Big Brothers

BURO JANSEN & JANSSEN: Welingelichte Kringen. Inlichtingendiensten Jaarboek 1995

150 blz., Ravijn Reeks 1995, ƒ 19,50

Iedere burger is staatsgevaarlijk, althans in potentie. Dus heeft elk land zijn veiligheidsdienst. In Nederland is dat de binnenlandse veiligheidsdienst (BVD). Maar de BVD is niet de enige 'Big Brother' volgens het Amsterdamse Buro Jansen & Janssen, dat zich bezighoudt met onderzoek op het gebied van politie en inlichtingendiensten, in hun publikaties Regenjassendemocratie (1990), De vluchteling achtervolgd (1991) en het alternatieve BVD-jaarverslag Opening van zaken (1993), en nu dan Welingelichte Kringen. Inlichtingendiensten Jaarboek 1995. Met die titels probeert Buro Jansen & Janssen de traditie voort te zetten die al in 1978 werd begonnen. Toen kwam de Vrij Nederland-journalist Rudie van Meurs met De BVD. Samenzweren tegen ambtenaren, studenten, journalisten, dominees, en andere democraten. Dat boek baarde destijds nogal opzien doordat de mythe van de BVD als een 'CIA op klompen' om zeep werd geholpen: evenals de CIA bedient ook de BVD zich van dirty tricks. De BVD was volgens Van Meurs 'schatbewaarder van het kapitalisme' en zweerde zelfs samen tegen de democratie. De 'complottheorie' van Van Meurs had effect en heeft sindsdien de beeldvorming rond de BVD sterk beïnvloed: iedereen kende wel iemand uit zijn omgeving die door de dienst was benaderd of werd afgeluisterd. Vanuit het panopticum bleef niets onopgemerkt. Van Meurs had in zijn poging het padvinderachtige karakter van de BVD te ontmythologiseren met zijn 'BVD-boek' een nieuwe mythe doen ontstaan. Die mythe sloot naadloos aan bij de orwelliaanse tijdgeest van 1984. Buro Jansen & Janssen bouwt op die mythe voort.

“Nederland wemelt van de Welingelichte Kringen”, aldus de inleiding van Welingelichte Kringen. De centrale recherche informatiedienst (CRI), de verschillende regionale (criminele) inlichtingendiensten (RCID's, in het boek RID's genoemd), de militaire inlichtingendienst (MID) en allerlei private bedrijfjes, veelal old boys-netwerken, maar ook criminelen, zij allen doen, al dan niet tegen betaling, aan intelligence gathering.

In de wildgroei van inlichtingendiensten en -bureaus die zich op de lucratieve informatiemarkt zouden hebben gestort is er een ware informatie-oorlog aan de gang, een soort bellum omnium contra omnes. Maar ondanks de soms strijdige belangen tussen de verschillende diensten, worden de krachten ook gebundeld zoals tussen de BVD en politie in de RaRa-zaak.

Uitglijers

De linksradicale actiegroep RaRa (Revolutionaire Anti Racistische Actie) wordt verantwoordelijk gehouden voor diverse geweldsacties, waaronder de bomaanslag op het woonhuis van voormalig staatssecretaris Kosto van justitie in 1991 en de aanslag op het ministerie van sociale zaken in Den Haag in 1993. RaRa heeft die aanslagen destijds door zogeheten 'claimbrieven' opgeëist, maar tot dusver is zowel de BVD als Justitie er niet in geslaagd de daders te vinden. Wel zijn er twee verdachten in deze zaak, die overigens formeel niet in staat van beschuldiging zijn gesteld.

De RaRa-zaak wordt in Welingelichte Kringen uitvoerig besproken, zij het eenzijdig en niet geheel overeenkomstig de feiten. De Haagse persofficier van justitie N. Zandbergen wordt verweten dat deze tijdens een persconferentie over de RaRa-zaak in november 1994 zou hebben gezegd dat de twee verdachten in deze kwestie de claimbrief hebben geschreven. “Op dit ogenblik kan ik nog niet zeggen of de claimbrief uit de handen van deze mensen is gekomen”, aldus een verklaring van Zandbergen, die in het boek wordt geciteerd. Strikt genomen een heldere uitspraak, waaruit geenszins blijkt dat Zandbergen de twee verdachten beschuldigt van het schrijven van de claimbrief. Ook wordt in het boek de suggestie gewekt dat Zandbergen tijdens de persconferentie de verdachten bij hun naam heeft genoemd en wordt niet vermeld dat de twee verdachten zelf in de openbaarheid traden. De toch al ondoorzichtige RaRa-zaak wordt er door de manier waarop het boek haar behandelt niet helderder op.

Maar los van de uitglijers in de RaRa-zaak is Welingelichte Kringen helder geschreven, goed gedocumenteerd en heeft het - hoewel het bij vlagen leest als een spannend jongensboek - een grote mate van waarschijnlijkheid, zoals in het hoofdstuk 'Liefdewerk Oud Papier wordt vervolgd', waarin wordt onthuld hoe het particuliere beveiligingsbedrijf ABC door het ophalen van oud papier jarenlang geheimen wist te achterhalen van een aantal maatschappijkritische organisaties.

Paradox

Interessant en politiek actueel zijn de thema's die het boek aansnijdt over de vernietiging van geheime dossiers en over het gebrek aan controle door het parlement op inlichtingendiensten. Wel bestaat er een vaste kamercommissie op dit gebied, maar die is gebonden aan de geheimhoudingsplicht. De activiteiten van de veiligheidsdiensten zijn dus in feite onttrokken aan het zicht en de controle van het parlement. De recente vernietiging van geheime dossiers van de inmiddels opgeheven inlichtingendienst buitenland (IDB) buiten medeweten van de Tweede Kamer, laat eens te meer zien dat de principes van de parlementaire democratie niet noodzakelijk en automatisch hoeven samen te vallen met de belangen van de staat. Het probleem is dat de democratische rechtsstaat voor haar veiligheid en voortbestaan aangewezen is op niet-democratisch te controleren instituties, en juist die paradox raakt haar kern. Alleen al om die reden is het van belang dat er boeken zijn als die van Van Meurs en van Buro Jansen & Janssen: ook al zijn ze niet vrij van mythevorming en ideologie, dit dilemma wordt in die boeken wel aangesneden.

Het is jammer dat Welingelichte Kringen niet ingaat op de vraag die het na lezing oproept: waar liggen de grenzen van de informatiewinning nu niemand haar lijkt te kunnen beheersen in het tijdperk van hyperinformatie met haar eigen dynamiek. Wie bepaalt wie zal worden gecontroleerd, welke informatie is relevant en op grond waarvan? Het panopticum verdraagt geen blinde vlek, maar myopie ligt altijd op de loer. Dat in een ongecontroleerd proces van informatiewinning de slang wel eens in zijn eigen staart bijt is niet denkbeeldig zoals men onlangs in Spanje heeft kunnen zien waarbij koning Juan Carlos werd afgeluisterd door zijn eigen geheime dienst CESID. Ook een staatshoofd is staatsgevaarlijk, althans in potentie. God save our Queen.