Bladmuziek op geluidsband voor blinden en slechtzienden

AMSTERDAM, 28 JULI. “Fragment twee, rechterhand”, zegt de stem op het bandje op dicteersnelheid. Er klinkt een kort, eenvoudig pianomelodietje, een reeks tikken geeft het tempo aan. Dan klinkt de stem weer: “Maat vijf. Begin boog. Eén gestreept a gepuncteerd, b achtste, achtste a gepuncteerd, b achtste. Maat zes. Cis half, derde vinger, één gestreept gis half, eerste vinger....”

Voor wie gewend is in één oogopslag een notenbeeld te overzien, gaat het tergend langzaam. Maar voor blinde of slechtziende musici kan noot voor noot ingesproken bladmuziek een uitkomst zijn. Daarom is de muziekafdeling van de Studie- en Vakbibliotheek voor visueel en anderszins gehandicapten (SVB) begonnen bladmuziek in te spreken op geluidsbandjes die op walkman of cassettedeck kunnen worden afgedraaid.

Inmiddels zijn complete lesboeken en aparte stukken voor orgel, piano, keyboard, blokfluit, dwarsfluit, gitaar, viool en saxofoon op band gezet, van Mozart tot Beatles-song. Het is een tijdrovende klus: Walter Carrols lesboek First lessons in Bach met eenvoudige Bach-bewerkingen voor piano bestaat uit maar liefst zes uur bandmateriaal.

Al in 1925 begon de toenmalige Blindenbibliotheek, die in 1981 opging in de SVB, aan het omzetten van bladmuziek in brailleschrift. De collectie vormt met 5.000 titels en ongeveer 400 boeken over muziek de grootste muziekverzameling in braille van Europa. Daar zijn nu zo'n vijftig titels bijgekomen die op cassette zijn vastgelegd, een aantal dat wekelijks groeit.

Sijo Dijkstra, van huis uit muziekpsycholoog, heeft het nieuwe systeem ontwikkeld. Het is op bruikbaarheid getoetst tijdens een proefproject waaraan amateur -en beroepsmusici met een visuele handicap hebben meegedaan. “Gesproken bladmuziek bestond nog niet”, zegt Dijkstra. “Onze doelgroep bestaat vooral uit mensen die op latere leeftijd visueel gehandicapt zijn geraakt, maar al vertrouwd zijn met het notenschrift. We gaan ervan uit dat de banden in de muziekles worden gebruikt ter vervanging van de gewone muziekboeken, en niet zozeer voor zelfstudie. Onder onze klanten zijn bijvoorbeeld een paar oudere mensen die met muzieklessen moesten stoppen omdat ze het notenschrift niet meer konden lezen, ook niet in uitvergrote vorm. En het is moeilijk om op latere leeftijd nog braille te leren. Daarnaast is het ook geschikt voor beginners, ter ondersteuning van de les.”

Behalve de noten worden alle door de componist aangegeven aanwijzingen voorgelezen, zoals de maat, vingerzetting, accenten, tempo en dynamiek. Op de 'gesproken muziekboeken' wordt eerst het hele muziekstuk ingespeeld. Vervolgens wordt het stuk opgedeeld in 'bouwstenen' van meestal vier maten, waarvan de noten stuk voor stuk worden benoemd. Elk fragment wordt ten gehore gebracht via een elektronisch keyboard dat het geluid van elk willekeurig muziekinstrument kan nabootsen. Bij pianomuziek krijgen de gebruikers eerst de linkerhand, dan de rechterhand en uiteindelijk beide handen samen te horen. Niet alleen van de luisteraars wordt veel geduld gevraagd, ook van de vijftien vrijwilligers, (semi-)professionele musici, die een of twee keer in de week een uur banden komen inlezen. “Het duurt wel twee maanden voor de inlezers het goed onder de knie hebben”, zegt Dijkstra.

Het project is mogelijk gemaakt door financiële steun van verscheidene fondsen en de inzet van vrijwilligers. Begonnen is met eenvoudige blokfluitmuziek. Daarna is ook ingewikkelder polifone muziek op de band gezet. Voor piano is er bijvoorbeeld J.S. Bachs Inventionen und Sinfonien, sonatinen van Clementi en Kuhlau en sonaten van Beethoven en Mozart.

Het idee is geboren op de afdeling braillemuziek, waar men op de computer ingetikt muziekschrift in braille controleert door het voorlezen van de braillepuntjes. Bovendien kreeg de SVB vaak telefoontjes van mensen die geen braille kenden en vaak al door vrienden of kennissen muziek op de band lieten vastleggen. Veertig tot vijftig mensen maken er inmiddels gebruik van. Volgens Dijkstra zijn de reacties positief: “Er is zelfs een jongen die conservatorium wil gaan doen met hulp van ingesproken muziekboeken”.

De meeste vraag is volgens Dijkstra naar vrij eenvoudig, romantisch repertoire. In principe is alles leverbaar, maar omdat de gebruikers alles uit het hoofd moeten leren, kunnen al te gecompliceerde stukken op moeilijkheden stuiten. “Een ingewikkelde compositie van Skriabin bijvoorbeeld wordt moeilijk, dat betekent een grote aanslag op het geheugen van de gebruiker. Ook met zang hebben we een probleem, omdat je tegelijkertijd met een tekst zit. Voorlopig lezen we noten en tekst nog los van elkaar in.”

In Nederland wonen naar schatting 16.000 mensen die volledig blind zijn. Nog geen twintig procent van hen beheerst het brailleschrift, de overigen zijn volledig aangewezen op het gehoor. De groep slechtzienden bestaat uit 70.000 mensen. Zij kunnen geen normale gedrukte letters lezen, ook niet met hulp van bril of contactlenzen. Een deel van hen heeft baat bij uitvergroting van teksten, maar anderen kunnen ook die niet lezen.

Visueel gehandicapten doen van oudsher veel aan muziek, omdat deelname aan andere vormen van vrijetijdsbesteding vaak moeilijk voor hen is. Op de blindeninstituten is altijd veel aandacht geschonken aan muziekonderwijs. Het overheidsbeleid echter is er de laatste vijftien jaar op gericht gehandicapte kinderen sneller door te doen stromen naar het reguliere onderwijs. Daar wordt echter weer minder aan muziek gedaan. De SVB zoekt daarom naar alternatieven in de vorm van een netwerk van particuliere muziekleraren die bereid zijn visueel gehandicapten les te geven. Lesmateriaal in braille, maar ook in gesproken vorm kan daarbij behulpzaam zijn.

    • Gerda Telgenhof