Een kleine maar herkenbare stad

Wat was eigenlijk de reden dat de toenmalige minister van binnenlandse zaken Rietkerk in 1986 het Openbaar Lichaam Rijnmond ophief? Dat is een vraag die regelmatig opklinkt in zomerse discussies over de toekomst van Rotterdam. Anders dan in Amsterdam, waar opsplitsing na het vernietigende referendum van de baan is, ploetert men in Rotterdam nog door. Na het reces zal de Tweede Kamer een besluit nemen over de regio.

Het was inderdaad raadselachtig waarom Rijnmond weg moest. Na twintig jaar waren de Rotterdamse randgemeenten redelijk tevreden over deze regionale buffer die de grote broer in toom hield. Maar Rietkerk had genoeg van de vlees-noch-vis status van Rijnmond - het openbaar lichaam was geen gemeente en het mocht geen provincie worden. Dan moest het maar verdwijnen.

Het was geen verstandig besluit. De Rijnmondregio is nu eenmaal planologisch en economisch een eenheid. Dat geldt tegenwoordig nog sterker dan tien jaar geleden. Alleen zijn de kaarten nu anders geschud. Toen woonden twee van de drie Rijnmond-inwoners in Rotterdam. Door de leegloop van Rotterdam en de aanwas in de randgemeenten is die verhouding nu een op twee.

Toch voelen de randgemeenten niet opnieuw voor een Rijnmond-avontuur. Als ze samenwerken, willen zij de garantie dat Rotterdam niet opnieuw zal domineren. Na lang heen en weer praten stemde de reus daarom vrijwillig in met zelfamputatie. Rotterdam zou worden opgedeeld in kleine parten, voorafgaand aan de vorming van een nieuwe stadsprovincie.

Zoals bekend stak het referendum hier een stokje voor. De Rotterdamse bevolking, totaal niet op de hoogte van de reden voor de opsplitsing, liet haar chauvinistische gevoelens de vrije loop: Rotterdam mocht niet worden opgeheven.

Wat moet de Tweede kamer nu? Verwezenlijken van het bestaande plan is niet waarschijnlijk meer. En een botte annexatie van de randgemeenten ligt ook niet zo in de lijn. Denkbaar is echter wel om Rotterdam zo te amputeren dat de grote broer niet zo groot meer is, maar nog wel duidelijk Rotterdam. Die amputaties moeten dan historische grenzen volgen.

Zonder protest zouden Hoogvliet en Hoek van Holland losgemaakt kunnen worden - in de enquête bleek al weinig binding met Rotterdam. Ook zou Hillegersberg-Schiebroek gemakkelijk op eigen benen kunnen staan. De huidige deelgemeente, met een eigen kern (ouder dan Rotterdam), werd in 1942 geannexeerd. Het naoorlogse Alexanderpolder bestaat uit een huizenzee van nieuwbouw die naadloos overgaat in precies zo'n huizenzee in Capelle aan de IJssel. Waarom deze zeeën niet samengevoegd? Ook zouden delen van Rotterdam, in de expansionistische periode van de buurgemeenten afgehapt, teruggegeven kunnen worden. Voor de oorlog was Rotterdam de helft kleiner.

Het is een oplossing die op veel minder weerstand zal stuiten, ja door velen als een verbetering beschouwd kan worden. Rotterdam zelf, met zijn warenhuizen, musea, bruggen en zijn Laurenskerk blijft intact. De onverbeterlijke chauvinisten moeten daar maar gaan wonen.