Haagse schaatsrebel wil Belgische records breken

DEN HAAG, 27 JULI. Hoe scherp staat het Belgische schaatsrecord op de vijf kilometer? Bart Veldkamp moet het antwoord schuldig blijven. 8.16,11 minuten op naam van Geert Blanchart? Dat moet te doen zijn voor de Hagenaar die al eens 6.39,40 reed. “Als ik rustig begin, kan ik alle records heel vaak breken”, grinnikt het gloednieuwe lid van de Koninlijke Belgische Snelschaats Federatie (KBSF).

Bart Veldkamp is de grens over gevlucht omdat hij genoeg heeft van het in zijn ogen onvriendelijke klimaat voor topschaatsers in Nederland. Hij heeft genoeg van de eeuwige selectiecriteria en wil voortaan zelf bepalen aan welke wedstrijden hij deelneemt. Het enige verschil is dat er straks een ander vlaggetje achter mijn naam staat.''

De methode is simpel. Zo simpel zelfs, dat het anderen op een idee moet brengen. Je schrijft je in op een postadres ergens in een land zonder schaatselite. Dat land moet wel lid zijn van de Internationale Schaats Unie. Als je kunt aantonen dat je een jaar woonachtig bent in je nieuwe domicilie, mag je van de ISU door de desbetreffende schaatsbond worden afgevaardigd naar alle internationale wedstrijden. Veldkamp schijnheilig: “Ik heb ergens een kamertje in België waar ik bij mensen inwoon. Maar ik moet nog weleens in Nederland zijn voor zaken, dus ik reis veel heen en weer.”

Bart Veldkamp is niet de eerste Nederlandse schaatser die voor een ander land uitkomt. Hans van Helden, die met een Française trouwde, ging hem al voor. En momenteel doet Cor-Jan Smulders in feite hetzelfde. Hij komt uit voor Duitsland. Voor Veldkamp is het echter geen must om onder een andere vlag te schaatsen. In het komende seizoen heeft hij zijn zinnen gezet op het WK afstanden, vooral op de vijf en tien kilometer. En voor dat evenement liep zijn deelname als lid van de Oranje-ploeg geen gevaar. Maar Veldkamp denkt daar heel anders over. Hij wil ook op de grote allroundkampioenschappen aan de start verschijnen. Daar heeft hij gezien zijn zwakke sprint niets meer te zoeken. Als allrounder is hij verdrongen door andere Nederlandse talenten. Het WK van afgelopen seizoen ging dan ook aan zijn neus voorbij na een geruchtmakende selectieprocedure in Zwitserland en Oostenrijk. Veldkamp wil op de allroundtoernooien echter wedstrijdritme opdoen.

Daarnaast was een selectiewedstrijd in januari hem slecht uitgekomen. “Toen ik na de Spelen van Hamar besloot om door te gaan, nam ik mezelf voor m'n eigen weg uit te stippelen”, vertelde hij gisteren op de ijsbaan De Uithof in Den Haag waar getennist en gerolschaatst werd omdat het dooide. “In Noorwegen was ik absoluut niet in topvorm. Dat had met de voorbereiding te maken. Nu kan ik heel relaxed op mijn manier naar een belangrijk evenement toewerken.” De onrust binnen de bond van de afgelopen maanden heeft hem alleen maar in zijn opvatting gesterkt. “Er ontbreekt bij de KNSB een visie. Er is geen enkel beleidsplan dat naar de Spelen van '98 in Nagano toewerkt. Dat is vooral nadelig voor de afstandsspecialisten. Toen ik de bond belde met de mededeling dat ik voor België ging rijden, werd ik bedankt voor alle arbeid in de loop der jaren.”

Bart Veldkamp zal zich in wedstrijden door zijn vader Hans laten coachen. Hij voelt zich gelouterd genoeg om zijn eigen trainingsschema's samen te stellen. De Uithof heeft hem alle mogelijke medewerking voor ijstijd toegezegd, want er is in België geen 400 meterbaan. Niettemin denkt hij nog een bedrag van anderhalve ton nodig te hebben om dit seizoen uit de kosten te komen, want de Belgische bond geeft hem alleen een licentie. Het sportmarketingbureau Advantage, bekend uit de tenniswereld, is ingeschakeld om sponsors te zoeken die dit bedrag willen betalen. Wat betreft de sponsoruitingen heeft Veldkamp alleen nog te maken met de ISU. Die geeft toestemming voor twee namen op het pak en een kleiner logo van de kledingsponsor.

De Haagse schaatsrebel denkt pas in de winter over de broodnodige sponsors te kunnen beschikken. Toch probeert hij zich zo optimaal mogelijk op het seizoen te prepareren. Met hoogtestages en trainingskampen in het buitenland. “Er ligt een goed marketingplan. Ik hoef van het schaatsen niet rijk te worden. Dat kan toch niet. Als ik stop, zal ik een baan moeten zoeken. Ik wil dit in ieder geval twee jaar doen en als ik uit de kosten kom is dat voldoende. Daarna zal de ISU moeten beslissen of ik namens België ook aan de Spelen mag deelnemen, of dat ik weer moet toetreden tot de Nederlandse ploeg.”

Misschien zet Bart Veldkamp met deze stap, waarvoor hij de beslissing al anderhalf jaar geleden nam, een nieuwe trend. Denemarken, Luxemburg, Spanje en IJsland zijn nog vrij. “Maar na dit seizoen mag België met twee rijders deelnemen aan de grote toernooien en is er dus plaats voor nóg een Nederlander”, grijnst Veldkamp.