Beregeningsperikelen tijdens droogte

BERGEYK, 29 JULI. De ruis in het gesprek met veeboer J. Koolen uit het Brabantse Bergeyk over de hanteerbaarheid van de provinciale beregeningsvoorschriften is overwegend mokkig van aard.

“Als er hier onvoldoende hemelwater valt dan beregen ik dag en nacht. Ik laat potverdomme mijn handel niet verdrogen. Er wordt krek gedaan of we zo maar voor de lol wat aan het sproeien zijn. Ze klieren je zò van alle kanten dat ik me afvraag of ik over 25 jaar nog boer zal zijn. Je krijgt steeds meer regels op je dak.”

Voor de gelegenheid heeft hij een shirt aangetrokken met de tekst: “Van boeren moet je houden.” Koolen: “Er lopen hier vort veel collega's mee rond. Elk seizoen heeft zo zijn praatje, maar als het over beregening gaat dan kan het er soms fel aan toegaan.”

In de verte ziet men een zogenoemde haspel zijn waterstralen schoksgewijs spuiten over Koolens aardappelen. Naar zijn schatting gaat het om 50.000 liter grondwater per uur. Het is een uur in de middag. “Nog zo iets belachelijks. Waarom mogen we op aardappelen en maïs tussen elf uur 's morgens en vijf uur 's middags wèl beregenen en op grasland niet? Het maakt toch zeker geen moer uit waar het valt. Mijn auto zou ik 24 uur per dag kunnen staan wassen. Ik zou dat eigenlijk in mijn weien moeten doen zodat ze op de verboden uren toch water krijgen.”

Boeren op de hogere zandgronden van Kempen en Peel, die het meest gevoelig zijn voor verdroging, mopperen in deze tijden van droogte en hitte dat het een lieve lust is. De 36-jarige Koolen heeft 55 melkkoeien, verder jongvee en meststieren en 15 hectare grasland. Daarnaast teelt hij aardappelen en maïs. Sinds 20 juni is er in het gebied maar 6 millimeter regen gevallen tegen normaal gemiddeld 6 millimeter in de week. Her en der in het Bergeykse ziet men de gevolgen: maïs staat er iel bij; weiden vertonen gele plekken, bermen zijn verdord. Maar bij Koolen is het gras mals en groen, want 's avonds en 's nachts haalt hij de schade in.

“Ik kan hier wel zitten te liegen dat mijn gras eronder te lijden heeft, maar zo is het niet. Wel kan ik door het verbod mijn installatie, die al vlug zo'n 60.000 gulden kost, maar voor de helft benutten en moet ik er onnodig van hot naar haar mee sjouwen. En ik moet wat bijvoeren omdat het gras wat minder hard groeit, maar dat is niet zoveel.”

Om het grondwaterpeil niet nog verder te laten dalen mogen boeren in de periode van 1 juni tot 1 augustus alleen maar vòòr elf uur in de ochtend en nà vijf uur in de middag hun waterkanonnen laten werken. Het verbod geldt uitsluitend voor grasland. Want, zegt een woordvoerder van de provincie, voor gras zijn alternatieven in de vorm van ruw- of kuilvoer, voor de andere gewassen niet.

Van 1 januari tot 1 juni mag het grasland helemaal niet worden beregend behalve binnen 48 uur na emissie-arme bemesten en als er sprake is van een zogenoemd 5-procents-droogtesituatie. Die situatie wordt door ambtenaren van de provincie berekend door de mate van verdamping in relatie tot de neerslag te berekenen. Dat gaat in overleg met het Landbouwschap en op basis van gegevens van het KNMI. Maar de uitzonderingen gelden niet voor de maanden juni en juli.

De waarnemend gedeputeerde voor milieu ging zich onlangs ter plaatse op de hoogte stellen en zag geen aanleiding om de beregeningsvoorschriften te versoepelen.

De provinciewoordvoerder: “Overtreden boeren het verbod massaal dan gooien ze hun eigen ruiten in.” Volgens haar leveren ook industrie en waterleidingbedrijven hun bijdrage aan het beleid. Koolen: “Kletskoek. De industrie en de waterleidingbedrijven draaien 365 dagen en wij sproeien per jaar gemiddeld 3 tot 4 weken. Onze activiteiten hebben niet zoveel invloed op het grondwaterpeil als men wil doen geloven.”