Olie en diamant maken oorlog èn vrede in Angola

NAIROBI, 24 AUG. Economisch gewin heeft altijd al een belangrijke rol gespeeld in de Angolese burgeroorlog die een aanvang nam rond de onafhankelijkheid in 1975. Economisch gewin lijkt nu een even belangrijke rol te gaan spelen in het vredesproces.

De Angolese president Eduardo dos Santos sloot onlangs een geheim akkoord met zijn rivaal, de Unita-leider Jonas Savimbi, over de verdeling van de belangen in 's lands exportsectoren van diamanten en olie. Dit meldden eerder deze week diplomatieke en zakelijke bronnen in de hoofdstad Luanda. Unita zou als onderdeel van de overeenkomst een aantal mijnbouwbedrijven mogen gaan beheren in het noordoosten waar diamanten worden geëxploiteerd.

De twee bittere rivalen in Angola zijn de regeringspartij MPLA van president Dos Santos en de gewapende oppositiebeweging Unita van Jonas Savimbi. Het MPLA controleert sinds de onafhankelijkheid de olievelden voor de kust die onbereikbaar bleven voor aanvallen van de Unita-strijders. Slechts een deel van de oliewinning vindt aan land plaats en Unita slaagde er slechts korte tijd in deze olievelden te bezetten. Het MPLA kon tijdens de gehele oorlog beschikken over de enorme inkomsten uit de oliewinning en die aanwenden voor de oorlogsvoering en de beloning van getrouwe politici en militairen. Het MPLA zal in vredestijd deze belangen in de oliewinning willen behouden.

Unita wist tot enkele jaren geleden zijn oorlogsmachine draaiende te houden door genereuze hulp uit het buitenland, onder meer van Zuid-Afrika en de Verenigde Staten. Na de bevrijding van Namibië en vervolgens Zuid-Afrika viel deze aanvoerlijn droog en moest Savimbi elders naar inkomsten gaan zoeken. Unita breidde zijn operaties uit naar het noordoosten en wist beslag te leggen op de inkomsten uit de zeer lucratieve handel in diamanten. MPLA en Unita konden door de winning van olie en diamanten ieder over meer dan voldoende wapens beschikken en de oorlog eindeloos voor te zetten.

De gevestigde economische belangen moeten met het zicht op een permanente vredesregeling opnieuw worden geregeld. Tijdens een recente bijeenkomst in Gabon als onderdeel van het vredesproces maakten Dos Santos en Savimbi daarover geheime afspraken. “De vertrouwelijke informatie van de bijeenkomst in Gabon is dat Savimbi en de president hebben besloten dat er een aantal mijnbouwondernemingen worden opgericht die zullen worden beheerd door Unita”, aldus een bron in de industriële sector in Luanda. “Daarmee zal de huidige situatie in de mijnbouwsector worden gelegaliseerd.”

Eind volgende maand zullen zowel Dos Santos als Savimbi een economische donorconferentie voor Angola in Brussel bijwonen. “Het feit dat Savimbi een economische vergadering bijwoont geeft mogelijk aan dat de partijen hebben besloten dat hij (Savimbi) een belangrijke rol gaat spelen in 's lands economie”, aldus een diplomatieke bron in de Angolese hoofdstad.

Hevige gevechten braken vorige maand uit in de noordoostelijke 'diamantenprovincie' Luanda Norte tussen regeringstroepen en Unita, ondanks de officiële wapenstilstand. Tervergeefs probeerde het regeringsleger de gebieden terug te veroveren: Unita blijkt bereid om tot de laatste man te vechten om in bezit te blijven van deze economische navelstreng voor de oppositiebeweging. Ook binnen het Angolese leger spelen economische belangen een belangrijke rol. Naar verluidt zouden ook hoge militairen hun aandeel willen verwerven in de diamantenhandel en daarom de oorlog nog een tijdje willen doorzetten.

In de Angolese volksmond staat de MPLA voor dieven en Unita voor moordenaars. MPLA-politici zouden zich op grove wijze verrijken door middel van corruptie. Meer dan de helft van de regeringsuitgaven verlopen niet via de gangbare kanalen in de ministeries van financiën en planning. De staatsoliemaatschappij Sonangol sluit zelfstandig buitenlandse contracten af waarbij ze betaalt met beloftes voor olieleveranties in de toekomst. Zo chaotisch is Angola's financiële huishouding dat niet precies bekend is wat de buitenlandse schuldenlast van het land bedraagt.

Op de donorbijeenkomst in Brussel op 24 september in Brussel zullen Savimbi en Dos Santos een oproep doen voor een hulpbedrag van 800 miljoen dollar. Een belangrijke component van het heropbouwprogramma betreft de demobilisatie van tienduizenden strijders. Na de samenvoeging van het huidige regeringsleger en de Unita-soldaten zullen de nieuwe nationale strijdkrachten 160.000 man gaan tellen, waarmee ze het grootste leger van zwart-Afrika zijn geworden.

Het geven van ecomische winstprojecten aan de oppositionele Unita-politici om hen zo het vredestijdperk binnen te lokken kent een vergelijking in Mozambique. Als onderdeel van het vredesproces werden in dat land miljoenen dollars uitgegeven aan topfiguren in Renamo, waarna deze verzetsbeweging zich neerlegde bij de vrede en de electorale zege van de regeringspartij aanvaardde.