Londen: honderden terroristen in Ulster komen vrij

LONDEN, 25 AUG. De Britse regering wil honderden terroristen die in Noord-Ierland gevangen zitten vervroegd op vrije voeten stellen. Dat is een van de drie maatregelen die de Britse minister voor Noord-Ierland, Sir Patrick Mayhew, vanmorgen in Belfast heeft aangekondigd om het veiligheidsbeleid in de provincie te versoepelen. De overheid wil ook de anti-terrorisme wetten aanpassen. Verder komt ze in oktober met plannen voor de toekomst van de Noordierse politie, de Royal Ulster Constabulary (RUC).

Met deze initiatieven probeert de Britse regering het vredesproces in Noord-Ierland weer vlot te trekken dat al sinds juni muurvast zit. Volgende week donderdag is het een jaar geleden dat het Ierse republikeinse leger besloot om zijn militaire campagne te staken. Naarmate die verjaardag dichterbij komt, zonder dat er een begin is gemaakt met overleg tussen alle politieke partijen, nemen de spanningen in Noord-Ierland weer toe. De afgelopen twee maanden zijn al meer dan vijftig kerken, Oranje Hallen en huizen door brandstichting verwoest.

De meeste politieke partijen in Noord-Ierland hebben de plannen onmiddellijk verworpen. Ze gaan veel te ver, de terroristen krijgen in alles hun zin, vinden de protestantse Unionisten. “Deze regering is kennelijk bereid tot elke prijs om het staakt-het-moorden van de IRA in stand te houden”, zei William Ross, parlementslid voor de Ulster Unionisten, de grootste partij in Noord-Ierland. Een woordvoerder van Ian Paisleys Democratische Unionisten verklaarde: “Dit plan is een klap in het gezicht van de mensen wier echtgenoten zijn vermoord, wier zonen zijn gemarteld, wier bedrijven zijn verwoest door de mensen die John Major nu wil vrijlaten voordat ze hun gerechte straf hebben uitgezeten.”

Maar de republikeinse Sinn Fein-partij, de politieke vleugel van de IRA, vindt de voorstellen nog lang niet ver genoeg gaan. “Te weinig, te laat”, luidde het commentaar van partijvoorzitter Mitchel McLaughlin. De Britten moeten niet denken dat ze hiermee het vredesproces kunnen redden, zei McLaughlin. Sinn Fein eist de vrijlating van alle 'politieke gevangenen'. Maar belangrijker vindt ze dat de besprekingen tussen alle politieke partijen in Noord-Ierland onmiddellijk beginnen. Volgens de Britse regering kan dat pas gebeuren als de IRA eerst een aanzet tot ontwapening geeft.

Zo'n honderd paramilitaire gevangenen zouden nog dit jaar naar huis kunnen als de Britse regering de wetgeving aanpast. Gevangenen die zijn veroordeeld tot meer dan vijf jaar, komen dan in aanmerking voor een halvering van hun straf. Die regeling geldt al voor alle andere gevangenen in Groot-Brittannië. Maar na een golf van aanslagen in 1989, besloot de regering voor terroristen in Noord-Ierland een uitzondering te maken. Pas als tweederde van hun straf erop zat, konden zij vervroegd in vrijheid worden gesteld.

De honderd gevangenen die nog dit jaar van de liberalisering zouden profiteren, zijn gelijkelijk over de twee kampen verdeeld. De helft is lid van het verboden Ierse republikeinse leger, de rest behoort tot de loyalistische terreurorganisaties. In totaal zou ongeveer de helft van de 900 paramilitaire gevangenen vóór het jaar 2000 naar hun families kunnen terugkeren als gevolg van de versoepeling.

De Britse regering wil ook de anti-terrorisme wetten herzien. Daarbij gaat het om de Prevention of Terrorism Act die in het hele Verenigd Koninkrijk geldt, en om de Emergy Powers Act die alleen maar van toepassing is op Noord-Ierland. Die wetten worden door burgerrechtenorganisaties als 'totalitair' en 'draconisch' beschouwd. Ze geven de politie vergaande bevoegdheden om verdachten aan te houden, te fouilleren en zonder aanklacht vast te houden. Ze maken het ook mogelijk om Noordierse burgers de toegang te ontzeggen tot Engeland, Schotland en Wales.

In een witboek over de toekomst van de RUC zal de regering duidelijk maken hoe ze de zwaarbewapende Noordierse politiemacht wil omvormen tot een corps van ordebewakers dat zich voornamelijk bezighoudt met de 'gewone' misdaad. De RUC wordt in katholieke republikeinse kringen vooral gezien als een verlengstuk van de Britse bezetters. Meer dan negen van de tien agenten zijn protestant.