'Partijleider moet tv-personality zijn'; E. Schuyer (D66) over leiderschap

DEN HAAG, 29 JULI. De fractievoorzitter voor D66 in de Eerste Kamer, E. Schuyer, vindt dat zijn partijleider Van Mierlo “het gespeculeer over het toekomstig leiderschap van D66 over zichzelf heeft afgeroepen”.

In een vraaggesprek met het weekblad Elsevier in maart verklaarde de partijleider, tevens vice-premier en minister van buitenlandse zaken dat hij het na deze periode waarschijnlijk voor gezien houdt. Letterlijk zei hij onder meer: “Voor zover iemand in D66 met die vraag bezig is, moet hij er rekening mee houden dat ik in 1998 geen partijleider meer ben”. Schuyer: “Dat was een fout. Intern hebben wij dat ook tegen hem gezegd. Hij heeft dat toegegeven, en aangekondigd dat hij naar buiten zou brengen dat hij wel tot zijn 85ste partijleider wil blijven.”

“Dat is absoluut niet aan de orde”, toeterden partij-officials deze week nadat H. van der Werf, lid van de D66-adviesraad, had gezegd dat er na het zomerreces met spoed moet worden begonnen met het zoeken naar een nieuwe leider. Van der Werf werd door de partijvoorzitter W. Vrijhoef publicitair geradbraakt, gekielhaald en gevierendeeld.

Schuyer, in het dagelijks leven directeur van het Delta-ziekenhuis in Albrandswaard, meent dat Van der Werf ten onrechte het beeld oproept van D66 als een partij in verwarring: “En dat is niet zo. We hebben juist meer capabele gezichten in de partij. Het verhaal dat D66 alleen Van Mierlo is, is daardoor achterhaald. De prijs die we daarvoor betalen is dat er gespeculeerd wordt over de opvolging. Intern is het absoluut geen onderwerp van gesprek.”

Van der Werf is lid van de adviesraad die is bedoeld om de partijtop voeling te laten houden met de achterban. Is het verstandig daar niet naar te willen luisteren?

“De adviesraad vind ik een nuttig orgaan voor de partij om te kunnen raadplegen bij problemen. Maar het is een raad, dat wil zeggen: individuele leden hebben zelf geen legitimatie om standpunten naar buiten te brengen. Dit incident is kenmerkend voor een algemener probleem bij D66 namelijk dat onze partij op een amateuristische manier is georganiseerd. De verkiezingsprocedures voor zo'n adviesraad, maar bijvoorbeeld ook de kandidaatsstelling voor de Eerste Kamer, moet veel zorgvuldiger worden. Dat gaat ook gebeuren als het goed is. Ja, wat dat betreft moet D66 een echte politieke partij worden.

Tweede Kamer-fractievoorzitter Wolffensperger zei onlangs dat hij op dit punt van mening verschilt met Van Mierlo. Van Mierlo zou nog steeds streven naar het overbodig maken van D66.

“Dat is de zogenaamde 'ontploffingstheorie' die hoorde bij de jaren zestig. Je kunt kiezers tegenwoordig niet meer verkopen dat je ernaar streeft om jezelf op te heffen. De Tweede-Kamerfractie moet zich duidelijker profileren door bijvoorbeeld bij de behandeling van de begroting dit najaar bij alle relevante onderwerpen te wijzen op onze inbreng. Maar dat geldt ook voor mijn eigen fractie, we moeten af van het idee dat de Eerste Kamer geen politiek bedrijft.

Moet de partij zich ook profileren door meer bestuurlijke posten te claimen?

“Daar ben ik van overtuigd. In deze periode vertrekken bijvoorbeeld de commissarissen van de koningin in Utrecht, Flevoland, Groningen en Gelderland en hetzelfde doen de burgemeesters in steden als Den Haag, Den Bosch en Tilburg. Ik ben er niet vies van dat wij de commissaris leveren in Utrecht.

U heeft in een interview gezegd dat de partij meer moet inspelen op de tv-democratie. Wat bedoelde u daarmee?

“De invloed van de audiovisuele media op de meningsvorming van mensen is ongelooflijk toegenomen. Maar het zal nooit lukken om je zorgvuldig samengestelde partijprogram via dat kanaal over te brengen. Ik ben ervan overtuigd dat mensen stemmen vanwege een sfeer rond een partij. Je moet dus een leider hebben die een tv-personality is, die dat klimaat het beste over brengt. Als je niet iemand hebt die smoelt op tv, sta je op achterstand. Kijk maar naar CDA-fractievoorzitter Heerma. Ik waardeer dat hijzelf weigert zich aan te passen, maar een partij kan zich dat niet veroorloven.

Zo komen we toch weer uit bij het leiderschap van D66.

“Ik zou het liefst zien dat Van Mierlo in 1998 weer lijsttrekker wordt en daarna fractievoorzitter in de Tweede Kamer. Zo is zijn positie als partijleider het duidelijkst en kan hij bovendien rustig uitkijken naar een opvolger.”

    • Frank Vermeulen