Dutchbat kon niet toezien op wegvoeren van vluchtelingen

DEN HAAG, 28 JULI. Nederlandse blauwhelmen zijn niet in staat geweest te controleren of de Bosnische Serviërs de evacuatie van vluchtelingen uit Srebrenica correct hebben uitgevoerd. Het werd Dutchbat in de praktijk niet mogelijk gemaakt overal toezicht te houden op de veilige aftocht van de vluchtelingen, vooral door de omvang en de snelheid waarmee de Bosnische Serviërs de evacuatie afdwongen.

Dat schrijft minister Voorhoeve (defensie) in een brief aan de Tweede Kamer. Door het grote aantal bussen werd afgezien van het plaatsen van een Nederlandse militair op de bussen. Eerder had Voorhoeve op een persconferentie aangegeven dat dat het geval zou zijn. Er werd, volgens Voorhoeve in de brief, besloten de konvooien steeds met jeeps te escorteren. Die jeeps werden overigens door de Bosnische Serviërs afgepakt. Ten slotte hebben de Nederlanders over een afstand van vijftig kilometer observatieposten ingericht, maar daardoor was echte controle niet mogelijk.

Voorhoeve schrijft dat overste Karremans niet namens Nederland met generaal Mladic onderhandelde maar als VN-commandant. De Verenigde Naties hebben wel steeds de Nederlandse regering geraadpleegd. Toen Dutchbat op 21 juli vertrok, hadden de Bosnische Serviërs veertien YPR-pantservoertuigen (de helft van beschikbare YPR's) met punt 50 mitrailleurs en verbindingsapparatuur in bezit. Verder namen zij achttien Mercedes-jeeps, een vrachtwagen, zes raketafvuurinstallaties, drie mortieren 81 milimeter en enige tientallen handvuurwapens en lichte mitrailleurs in beslag. Een deel van dit materiaal is volgens het verslag aan de Kamer onklaar gemaakt.

Volgens de minister van defensie heeft Dutchbat veel mensenlevens gered maar Dutchbat heeft niet kunnen voorkomen dat in Srebrenica de mensenrechten ernstig zijn geschonden. Het grootste deel van de bevolking van Srebrenica, volgens de jongste schatting van de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR 38.000 mensen, is met geweld van huis en haard verdreven. Het staat vast, volgens de brief, dat er oorlogsmisdaden zijn gepleegd, ook al valt door de beperkte waarnemingsmogelijkheden van Dutchbat-militairen weinig met zekerheid te zeggen over de schaal waarop. Zij hebben wel de standrechtelijke executie van ten minste tien mannen kunnen vaststellen.

Voorhoeve verwacht dat met het beschikbaar komen van nieuwe informatie ook andere oorlogsmisdaden aan het licht komen. Het aantal vermiste personen wordt geschat op enkele duizenden. Een deel van hen, voornamelijk mannen, is door de Bosnische Serviërs weggevoerd naar Bratunac en omgeving. Ondanks herhaalde verzoeken hebben de Bosnische Serviërs het Internationale Rode Kruis nog altijd geen toegang tot hen verleend.

Aan het eind van de brief zegt Voorhoeve dat de regering verheugd is over de veilige terugkeer van Dutchbat, al wordt die vreugde overschaduwd door het onbeschrijfelijke leed dat de bevolking van Srebrenica heeft doorstaan. “De regering is zeer bezorgd over het lot van de mannen die door de Bosnische Serviërs naar Bratunac zijn weggevoerd. Zij blijft zich inspannen om de toegang van internationale hulporganisaties te bewerkstelligen”.

In een reactie op het besluit van de Amerikaanse Senaat om het wapenembargo voor Bosnië op te heffen, zegt Voorhoeve “dat die beslissing ertoe zou kunnen leiden dat de taak van UNPROFOR over enkele maanden beëindigd moet worden”. Volgens Buitenlandse Zaken kan een einde van het embargo leiden tot een escalatie van de strijd in Bosnië en tot een versneld vertrek van de VN-vredesmacht. Nederland is verheugd over het feit dat de VN naast de NAVO een blijvende rol zullen vervullen bij de voorbereiding van luchtacties boven Bosnië.

Aan het slot van zijn toelichting op de brief aan de Tweede Kamer viel Voorhoeve gistermiddag even uit zijn afgewogen rol. Op de vraag van een journalist of overste Karremans niet meer had kunnen doen, antwoordde hij fel: “Hoe dan? Had hij de Nederlanders en de vluchtelingen moeten laten doodschieten? Op een gegeven moment ben je uitgepraat.” Hij hekelde opnieuw de kritiek op overste Karremans: “In Srebrenica heeft zich een humanitaire ramp voltrokken. Maar de oorzaak ligt bij de waanzinnige etnische politiek van de Bosnische Serviërs en niet bij het falen van de Nederlandse militairen.”