reële cijfers over 1997. Kwartaalcijfers of voorspellingen voor 1998 tellen niet mee. Voor Nederland is dat geen probleem, aldus minister Zalm. “Dat wilden wij juist, want onze realisaties zijn altijd beter dan de prognoses.”

Om te kunnen toetreden tot de monetaire unie, moeten landen onder andere een financieringstekort hebben beneden drie procent van het bruto binnenlands produkt (bbp) en een staatsschuld die onder 60 procent van het bbp ligt, of in bevredigende mate die kant op gaat. Op dit moment voldoen alleen Duitsland en Luxemburg aan alle criteria van het Verdrag van Maastricht. De beslissing welke landen toetreden wordt waarschijnlijk in januari 1998 genomen, onder Brits voorzitterschap.

    • Birgit Donker