EU: behoedzame liberalisering van posterijen

BRUSSEL, 27 JULI. De Europese Commissie wil, anders dan bij de telecommunicatie, de postbezorging in Europa de komende jaren met zachte hand liberaliseren.

Gezien de belangrijke sociale functie van de postbezorging en het belang van de werkgelegenheid die ermee is gemoeid, kiest de Commissie voor een voorzichtige en stapsgewijze aanpak bij het openbreken van het staatsmonopolie op de post. De Europese commissarisen Bangemann (telecommunicatie) en Van Miert (concurrentiebeleid) hebben dat gisteren in Brussel aangekondigd.

Hun voorstellen houden in dat het postverkeer, in de meeste EU-lidstaten nog volledig in handen van overheidsbedrijven, uiterlijk in het jaar 2001 open wordt gesteld voor private concurrentie. Maar een belangrijke uitzondering geldt voor binnenlandse bestellingen van brieven en eenvoudige poststukken (minder dan 350 gram). Die 'markt' blijft voorbehouden voor de nationale posterijen als de lidstaten daarvoor kiezen.

Uitgangspunt bij het liberaliseren van het postverkeer is dat elke burger in elke lidstaat, ongeacht waar hij woont, tegen een redelijke prijs brieven en poststukken moet kunnen ontvangen. Liberalisering mag niet tot gevolg hebben dat inwoners op afgelegen gebieden verstoken blijven van post, omdat de bezorging daar op louter commerciële gronden niet rendabel zou zijn. Daarnaast speelt ook de werkgelegenheid een belangrijke rol. Thans hebben 1,8 miljoen mensen binnen de EU een baan bij de nationale posterijen. Ook om die reden wijst de Europese Commissie een snelle en harde liberalisering van de postbezorging af. Tegelijkertijd is het toelaten van meer concurrentie wenselijk en verplicht in het kader van de Europese interne markt, aldus de Commissie.

Europees commissaris Bangemann zei gisteren dat de postbezorging een gevoelige sector is, waarin de werknemers zullen worden geconfronteerd met de gevolgen van nieuw beleid. Maar ervaringen met liberalisering van de postdiensten in Canada en Zweden hebben volgens hem al lang geleerd dat de vrees voor banenverlies op grote schaal “ongegrond” is, al zullen er in de eerste fase wel banen verloren gaan. Toenemende concurrentie en modernisering van het postverkeer zijn volgens de Commissie toch niet tegen te houden. “Dan kun je maar beter tijdig ingrijpen om ontwikkelingen voor te blijven”, aldus Bangemann.