Griekenland in de ban van teruglopend toerisme

ATHENE, 29 JULI. Ieder jaar in juli kan men in Griekenland verontruste geluiden opvangen: waar blijven de toeristen? Bij het naderen van augustus, als overal de schoolvakanties zijn begonnen, blijken de drommen toch weer op te komen dagen en in september zijn de klachten definitief verstomd.

Deze zomer lijkt het wat anders te gaan. Het is al bijna augustus en het aantal toeristen blijft duidelijk achter bij dat van vorig jaar. Volgens voorlopige cijfers van eerder deze maand bedraagt de val circa 20 procent, het toeristencijfer van respectievelijk 25 en 28 procent minder uit landen als Nederland en Frankrijk komt daar nog boven. Opmerkelijk is dat bepaalde eilanden erger worden getroffen dan andere. Op Rhodos en Kreta spreekt men reeds van een crisis, terwijl Korfu een even grote toeristische belangstelling meldt als vorig jaar.

Nu is het niet verstandig om vorig jaar als maatstaf te nemen. Het was duidelijk een piekjaar. Voor het eerst overschreed het aantal toeristen de 10 miljoen - dat is precies het aantal bewoners van Griekenland - en wel ruimschoots: het kwam op ruim 11.300.000. Daaraan droegen zeker bij de Koerdische aanslagen die de voorafgaande maanden in het concurrerende Turkije waren gepleegd. Dit jaar zijn incidenten vrijwel uitgebleven. Turkije profiteert daar ten opzichte van Griekenland zichtbaar van.

In 1993 bezochten bijna 10 miljoen toeristen Griekenland. Dit cijfer kan beter als maatstaf voor dit jaar worden genomen dan 1994. Blijft het aantal toeristen dit jaar ver onder de 10 miljoen, dan is er sprake van een ernstige teruggang. Een dreigende 'ramp' waarvoor in Griekenland duidelijk wordt gevreesd. Naar de oorzaken van het teruglopende toerisme naarstig wordt gezocht. Uiteraard ontbreekt het in de Griekse media niet aan bittere stukken vol zelfhaat. De altijd zure Jannis Marinos vraagt zich in het zondagsblad To Vima af, hoe het komt dat Griekenland nog enig toerisme heeft en hij somt alle kwalen op: stakingen, zelfs van het scheepspersoneel in het hoogseizoen, urenlange vertragingen op het vliegveld bij heen- en terugreis, onvriendelijke bediening en ga zo maar door.

Met een stuk met dezelfde teneur kwam het dagblad Kathimerini: het bedacht er echter nog andere dingen bij als het slechte eten op de eilanden, de vuile nagels van de kelners, enzovoorts. Een ding werd echter vergeten. De meeste van die factoren golden in het voorbije piekjaar ook. Hebben de toeristen toen gedacht: we zijn zo bang voor die bomaanslagen dat we de vuile nagels dit jaar maar voor lief nemen?

Waarschijnlijker derhalve is dat de oorzaak van de crisis moet worden gezocht in een veel voor de hand liggender reden: de duurte van Griekenland. In dit land is, anders dan in Spanje, Portugal, Italië en Turkije, de nationale munt, de drachme, niet gedevalueerd. Ze geldt als een “sterke munt”, niet van de allersterkste categorie natuurlijk, maar wel te vergelijken met bij voorbeeld de Oostenrijkse shilling.

In de toeristische bedrijven is al gedurende de winter de alarmklok geluid over de koers van de harde drachme (door de regering gehandhaafd om de inflatie terug te brengen, hetgeen is gelukt). De pessimisten claimen daarom nu hun gelijk.

Maar velen bekritiseren het hotelwezen omdat men de prijzen, ook in drachmes, rigoureus heeft verhoogd nadat die vorig jaar stabiel waren gebleven. Op sommige eilanden kost een tweepersoonskamer nu 10.000 drachme (60 gulden), vorig jaar slechts 6000 à 7000. Een cola of een biertje is in Griekenland driemaal zo duur als in het spotgoedkope Turkije. Het huren van een auto kost tweemaal zoveel als in Spanje.

Hier en daar klinken reeds stemmen op dat dit jaar is verloren en dat nu voortvarend aan de redding van het volgende vakantieseizoen moet worden gewerkt. Anderen geloven dat op korte termijn, voor augustus en september, met extra voordelige aanbiedingen, nog veel van het vakantieseizoen kan worden gered. In ieder geval is de slapte prettig voor de Grieken zelf, die vroeger nog al eens klaagden dat ze geen ruimte op de stranden konden vinden en bij de buitenlandse toeristen werden achtergesteld.