Spaanse helm past soldaten het best

Defensie maakte deze week bekend dat voor het leger nieuwe helmen worden aangeschaft. Het gaat om een relatief bescheiden order, maar één die ooit grote gevolgen had.

DEN HAAG, 22 SEPT. De aanschaf van helmen voor het Nederlandse leger is een penibele zaak. In 1958 kostte een dergelijke order een staatssecretaris zijn kop. Nu wijst niets erop dat de huidige staatssecretaris Gmelich Meijling (defensie) struikelt over een tweede 'helmenaffaire'. Ging het toenmalige ministerie van oorlog overhaast te werk bij de aanschaf van een nieuwe helm, deze keer nam Defensie tien jaar de tijd om voor alle 50.628 parate manschappen gevechtshelmen te bestellen.

Eind jaren vijftig werd het politieke debat in Nederland geruime tijd beheerst door de 'helmenaffaire'. De toenmalige staatssecretaris van oorlog, F.J. Kranenburg, werd op 1 juni 1958 door de Eerste Kamer tot aftreden gedwongen toen bleek dat 256.000 helmen, 280.000 gasmaskers en 16.691 paar gevechtsschoenen na levering niet voldeden aan de gestelde normen. De helmen bleken haarscheurtjes te vertonen; een slechte organisatie was daar debet aan.

Dit keer gaat de bestelling van helmen à driehonderd gulden per stuk gepaard met grote zorgvuldigheid. De helm is de laatste fase in de vervanging van de persoonlijke standaard-uitrusting van de soldaat, naast een nieuw tenue met een door TNO getest camouflage-motief en een modern geweer. “Dat laatste is het belangrijkste”, zegt een woordvoerder van het ministerie.

Oud-staatssecretaris J. van Houwelingen begon in 1985 met de vervanging van de gevechtsuitrusting. Maar door bezuinigingen in de krijgsmacht moet de foerier tot volgend jaar wachten voor hij alles compleet heeft. Defensie maakte van de opgelopen vertraging gebruik om de comfort- en veiligheidseisen te verhogen. Zo ging Defensie eind jaren tachtig nog uit van een helm van 1.500 gram en mag deze helm tegenwoordig maximaal 1.350 gram wegen.

Ook de zogenoemde ballistische beschermingseisen (het bepalen van de kans dat een kogel of rondvliegende scherf door de helm gaat) zijn strenger geworden. TNO heeft geconcludeerd dat geen enkele helm het hoofd beschermt tegen 'klein-kaliber munitie' (kogels), maar dat bescherming tegen rondvliegende scherven of ricocherende kogels wel haalbaar moet zijn.

Vijf Europese fabrikanten hebben gestreden om de order voor de 50.286 helmen - een Nederlandse mededinger ontbrak. Alleen kunststof-helmen bleken aan alle eisen te voldoen. Na een tweede testronde bleef de helm van het Spaanse bedrijf Induyco over. Bovendien kwamen de Spanjaarden, die ook helmen voor het Duitse en Spaanse leger maakt, tot de laagste prijs. De 50.628 helmen gaan 15,7 miljoen gulden kosten. Induyco maakt een grote kans om een bestelling te krijgen voor nog eens 50.000 helmen. Daarvoor is 13,2 miljoen beschikbaar.

Bij de produktie van de Nederlandse helm gebruiken de Spanjaarden de kunstvezel Twaron van het Nederlandse bedrijf Akzo Nobel. “Het is goed dat er dan toch een Nederlands bedrijf bij betrokken is”, zegt Kamerlid H. Hillen (CDA). “Per slot van rekening konden alle Europese landen op de order intekenen.”

De nu bestelde helm voldoet aan de eisen die ook de NAVO stelt. Ook de vorm lijkt geen weerstand meer op te roepen. Daarover was aanvankelijk enige ophef, omdat de nieuwe helm zou lijken op die van de Duitsers in de Tweede Wereldoorlog. Hillen is niet van plan het de staatssecretaris moeilijk te maken als deze zijn aanschaf voor de Tweede Kamer moet verantwoorden. “Zolang er geen Pruisische punt op die nieuwe helm zit, vind ik de vorm verantwoord.”