Alarm: Zonar's gaat sluiten

Voor de kolonelsjunta frequenteerde ik in Athene het koffiehuis Zacharatos, dat de bijnaam 'Senaat' droeg omdat daar de oudere Grieken de binnen- en buitenlandse politiek bespraken.

Het parlement, op honderd meter afstand, had geen Eerste Kamer. Zacharatos moest plaatsmaken voor een hotel en ik verhuisde naar Papaspyrou, schuin tegenover aan het Plein van de Grondwet.

Papaspyrou echter, werd 's lands eerste Mac Donalds, en ik viel terug op Zonar's, achter het plein. Dit is geen koffiehuis, je kunt er allerlei andere dingen krijgen en er is zelfs een restaurant aan verbonden, maar klassiek is het wel. De authentieke café's sterven snel uit in Athene (daarbuiten nog lang niet). Het oude To Neo (letterlijk: het Nieuwe) aan het Omóniaplein, waar je ook kon schaken, is in vlammen opgegaan door toedoen van een gek; Ellenikó aan het Kolonákiplein is onlangs verselfserviced, het snellere tempo eist zijn rechten op maar ook de vrouw, en weinigen misgunnen haar dat.

Zonar's was nooit een mannenwereld, de verhouding man/vrouw schat ik nu op 2/1, die van oud op jong echter op 3/1. Het is een uitgesproken bedaagde zaak. Ook de acht kelners in de hoofdzaal, allen ouder dan vijftig jaar, zijn bedaagd. Bijna onhoorbaar maar totaal toegewijd lopen zij door de zaal. Hier krijg je niet alleen nog water bij je koffie, maar ook letten zij erop of het glas niet leeg raakt.

De meeste klanten zitten in de fraaie, aan de zijkanten met spiegels verluchte benedenzaal waar ook de gesprekken opklinken (lang niet allemaal meer over de politiek). Wie rust wil, gaat naar de patari (bovengalerij) waar de kelners om de een of andere reden jonger zijn. Er is een vestiaire waar, ook in de winter, nooit iemand gebruik van maakt.

De zaak is nog niet oeroud. Zij is 65 jaar geleden opgericht door de heer Zonaris, voornamelijk als patisserie. De functie van café kreeg ze pas later. De naamsverandering met het kommaatje moet een Amerikaans insluipsel zijn geweest, maar dat is dan ook de enige concessie die door de buitenwereld is gedaan. Er komen nog altijd opmerkelijk weinig toeristen en die blijven meestal op straat, waar je ook wordt bediend.

Tijdens de bezetting is de zaak helemaal ingepalmd door Duitse en Italiaanse militairen en pas na de burgeroorlog van '46 tot '49 kreeg zij haar aanvankelijke luister weer terug. Goedkoop is zij nooit geweest, het is en blijft een etablissement voor lieden die aandachtig maar niet flikflooierig bediend willen worden.

Tekenend voor de omzichtigheid van de kelners heb ik altijd de manier gevonden waarop mevrouw Cleopatra (afgekort Patra) werd behandeld. Ik zag deze dame zowat elke dag, zonder te letten op haar doen en laten en wat zij gebruikte. Op een keer kwam zij naar mij toe om te vragen hoeveel die mooie tas van mij wel had gekost en of hij nog te krijgen was. Binnen een paar dagen bracht ik haar een negatief antwoord op de tweede vraag. Ze keek wat glazig, herinnerde zich de hele kwestie niet meer. Een kelner stelde me discreet op de hoogte: er was een steekje aan haar los, ze was de hele dag met tassen bezig. Nu zag ik ook dat ze voortdurend in haar eigen tas rommelde alsof ze niet vond wat ze zocht. Maar ze mocht blijven komen, een oude klant, ze bestelde niets meer maar kreeg haar glaasje water.

En of de duivel ermee speelt: ook Zonar's is in gevaar. Reeds in januari vertrouwde Apostolos de Eerste (er zijn er twee van die naam) mij toe dat in augustus de huur in één klap meer dan verdubbeld zal worden door het Fonds van Militaire Pensioenen die de eigenaar is van het gigantische blok waar Zonar's deel van uitmaakt. En dat zal de dochter van de heer Zonaris niet kunnen betalen. Ik heb meteen een Atheense krant gemobiliseerd die grootscheeps alarm sloeg, maar de laatste tijd hoor je er niets meer over. Toch zal de beslissing spoedig moeten vallen. Als deze sluiting doorgaat, doe ik misschien wel mee aan een bezetting - mijn eerste.

    • Frans van Hasselt