Greenpeace ontkent vervuiling atol

PAPEETE, 27 JULI. Greenpeace-oprichter David McTaggart heeft gisteren boos ontkend dat hij en twee andere actievoerders de plek op het atol Vanavana waar zij waren, vervuild achtergelaten hebben. Berichten daarover verschenen de afgelopen dagen in de Franse pers. McTaggart verbleef, zoals hij zelf zegt, “enige tijd” op Vanavana, dat zo'n 75 kilometer van het atol Mururoa ligt waar Frankrijk kernproeven zal houden. McTaggart kwam gisteren vanuit het gebied waar de kernproeven worden gehouden aan in Papeete met zijn zeiljacht Vega.

Greenpeace meldde aanvankelijk dat McTaggart op Mururoa zat, voorzien van genoeg voedsel voor een maand en met geavanceerde communicatie-apparatuur. Ook toen de Fransen zeiden niemand te kunnen vinden, hield Greenpeace vol dat McTaggart op Mururoa was.

Maar volgens Oscar Temaru, de leider van Tahiti's onafhankelijkheidspartij die op de Rainbow Warrior II was toen het schip werd geënterd door Franse mariniers, zaten McTaggart en de twee andere actievoerders 12 dagen op Vanavana omdat Mururoa te streng bewaakt werd. “De bedoeling was enkele dagen op Vanavana te blijven en dan naar Mururoa te gaan, maar dat is ze niet gelukt”, aldus Temaru. Greenpeace heeft later gemeld twee keer contact te hebben gehad met McTaggart, zonder daarbij te zeggen waar hij was.

Berichten over het achterlaten van vuilnis en rommel werden door de Australiër Chris Robinson, die met McTaggart op Vanavana was, afgedaan als “opnieuw een smerige streek” van de Fransen. McTaggart zei dat ze Vanavana juist goed hadden opgeruimd en voor de bewoners van het nabijgelegen Tureia een boodschap hadden achtergelaten waarin dezen werden bedankt voor de gastvrijheid. Ook zouden cadeaus, zoals “gereedschap en lege benzineblikken”, op het atol zijn achtergebleven. Gevraagd of Greenpeace er in geslaagd was de aandacht van de wereld te vestigen op de Franse kernproeven antwoordde McTaggart: “We beginnen pas.”

De Franse autoriteiten hebben deze week een aantal journalisten op Mururoa rondgeleid. Volgens atoomexperts, die de journalisten te woord hebben gestaan, komen bij de proeven “minder radioactieve stoffen in de lucht dan in Parijs en blijft het water schoner dan de Noordzee”. Het basalt op de bodem van de lagune van het 63 meter lange hoefijzervormige atol zou de verspreiding van radioactieve stoffen voor zeker 150 jaar tegenhouden.

Een medewerker van het persbureau Reuter meldt dat Mururoa door de explosies onnatuurlijk snel is gezonken de afgelopen jaren en nu nog drie meter boven de zeespiegel uitsteekt. “In het noorden is de geasfalteerde weg onder water verdwenen, op andere plekken moeten betonnen muren de zee terughouden”, schrijft hij. In het atol zijn gaten van 1.000 meter geboord waarin lange stalen cilinders met explosieven worden getakeld. Deze gaten worden vervolgens gedicht met 1.000 ton beton. “De explosie zelf duurt een seconde. Op het eiland kan niets worden gehoord, maar het water in de lagune trilt en wordt dan angstaanjagend wit.”