IMF minder positief over wereldeconomie

WASHINGTON, 29 AUG. Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) is sinds april minder optimistisch over de economische ontwikkeling in de industrielanden. Japan vormt de grootste tegenvaller. Dit blijkt uit de voorlopige versie van de World Economic Outlook, het halfjaarlijkse rapport over de vooruitzichten van de wereldeconomie dat het IMF begin oktober publiceert tijdens zijn jaarvergadering.

De raming van de economische groei in de industrielanden in 1995 is ten opzichte van het halfjaarlijkse rapport van april verlaagd van 3,0 tot 2,5 procent. De prognose voor volgend jaar is gecorrigeerd van 2,7 naar 2,3 procent.

De bijstelling komt grotendeels voor rekening van Japan. Daar zal de economie dit jaar niet met 1,8 procent groeien, zoals het IMF in april nog verwachtte, maar met slechts 0,4 procent. De raming voor 1996 is fors verlaagd van 3,5 tot 1,5 procent. Het land lijdt zwaar onder de crisis in het bankwezen en de hoge koers van de yen, die de export van het bedrijfsleven ernstig belemmert. De rente moet volgens het IMF verder omlaag. Het disconto bedraagt weliswaar slechts 1 procent, maar de reële rente is hoger omdat de prijzen in Japan dalen. Het IMF voorspelt een daling van het prijspeil met 0,2 procent dit jaar en 0,3 procent in 1996. Ook op het fiscale vlak zijn volgens het IMF maatregelen nodig. Het IMF heeft bij zijn prognoses nog geen rekening gehouden met de jongste koersdaling van de yen.

Het IMF heeft de raming Duitsland voor 1995 verlaagd van 3,2 tot 3,1 procent en die voor 1996 van 3,3 tot 2,9 procent. In Duitsland zelf zijn de laatste tijd wat minder optimistische geluiden te horen. Voor de VS heeft het IMF de raming voor 1995 verlaagd van 3,2 tot 2,8 procent. De prognose voor volgend jaar ging van 1,9 tot 2,1 procent. Het IMF ziet weinig ruimte voor een verdere verlaging van de rente in de VS.

Dat de groei in de industrielanden wat geringer uitvalt, kan volgens het IMF op langere termijn gunstig zijn. Het fonds spreekt van “een pauze in de economische cyclus” die het mogelijk zal maken de groei langer gaande te houden zonder dat toenemende inflatie roet in het eten gaat gooien. (Reuter, KRF)