Portugal op z'n smalst

ARNOLD VAN WICKEREN: Geschiedenis van Portugal en van de Portugezen overzee

460 blz., geïll., Hogeschool Alkmaar 1994, ƒ 99,50

In november 1994 verscheen de eerste druk van een Nederlandstalige Geschiedenis van Portugal en de Portugezen overzee. In een 'Voorwoord en Verantwoording' van twee bladzijden wordt men over de wordingsgeschiedenis van het boek, en de werkmethode en de doelstelling van de auteur ingelicht. Men leest daar dat een Hogeschooldocent op middelbare leeftijd in het voorjaar van 1992 een reis naar Portugal wilde ondernemen. Ter voorbereiding daarvan verdiepte hij zich in de geschiedenis van dat land. Aldus raakte hij gefascineerd door de Portugese maritieme expansie in de 15de en 16de eeuw en de (Portugese) strijd tegen de Hollanders in de 17de eeuw.

Omdat hij constateerde dat er geen Nederlands boek over de Portugese geschiedenis bestaat, en dat Livermore's A new History of Portugal niet leverbaar was, besloot hij zelf een beknopte geschiedenis van Portugal samen te stellen. Dat karwei werd in de loop van 1992 geklaard door vertaling en chronologische ordening van alle op Portugal en de Portugese expansie-geschiedenis betrekking hebbende trefwoorden in The New Encyclopaedia Britannica. Aangevuld met gegevens uit andere naslagwerken (zoals Kroniek van de Mensheid, Kroniek van de 20ste eeuw) leverde dat raamwerk een in gestencilde vorm verspreid manuscript van 120 bladzijden op. Maar omdat het onderwerp hem steeds meer begon te boeien, was de auteur niet langer met dat eerste beperkte resultaat tevreden. Aan de hand van een gedegen literatuurstudie besloot hij een volwaardig handboek te compileren over de geschiedenis van Portugal als natie in Europa en als kolonisator overzee.

Een interessante speurtocht langs bibliotheken leverde hem een omvangrijke oogst aan veelal Engelstalige titels op. Min of meer gecomprimeerde fragmenten daaruit, aangevuld met gegevens uit andere werken, leverden een boek op dat, volgens de auteur, geen wetenschappelijke pretenties heeft en uitdrukkelijk als naslagwerk bedoeld is. Zo weet de lezer dat hij geacht wordt een volwaardig historisch naslagwerk op basis van gedegen literatuurstudie zonder wetenschappelijke pretenties, want niet op oorspronkelijk bronnenonderzoek gebaseerd, in handen te hebben. Het weegt 1174 gram, meet 24,5 x 17 x 4 centimeter en bevat 460 bladzijden.

Toevalsvondsten

Helaas vermeldt de auteur niet langs welke bibliotheken zijn interessante speurtocht hem voerde, maar de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag, alle Nederlandse Universiteitsbibliotheken, het CEDLA in Amsterdam, het IGEER en het KITLV in Leiden - om maar wat te noemen - hadden hem zonder enige moeite een vollediger en actuelere boekenlijst over de Portugese expansie-geschiedenis kunnen verschaffen dan zijn schrale bibliografie van 43 titels nu vermeldt. En voor de geschiedenis van Portugal als natie in Europa was hij bij de Bibliotheek van de Utrechtse Letterenfaculteit aan het juiste adres geweest. Zijn lijstje vermeldt 31 Engelse, 10 Nederlandse, 1 Duitse, 1 Portugese, en géén Franse titels, en is vermoedelijk door pure toevalsvondsten tot stand gekomen. Voor Brazilië wordt slechts één titel vermeld, namelijk Van Balens sterk verouderde aan Johan Maurits van Nassau gewijde studie uit 1941.

De recente nationale en internationale onderzoeksresultaten op het onderhavige terrein blijven volledig buiten zicht. De vermelde Engelstalige boeken werden door de grillen van het toeval gevonden. Het Nederlandse tijdschrift Itinerario dat jaar in jaar uit de belangrijkste expansie-literatuur recenseert, wordt niet één keer vermeld. Aldus manifesteert de auteur zich als dilletant: iemand die slechts oppervlakkige kennis van een vak, een kunst of wetenschap bezit (Van Dale). Voor hem pleit alleen zijn ijver als vertaler, compilator en rangschikker van voornamelijk in het Engels geschreven fragmenten, en zijn enthousiasme voor het onderwerp.

De auteur laat voortdurend blijken dat hij geen Portugees kent. Zo schrijft hij per abonnement Leira, Guimarãis en Magelhães in plaats van Leiria, Guimarães en Magalhães, en vindt men Panteleão (46) en Sebastionismo (142) i.p.v. Pantaleão en Sebastianismo. Hoewel de tekst geenzins vrij is van drukfouten, interpreteer ik bovenstaande voorbeelden niet als tik-, maar als leesfouten. Een beperkte keus uit terloops aangestreepte fouten tegen de Portugese grammatica levert de volgende voorbeelden op: capitãos-geral (41) i.p.v. capitães-ge(ne)rais; galeãos (185, 215) i.p.v. galeões; lambens (42) i.p.v. lambéis; reais (36) i.p.v. réis. De titel morgado (majoraatsheer) wordt in het personenregister bij de achternaam Rezende ten onrechte als eigennaam Morgado geïnterpreteerd (445), en de militaire rang tenente-ge(ne)ral ontmoet men aldaar bij de achternaam Orany in de verbasterde vormen tenienti-geral (292), teninti-geral (210) en tienti-geral (442). Een 'eerste graaf' van enige heerlijkheid is een Primeiro Conde, maar nooit een Primo Conde zoals op de pp. 442, 446 en 449.

De Portugese term Cortes (Parlement) is een alleen in het meervoud voorkomend zelfstandig naamwoord, dat derhalve een werkwoordsvorm in het meervoud vergt; zinnen als 'de Cortes verbiedt' (18) en 'de Cortes verzoekt' (24) zijn dus fout. De vermelding in de literatuurlijst van een Portugese titel is daarom uitsluitend als aanstellerij te waarderen. Zo ook de pedanterie om de tekst te larderen met cursief gedrukte Portugese termen, waarvoor uitstekende Nederlandse equivalenten bestaan.

Zowel de literatuurlijst als het personenregister wordt ontsierd door overbodige titulatuur (Dr., Drs., Mr., Prof., Jhr., etc.), en kwalificaties als abt, bisschop, edelman, keizer, premier, vorst, etc. Een encyclopedie-artikel is in de regel een samenvatting, en een geresumeerde samenvatting levert gortdroge geitekeutels op. Dit boek is een eindeloos keutelsnoer van gepolijst geformuleerde, afstandelijke benaderde anekdotes en feitjes. Omdat het onderwerp veel te ruim bemeten werd, toont de auteur een onverbiddelijke voorkeur voor militaire en politieke gebeurtenissen, die in irriterend historisch presens worden voortgezweept. De economische, sociale en culturele aspecten blijven daarentegen sterk onderbelicht. De titels van vrijwel alle antieke Portugese bronnen werden fout geciteerd. Akelige clichés als telgen uit roemrijke geslachten die bij verwoede aanslagen in hevige schermutselingen verpletterend verslagen worden, zijn volop aanwezig. Ik kom tot de conclusie dat dit boek te slecht is voor de ramsj en beter rechtstreeks naar de papiermolen verwezen kan worden.