Dubbeldaags tij op de klok

Sinds kort zijn in musea en informatiecentra op het gebied van scheepvaart en waterbouw ook getijklokken te zien. De fraai vormgegeven klokken hebben een wijzerplaat met elf cijfers, één wijzer en een oor- of hartvormige, blauwe figuur boven de uuras. Het verschuivende snijpunt van de wijzer met de rand van dit oor of hart geeft de stand van het getij aan. De klokken blijken ontwikkeld uit een in Nederland ontworpen horloge dat nooit in produktie is gekomen.

Vrijwel iedereen die een tijdje aan de kust vertoeft, wordt geconfronteerd met - en vaak geboeid door - het periodieke rijzen en dalen van de zee. Hoewel men al voor het begin van onze jaartelling door had dat deze beweging verband houdt met de stand van de maan, werd de juiste verklaring pas aan het einde van de 17de eeuw gegeven door de Engelse natuurkundige Isaac Newton: getijden ontstaan doordat maan en (in mindere mate) zon de zeeën 'optillen' en de vaste aarde onder de waterbergen door draait.

Iedere kust en iedere plaats aan een kust heeft zijn eigen getijden. Dit komt doordat het getij ook wordt beïnvloed door de wrijving in zeestraten, de geografische breedte en de variërende diepte van zeeën. Op sommige plaatsen kunnen verschillende getijgolven elkaar versterken of verzwakken. Al deze invloeden - met daarbij nog die van wind en zeestromingen - maken de getijden tot een uiterst ingewikkeld, maar daardoor juist heel intrigerend verschijnsel.

Een van degenen die door het getij werd gegrepen is Jaap Venker (46) uit Sint Anthonis, bij Boxmeer. Hoewel hij sinds vijftien jaar bijna 150 kilometer van de kust woont, heeft hij getij-informatie van overal op aarde binnen handbereik beschikbaar in zijn computer. “Wist u dat het getij van de Noordzee zich in principe - bij een geringe uitstroom van de Maas en zonder sluizen - nog tot Lith kan doen gelden”, vraagt hij. Even later verschijnt het bewijs op het beeldscherm: het astronomische getij in Lith bedraagt 20 centimeter.

Venker is in zijn omgeving bekend als weerman, uitvinder, ontwerper en publicist. Hij ontwierp ooit een horloge dat de sterretijd aangeeft en enkele jaren geleden kwam hij op het idee een horloge te ontwerpen dat ook het getij aangeeft. Dit ontwerp zou aanvankelijk door het Zwitserse bedrijf Revue Thommen in produktie worden genomen, maar door de recessie van 1992 zakte de markt plotseling in. Vorig jaar bleek echter bij Rijkswaterstaat belangstelling te bestaan voor een klok die het getij aangeeft en die wordt nu in Sint Anthonis gemaakt.

De eerste exemplaren verschenen in het Informatiecentrum Noordzeesluizen in IJmuiden en de Delta Expo op het voormalige werkeiland Neeltje Jans. De klok die eind september komt te hangen in het Maritiem Museum in Rotterdam wordt nu getest. “Ik behoef er geen reclame voor te maken, want de verzoeken komen vanzelf binnen”, zegt Venker, die net een exemplaar naar een bedrijf in Nova Scotia heeft verzonden. Ook de bekende uurwerk- en klokkenfabriek Koninklijke Eijsbouts in Asten heeft grote belangstelling voor de getijklok.

Aan de Nederlandse kust regeert het normale dubbeldaags tij: iedere dag is het tweemaal hoogwater en tweemaal laagwater. Maar zelfs langs deze vrij korte kust komen al grote verschillen voor. Bij IJmuiden 'valt' het water gemiddeld 1,7 meter en bij Walcheren 4 meter. Aan de Belgische kust is dit opgelopen tot 5 meter, terwijl in Bretagne verschillen tot 15 meter voorkomen. Hier staat dan ook een centrale waarin de krachten van maan en zon worden benut voor de produktie van elektriciteit.

“Op verzoek van de koper wordt de vorm van de getijkromme speciaal berekend voor de lokatie waarvoor de klok is bestemd”, zegt Venker, die daarvoor uren doorbrengt achter zijn computer. De kromme van IJmuiden is oorvormig, maar die van Rotterdam lijkt meer op een omgekeerde appel. De per dag tweemaal rondlopende wijzer is een 'peilstok' die de waterstand in uren voor en na hoogwater aangeeft. Tijdens laagwater vindt vaak nog een kortstondige, bijna onmerkbare rijzing van het water plaats: een zogeheten agger.

Dankzij een in de klokken ingebouwde microprocessor, wordt het gezamenlijke effect van maan en zon in rekening gebracht. Maar desondanks kan de klok het werkelijke getij nooit precies volgen. Hij loopt gemiddeld gelijk met de werkelijkheid. “Als hij altijd precies het echte getij zou moeten aangeven, zou er buiten de klok nog een flinke computer moeten staan en dat willen de kopers niet,” zegt Venker: “Dan zou de getijklok geen echte klok meer zijn.”

Venker waarschuwt dat er mede om deze reden aan het gebruik of de toepassing van zijn getijklok geen rechten kunnen worden ontleend. Wadlopers moeten dus altijd eerst de adviezen van een ervaren gids opvolgen, of de Getijtafels raadplegen die jaarlijks worden samengesteld door het Rijksinstituut voor Kust en Zee. Overigens stelt zelfs dit gerenommeerde instituut zich niet aansprakelijk voor de gevolgen van eventuele fouten in haar getijvoorspellingen.