Verbod op vrije voortplanting is absurd

“Willen wij nog iets redden van de leefbaarheid van de aarde voor onze nazaten, dan zullen daar harde en impopulaire maatregelen voor nodig zijn.” Aldus A.D. de Groot in zijn bijdrage 'Het recht op voortplanting bedreigt de aarde' in NRC Handelsblad van 21 juli. Overbevolking is een van de belangrijkste bedreigingen voor de 'leefbaarheid' van de aarde. Een algemeen obstakel in de strijd tegen overbevolking is volgens De Groot “dat er de facto nog steeds een nergens vermeld, universeel 'recht' op ongeremde voortplanting lijkt te bestaan”. Als De Groot het voor het zeggen had, dan zou hij per direct het recht op voortplanting wereldwijd beperken.

De beste oplossing voor de toenemende vervuiling van het milieu is een enorme bezem waarmee in één haal alle rotzooi van de aarde wordt geveegd. Eenvoudig en effectief. Dat heet, als een dergelijk idee uitvoerbaar is. Hoe ziet die bezem er dan uit en wie gaat daarachter staan? Wie garandeert dat er geen mensen, dieren en gezonde bossen tegelijkertijd met die enorme vuilnisberg van de aardbol verdwijnen? En wat als die bezem in handen valt van iemand die geen vuil maar andersdenkenden de atmosfeer in wil vegen?

De bezem van De Groot heeft een naam: 'Beperking van het recht op voortplanting.' In zijn woorden: “Afgezien van de bezwaren tegen de uitvoering, moet erkend worden dat zulke beperkingen van het dubieus geworden 'natuurrecht' op vrije voortplanting tot de weinige middelen behoren waarmee de fatale groei van de wereldbevolking wellicht kan worden gestopt”.

Beperking van het recht op voortplanting betekent een verbod op vrije voortplanting. De mens zelf beslist niet langer over het leven dat hij doorgeeft, maar de overheid gaat dat voor hem doen. Wat betekent dat in de praktijk?

Stap 1: De overheid begint te rekenen: Om de bevolkingsgroei te stoppen, mag elk individu zich maar één keer voortplanten. Wat gebeurt er met de twee-, drie- en vierlingen? Uitgaande van een gemiddelde van één kind per individu, kan de overheid ook besluiten om het quotum naar eigen inzicht te verdelen onder haar onderdanen. Zou dan in het voordeel of nadeel van bijvoorbeeld minderheden worden beslist?

Stap 2: De overheid moet maatregelen nemen die erop zijn gericht dat het individu dat niet wil luisteren (lees: na het eerste kind gewoon doorgaat met vermenigvuldigen) zal voelen. Boetes en extra belastingen? Maar daarmee voorkom je geen kinderen, je maakt ze alleen duurder. Een verbod op omgang met het andere geslacht? Verplichte sterilisatie? Verplichte abortus? Moord op de kinderen die volgen?

Stap 3: Alle landen moeten meewerken: China en India zijn voorlopers, wie volgt? Wat gebeurt er met landen die niet meewerken? Wat gebeurt er met kinderen van onderdanen van land A (dat meewerkt) die zijn geboren in land B (dat niet meewerkt)?

Een explosieve bevolkingsgroei zien we met name bij de allerarmsten, voor wie kinderen het enige middel zijn voor een oudedagsvoorziening. Straffen in de vorm van boetes of extra belastingen zullen geen enkel effect sorteren, want deze mensen hebben te weinig om daar nog iets van af te pakken. Dan maar een hele bevolkingsgroep verplicht steriliseren? Maar wie zorgt er dan voor deze mensen als zij oud zijn? En wat gebeurt er als een kind op jonge leeftijd sterft, terwijl de moeder inmiddels is gesteriliseerd? En wie worden er gesteriliseerd, de mannen, de vrouwen of allemaal?

In het kader van de economische en sociale hervormingen, beperkte de Chinese overheid in 1980 het aantal kinderen per echtpaar tot één. Zoals de meeste mensen op de wereld, verkiezen de Chinezen jongens boven meisjes. Een gevolg van de Chinese regelgeving was een onrustbarende stijging van het aantal meisjesbaby's dat werd geaborteerd, bij geboorte gedood of door stierf door verwaarlozing. De stedelijke gezinnen die zich niet aan het quotum hielden werden gestraft met boetes en extra belastingen. Maar de veel armere plattelandsvrouwen werden onder dwang geaborteerd en zelfs gesteriliseerd. Is dat een leefbare situatie?

De Club van Rome trekt al jaren - tevergeefs - aan de alarmbel. Als we de rapporten geloven, dan blijft er nog één slogan over die ons kan redden van de ondergang: Minder mensen en minder spullen. Een rechtvaardige verdeling van de welvaart tussen noord en zuid kan daaraan tegemoetkomen. Immers, hoe hoger de levensstandaard, des te lager het geboortencijfer en des te milieubewuster de onderdaan. Hoe armer de mensen, des te meer kinderen en des te minder oog voor het behoud van het milieu. In een land waar de mensen sterven van de honger, kun je moeilijk campagne voeren voor glasbakken. Zolang eigenbelang prevaleert - en dat zal wel nooit veranderen getuige de internationale politiek en gezien de aard van de mens - wordt de wereld alleen maar vuiler. Beperking van het recht op voortplanting zal daaraan weinig kunnen veranderen. Zelfs als we de morele en praktische bezwaren van De Groots voorstel buiten beschouwing laten, blijft de vraag of het realistisch is te geloven dat de internationale gemeenschap, die tot dusver nooit tot een unanieme beslissing is gekomen, over een dergelijk, zeer betwistbaar onderwerp opeens wel eensgezind zou zijn.