Gevluchte Serviërs uit Kroatië weigeren naar Kosovo te gaan

BELGRADO, 16 AUG. In Servië, waar nu al 130.000 uit de Kroatische Krajina verdreven Kroatische Serviërs zijn aangekomen, weigert een groep van achthonderd vluchtelingen naar hun nieuwe woongebied, Kosovo, ten zuiden van Servië, te reizen. Albanië en de VS hebben zich gisteren ongerust getoond over de plannen van de Servische regering enkele tienduizenden Serviërs uit Kroatië in Kosovo te vestigen.

De groep van achthonderd vluchtelingen, die na hun vlucht uit de Krajina in Servië zijn aangekomen en door de Servische autoriteiten naar Kosovo zijn gestuurd, weigert al twee dagen lang op een station bij Smederevska Palanka, ten zuidoosten van Belgrado, aan boord van een trein naar het zuiden te gaan. Ze zijn omsingeld door de politie en krijgen geen voedsel en water tot ze instemmen met hun overbrenging naar Kosovo.

Tot nu toe zijn al ruim 1.100 Krajina-Serviërs naar Kosovo overgebracht. Hun komst heeft de spanningen in het door een overgrote meerderheid van Albanezen bewoonde gebied opgedreven. De bevolking van Kosovo bestaat voor negentig procent uit Albanezen. Alle macht is echter in handen van de Serviërs en de twee gemeenschappen leven volledig van elkaar gescheiden. Gevreesd wordt dat de komst van duizenden nieuwe Servische kolonisten de gespannen betrekkingen tussen de Albanese meerderheid en de Servische minderheid nog verder zal verslechteren.

Een woordvoerder van het Amerikaanse ministerie van buitenlandse zaken waarschuwde gisteren dat de kolonisatie van Kosovo met vluchtelingen uit de Krajina een nieuw conflict kan opleveren. “Kosovo is al zeer gespannen. De komst van niet-Albanezen kan een kettingreactie op gang brengen”, aldus de woordvoerder.

De Albanese minister van buitenlandse zaken, Serreqi, waarschuwde gisteren in brieven de Veiligheidsraad van de VN, de Europese veiligheidsorganisatie OVSE en de internationale contactgroep tegen wat hij noemde “de uitbreiding van het conflict naar het zuiden” door de herhuisvesting van gevluchte Serviërs in Kosovo. “De kolonisatie” van Kosovo door Serviërs uit Kroatië, aldus Serreqi, verstoort het etnische evenwicht in Kosovo en brengt “de vrede in de Balkan in gevaar”. “Het kolonisatieplan kan slechts de toch al bestaande inter-etnische spanningen vergroten.”

Ook elders in ex-Joegoslavië gaat het vluchtelingendrama onverminderd door. De Bosnische Serviërs blijven de regio rond Banja Luka in het noorden van Bosnië 'etnisch zuiveren'. Gisteren werden opnieuw 1.200 Bosnische Kroaten uit Banja Luka en omstreken de grensrivier met Kroatië, de Sava, overgezet. Ze mochten van de Serviërs slechts twee plastic tassen met bezittingen meenemen. De Bosnische Serviërs hebben de Kroatische autoriteiten laten weten dat er naast de Kroaten uit Banja Luka ook nog drieduizend moslims uit deze regio op komst zijn. Het gaat om de laatste moslims uit de omstreken van Prnjavora, vijftig kilometer ten westen van Banja Luka.

De Bosnische Serviërs voltooien de 'etnische zuivering' van alle niet-Serviërs in het gebied rond Banja Luka waarmee ze drie jaar geleden zijn begonnen. De niet-Serviërs moeten vertrekken om plaats te maken voor Servische vluchtelingen die uit de Kroatische Krajina zijn verdreven.

In die Krajina, ten noorden van de Bosnische moslim-enclave Bihac, groeit inmiddels de misère van 30.000 moslims, die nergens heen kunnen. Het gaat om aanhangers van de verslagen moslim-rebel Fikret Abdic, die in Bihac lang met de Kroatische en Bosnische Serviërs heeft samengewerkt en die het afgelopen jaar heeft deelgenomen aan de strijd tegen het Bosnische regeringsleger in Bihac. Volgens VN-woordvoerders is de humanitaire situatie van Abdic' aanhangers inmiddels kritiek. Kroatië wil deze moslims niet hebben, maar ook Bosnië wil hen niet terug; voor de Bosnische regering is Abdic een “verrader”.

Kroatië heeft gisteren de Bosnische Serviërs in het achterland van de Dalmatische havenstad Dubrovnik gedreigd met harde tegenmaatregelen, als zij niet ophouden Dubrovnik en omstreken met hun artillerie te beschieten. Volgens de Kroaten beschieten de Bosnische Serviërs dagelijks de dorpen rond Dubrovnik en richten ze daarbij veel schade aan. Volgens de Kroaten zijn de dagelijkse beschietingen een wraakactie voor de nederlaag van de Kroatische Serviërs in de Krajina. (Reuter, AP, AFP)