Het nieuws van vrijdag 18 augustus 1995

Meer mishandeling en verkrachting bij mooi weer

Nederland beleeft een hete zomer en de kranten melden een opvallend aantal ernstige geweldsmisdrijven. Wordt in komkommertijd aan vecht-, steek- en schietpartijen extra aandacht besteed, of gaat een hittegolf vergezeld van een geweldsgolf? In de vorige eeuw werd al een relatie tussen klimaat, seizoen en geweld vermoed. In zijn verhandeling 'Sur l'homme et le développement de ses facultés ou Essai de physique sociale' constateerde de Belgische statisticus en socioloog Quetelet in 1835 dat vermogensmisdrijven vooral in de winter en geweldsmisdrijven vooral 's zomers werden gepleegd. Systematisch onderzoek begon pas na de rassenrellen die zomer 1967 uitbraken in steden in de Verenigde Staten. Het rapport van de National Advisory Commission on Civil Disorders (1968) signaleerde dat de meeste van die rellen begonnen op dagen met een temperatuur boven 80ß8F (27ß8C). In een reeks onderzoeken is gezocht naar een verband tussen hoge temperatuur en geweld. Een belangrijke vraag was of het voldoende was alleen op de temperatuur te letten of dat ook het aantal achtereenvolgende warme dagen of de luchtvochtigheid een rol speelden. Desondanks kan men concluderen dat geweldsmisdrijven bij een stijgende temperatuur toenemen. Vooral wanneer de temperatuur een aantal dagen boven de 30ß8 C is, neemt het aantal gevallen van openlijke geweldpleging, mishandeling en verkrachting toe. Bij vermogensdelicten als diefstal, al of niet met geweld, wordt geen stijging geconstateerd.