Angst in Groningse rosse buurt na moorden

GRONINGEN, 5 AUG. Als hij niet snel wordt gepakt, gaan er méér. Iris had het al na de tweede moord gezegd. “Wij zijn hier vogelvrij”, roept ze met een sigaret in de hand. Ze staat bij een groepje mannen dat de “baan” elke avond in de gaten houdt. “De politie jaagt ons op”, zegt Iris. “Meiden hebben niet eens de tijd om te kijken bij wie ze in de auto stappen.”

Heeft een lustmoordenaar het gemunt op tippelaarsters in de stad Groningen? Die vraag houdt straatprostituées, hulpverleners en politie sinds woensdagavond bezig. Toen werd de identiteit bekend van de vrouw wier romp twee dagen eerder in plastic verpakt was gevonden in het Winschoterdiep bij Zuidbroek.

Het ging om een 24-jarige straatprostituée, die in de 'tippel-wereld' bekend stond als 'Saskia' en vorige week woensdag door haar laatste klant is opgepikt. Ze is door geweld om het leven gebracht. De dader had haar lichaam in stukken gesneden. Haar armen en benen werden donderdagavond gevonden in een sloot in het Drentse Roderwolde, 25 kilometer van Zuidbroek.

Het slachtoffer is de derde vermoorde Groningse tippelaarster in anderhalf jaar tijd. Eind 1993 werd een 23-jarige Roemeense vrouw die in Groningen tippelde, gevonden in een sloot bij het dorp Enumatil. Ondanks een beroep op het publiek bleef deze zaak onopgelost. Dat was ook het geval bij de moord op een 31-jarige Groningse, die begin dit jaar levenloos werd aangetroffen in het Eemskanaal. De politie arresteerde wel een verdachte, maar deze werd wegens gebrek aan bewijs enkele weken later vrijgelaten. Een team van vijftien rechercheurs onderzoekt de recente moord. De politiewoordvoerder sluit niet uit dat de drie moorden met elkaar verband houden.

Op de Steenhouwerskade in Groningen staan vijf mannen bij hun auto. Ze staan daar altijd, ze kennen alle tippelaarsters, maar ze zijn “geen pooier of iets dergelijks”, zeggen ze. “De angst zit er goed in bij de meisjes”, vertelt een man met een snor die zijn naam niet wil zeggen. Ondanks de onrust zijn er deze avond niet minder prostituées dan anders. “Want ze zijn verslaafd. Ze hebben het geld nodig. 't Is de laatste tijd misschien wat rustiger. Maar dat komt doordat veel met vakantie zijn.” Deze avond tippelen er circa vijftien vrouwen en meisjes in het A-kwartier van Groningen.

Geruchten gaan snel: er wordt volgens deze man al een paar dagen een vierde meisje vermist. Een kwartier later stappen een man en een vrouw uit een auto. “Oh gelukkig, daar heb je haar”, zegt de man in het groepje. Het meisje was zaterdagavond “bij een politie-agent ingestapt” en heeft een paar dagen in een cel in Assen gezeten. Haar vriend is woedend. “Ik heb aangifte van vermissing gedaan, maar ze wisten niet dat ze in Assen zat.” Hij vreesde dat haar hetzelfde was gebeurd als 'Saskia'. Even later komt een andere man vertellen dat weer een ander “al twee weken weg is”.

De straatprostituées vinden dat er in Groningen nu snel een gedoogzone en een veilige 'afwerkplek' moet komen. “Haar dood mag niet voor niets geweest zijn”, zegt Iris. “Ze moeten in ieder geval ophouden met ons te verjagen”, zegt de stevigste van het groepje mannen. “Wij stonden altijd bij de Praediniussingel. We kunnen de meisjes daar veel beter in de gaten houden.” Na klachten van buurtbewoners werden ze weggestuurd. Anders hadden ze misschien gezien in welke auto Saskia de bewuste woensdagavond was ingestapt en het kenteken genoteerd.

Ook directeur A. Hoornstra van de Ambulante Verslavingszorg Groningen (AVG) dringt aan op een gedoogzone en een veilige afwerkplaats, waar meer toezicht mogelijk is. Het stadsbestuur zoekt echter al jaren naar zo'n plek voor de naar schatting honderd straatprostituées die in Groningen werken. Maar elk voorstel strandde op verzet van buurtbewoners of bedrijven. Hoornstra hoopt dat deze moord aanleiding is om het nu wel voor elkaar te krijgen. Na de vakantie wil ze spoedoverleg met de raadscommissie en de wethouder. Raadsleden van GroenLinks, PvdA, Student & Stad en VVD proberen al enige tijd een haalbare lokatie te vinden.

In een parkje bij de Steenhouwerskade hangt rond middernacht een jongen over zijn fiets. “Dat is Lucas, de vriend van Saskia”, zegt Iris. Opeens snikt Lukas: “'t Is allemaal mijn schuld. Ik hou haar al twee jaar in de gaten, want het is gevaarlijk op de baan. Maar ik heb net die vijf minuten niet goed opgelet.”