VN zoeken onderdak voor 5.000 vluchtelingen

GENÈVE/WASHINGTON, 2 AUG. De Vluchtelingenorganisatie van de VN, UNHCR, zal deze week ongeveer dertig landen oproepen om aan vijfduizend vluchtelingen uit de door de Serviërs veroverde enclaves Srebrenica en Zepa een onderkomen te bieden.

Ook de Nederlandse regering zal worden verzocht om vluchtelingen onder te brengen. De UNHCR schat dat in de nabije toekomst nog vijftigduizend plaatsen voor vluchtelingen nodig zijn.

Functionarissen van het Amerikaanse ministerie van buitenlandse zaken hebben gisteren voor het Amerikaanse Congres verklaard dat de Amerikaanse regering het aantal toe te laten Bosnische vluchtelingen verdubbelt en dat het aantal mogelijk opnieuw wordt verhoogd als de UNHCR daar om vraagt.

Phyllis Oakley, de assistent van de minister van buitenlandse zaken, zei dat per direct 2.500 Bosnische vluchtelingen tot de VS zullen worden toegelaten en dat de VS bereid zijn om de helft op te vangen van de 50.000 vluchtelingen die de UNHCR nog verwacht. Daarmee willen de VS “leiderschap tonen” en andere landen aanmoedigen ook vluchtelingen op te nemen. Sinds het begin van de oorlog in voormalig Joegoslavië hebben rond de 15.000 Bosnische vluchtelingen zich in de VS gevestigd.

Volgens de UNHCR zijn de afgelopen weken in Bosnië rond de 34.000 mensen uit hun huizen verdreven. Als de Bihac-enclave, waar rond de 200 duizend mensen wonen, valt, zal dat aantal nog aanzienlijk stijgen. Tot dusver zijn rond de 32.000 vluchtelingen uit ex-Joegoslavië door de UNHCR ondergebracht in het buitenland. Het totale aantal vluchtelingen dat naar elders is gevlucht, ligt rond de 700.000. De helft daarvan verblijft in Duitsland. In de overige EU-landen hebben ongeveer 150.000 vluchtelingen een heenkomen gevonden, Nederland biedt onderdak aan 40.000 van hen. Door het Kroatische offensief in het zuidwesten van Bosnië, is ook een stroom van Servische vluchtelingen op gang gekomen. Naar schatting zijn tussen de twaalf en twintigduizend Serviërs door de Kroaten uit hun huizen verdreven. In tegenstelling tot de Bosnische moslims, kunnen zij uitwijken naar het naburige Servië. (Reuter)