Birma klopt hard op deur Asean

BANDAR SERI BEGAWAN, 28 JULI. De route die Ohn Gyaw, de minister van buitenlandse zaken van Birma, gisteren koos nadat hij op het vliegveld van Brunei was geland, was een opmerkelijke. In plaats van naar zijn hotel te rijden en uit te rusten van een lange vlucht, zette zijn limousine koers naar de residentie van prins Mohamed Bolkiah, zijn Bruneise ambtgenoot. De prins zit vanaf morgen in Brunei de 28-ste jaarlijkse vergadering voor van de ASEAN, de Associatie van Zuidoostaziatische landen, en er is Birma veel aan gelegen zo snel mogelijk tot dit bondgenootschap toe te treden.

Ohn Gyaw bood de prins namens zijn regering een document aan waarin Birma officieel toegang vraagt tot het 'verdrag van vriendschap en samenwerking in Zuidoost-Azië', zoals de ASEAN in haar beginselverklaring wordt genoemd. Een kwartier later stond hij weer buiten in de wetenschap dat de prins zijn brief had geaccepteerd en het verzoek in de ASEAN-vergadering aan de leden zou voorleggen.

De ASEAN-leden hebben inmiddels laten weten het verzoek van Birma tijdens hun vergadering “serieus en uitgebreid te bestuderen”. Naast Brunei heeft de ASEAN als leden Thailand, Maleisië, Singapore, Indonesië en de Filippijnen. En na de plechtige ondertekening van een toetredingsakkoord vanmorgen hoort ook Vietnam bij dit gezelschap, dat door intensieve samenwerking de stabiliteit en veiligheid in de regio wil vergroten. Laos en Cambodja bezoeken de bijeenkomst dit jaar met de status van 'waarnemer', de laatste stap op weg naar een volledig lidmaatschap dat een dezer jaren zal volgen. Birma is op uitnodiging van gastland Brunei bij de ASEAN-vergadering aanwezig.

Als het aan de regering van Birma ligt, zitten haar afgevaardigden volgend jaar ook als 'waarnemer' in de vergaderbanken en volgt zo snel mogelijk officiële toetreding tot de ASEAN. Amper twee weken na de plotselinge vrijlating na vijf jaar huisarrest van Aung San Suu Kyi, de leider van de democratische beweging en winnares van de Nobelprijs voor de vrede, is dit een volgende opvallende stap van het militaire bewind in Birma om na jaren van afzondering nu in hoog tempo aansluiting te vinden bij de landen in een van de meest dynamische regio's in de wereld.

Verscheidene ASEAN-leden zeggen de vrijlating van Aung San Suu Kyi te beschouwen als een rechtvaardiging van de politiek waarmee het bondgenootschap de afgelopen jaren met Birma omging. “We hebben bewust geen politiek van isolationisme gevoerd om daarmee democratische veranderingen en verbetering in de situatie rond de mensenrechten af te dwingen. Maar we hebben steeds getracht de situatie in het land te beïnvloeden door Myanmar (de offiële naam die het militaire bewind Birma heeft gegeven, red.) juist bij ons overleg te betrekken”, zei de Bruneise prins Mohamed Bolkiah gisteren in reactie op het bezoek van Ohn Gyaw.

Maar het is de vraag hoe lang de organisatie kan vasthouden aan deze vriendelijke benadering. Suu Kyi heeft in de vraaggesprekken die ze na haar vrijlating de afgelopen dagen gaf, meermalen duidelijk het nut van een constructieve dialoog van de ASEAN met het huidige bewind in Birma in twijfel getrokken. Zij heeft regeringen van buurlanden opgeroepen vooral aan de 42 miljoen inwoners van Birma te denken wanneer zij politiek overleg voeren met de regering in haar land of hulp aanbieden.

Diplomaten in Brunei achten het echter zeer waarschijnlijk dat de ASEAN-leden amper oor zullen hebben voor de waarschuwingen van Suu Kyi. Er is het bondgenootschap veel aan gelegen om het aantal leden zo snel mogelijk uit te breiden van de huidige zeven (inclusief Vietnam) tot tien voor het eind van deze eeuw. De ASEAN wil zo een machtig blok vormen in Azië, vooral tegenover China dat recent een aantal pogingen heeft ondernomen om in de regio meer macht te verwerven. Om een sterk collectief te kunnen vormen tegen China kunnen Laos en Cambodja, zo is de verwachting, snel een uitnodiging tegemoet zien. En ook Birma kan van deze ASEAN-ambitie profiteren.

Als het de komende jaren zover komt, zal het overigens niet de eerste keer zijn dat Birma ASEAN-lid wordt. Sinds de oprichting van het bondgenootschap in 1967 kreeg het land meerdere keren een uitnodiging om toe te treden. Maar steeds kwam er een weigerend antwoord. De economie van het land zakte intussen steeds verder in. Birma behoorde in een onderzoek van de Verenigde Naties in 1987 zelfs tot de minst ontwikkelde landen ter wereld. Pas begin jaren negentig veranderde het militaire bewind voorzichtig zijn koers, maar toen waren vrijwel alle westerse investeerders inmiddels vertrokken.