Klassieke zender 4 moet eigenlijk opnieuw beginnen

Klassieke muziek, vroeger een elitaire aangelegenheid, is de laatste decennia steeds populairder geworden. Het bezoek aan concerten en de platenverkoop zijn explosief gestegen, de Mahler-cd van Bernard Haitink en Aafje Heynis staat nu zelfs in de Top-25. De serieuze liefhebber van klassieke muziek heeft het druk met concerten en operavoorstellingen (steeds vaker op tv), platen, recencies, muziektijdschriften en boeken. Vaak heeft hij ook nog belangstelling voor andere cultuuuruitingen. Veel tijd blijft er niet over om thuis nog te luisteren naar de klassieke muziek op de radio.

Het is dus geen wonder dat de luistercijfers in deze sector relatief laag zijn: de klassieke zender Radio 4 haalde in de periode maart/april van dit jaar twee procent. Tien procent van de bevolking luistert er 'wel eens' naar, vijf procent doet dat vier dagen per week of vaker. De commerciële zender Classic ƒ M scoorde één procent. Eén procent staat voor ongeveer 124.000 luisteraars. Het publiek van Radio 4 en Classic ƒ M bestaat samen uit zo'n 372.000 muziekliefhebbers. Dat lijkt niet veel, maar het is 180 keer een volle Grote Zaal van het Amsterdamse Concertgebouw of zeven keer een volle Kuip.

Radio 4 bestaat sinds 28 december 1975 en is het resultaat van de actie 'Nederland Muziek', die in deze krant werd gevoerd door essayist Rudy Kousbroek, violist Theo Olof en chef-kunst K.L. Poll. Zij kregen ruim honderdduizend medestanders voor een zender zonder pop en zonder gesproken woord. Uiteindelijk kwam Radio 4, maar het was niet van harte.

Het begin van Radio 4 (destijds nog Hilversum 4) was symptomatisch voor het halfslachtige karakter van de klassieke zender. Het eerste uur op die eerste zondagmorgen werd gevuld door Veronica, het aan wal geraakte voormalige popschip, dat hiermee ook de entree maakte in het wettelijk geregelde omroepbestel. Zo opende de babbelende pop-presentatrice Tineke de nieuwe klassieke zender. Ingeleid door krijsende zeemeeuwen en golfgeklots klonk populair-klassiek. Na afloop werd de champagne geschonken in bierglazen.

Nederland Muziek werd dan ook nog niet onmiddellijk opgeheven. Dat gebeurde pas in 1991. Nederland Muziek constateerde dat het nooit tevreden was geweest over Radio 4 en gaf toe dat er geen enkel geloof meer was in de mogelijkheid om daarin nog ooit verbetering te brengen. De 50.000 gulden die Nederland Muziek nog in kas had, ging naar de Amsterdamse Concertzender.

Hilversum bleek al bij de start van Radio 4 niet te vertrouwen: de klassieke zender bracht in de begintijd doordeweeks slechts uitzendingen van 7 uur 's morgens tot vijf uur 's middags. En dan werd er op de muziekzender waanzinnig veel gepraat en meestal niet eens over muziek. Ook premier Den Uyl liet weten zich daaraan te ergeren, maar hij was machteloos. Dominees openden de dag, spraken Overdenkingen en preekten. De NCRV zond de Theologische etherleergangen uit. De EO sprak het Woord van de Waarheid. De KRO programmeerde eucharistievieringen. De Vara had series over wonen, woonvormen, opvoeding, onderwijs en gaf voorlichting over politieke en andere onderwerpen. AVRO's Jan van Herpen informeerde over wetenschap.

In de loop der jaren kwam daarin slechts langzaam verbetering. EO's Muzikale fruitmand werd het synoniem voor klassieke muzak. Wel werd later de uitzendtijd tot 1 uur 's nachts verlengd en zijn de dominees nu verdwenen. De negen zendgemachtigden voerden elk een eigen beleid. Een tijd lang was er de adequate zondagmiddagprogrammering van de NOS, met een goed concert, Praten over muziek, Diskotabel en Musica Nova. De nieuwsbulletins van het ANP verdwenen dan wel in 1984, maar in 1985 moest Radio 4 bij de komst van Radio 5 een uur inleveren, wat in 1987 weer werd teruggedraaid. Maar nog steeds is er 's zondags van 5 tot 6 uur het 'Hoorspeluur'.

Voor de fanatieke klassieke muziekliefhebber was Radio 4 te flodderig, te weinig en te halfslachtig. Zo ontstonden in de jaren '80 de Concertzender en Concertradio (beide 24 uur per dag op de kabel). Sinds kort probeert het van oorsprong Engelse station Classic ƒ M te bewijzen dat klassieke muziek iets heel normaals is: niet alleen populair maar zelfs commercieel interessant.

Inmiddels is de situatie in Hilversum drastisch veranderd. Het arrogante omroepbestel moet sterk veranderen om te overleven. Maar 'Hilversum' blijft ook op het gebied van de klassieke zender Radio 4 typisch Hilversums: de omroepen zijn wettelijk verplicht zich zoveel mogelijk van elkaar te onderscheiden, maar worden tegelijk gedwongen zoveel mogelijk hun eigen identiteit opzij te zetten om een goed gezamenlijk produkt te leveren.

Dat moet op Radio 4 deels gebeuren in samenwerking met het MCO, het sinds kort verzelfstandigde Muziekcentrum van de omroep, waarvan Edo de Waart de artistiek leider is. Het MCO bestaat uit vier orkesten: het Radio Filharmonisch Orkest, het Radio Symfonie Orkest, het Radio Kamer Orkest en het Metropole Orkest en verder het Groot Omroepkoor.

In 1992 werd met de samenwerking op Radio 4 al een begin gemaakt, onder leiding van Carole Muizelaar, van de afdeling klassieke muziek van de NOS, inmiddels NPS. Bij de Matinee op de Vrije Zaterdag werken VARA, VPRO en NPS nu samen. Die Matinee, uitgegroeid tot een van de belangrijkste verschijnselen in het Nederlandse muziekleven, is internationaal fameus.

Twintig jaar na het begin staat Radio 4 voor een herstart, die samenvalt met het verdwijnen van Veronica uit het publieke bestel. Op 1 oktober begint Hans Hierck als zendercoördinator van Radio 4, niet in dienst van de NPS maar van de NOS. Hierck werkte eerder bij Radio 4, vanaf de oprichting tot oktober 1980, toen hij directeur werd van het Gelders Orkest. In oktober gaat hij Hilversum rond om ideeën voor Radio 4 te inventariseren. Maar zelf heeft hij ook al een paar gedachten. Die hebben vooral betrekking op het volgen van het Nederlandse muziekleven: minder platen, liefst elke avond een live-concert.

Hierck denkt ook aan een soort 'Met het oog op vanavond' voor de filerijders: een muziek-journalistiek programma met de concertagenda. De programmering moet meer vanuit één idee geschieden. En nog horizontaler: nog meer elke dag hetzelfde programma op het zelfde uur. Gevarieerder ook: niet eerst twee uur 'Nederlandse pianomuziek' en dan 'Muziek uit De Nederlanden'.

Hierck wil vooral een gezamenlijk programma maken, al mogen de omroepen nog wel voor een deel een eigen identiteit houden. En hij wil de traditie van het prestigieuze Zondagmiddagconcert herstellen, zodat het Concertgebouworkest niet uitsluitend is te horen op de AVRO-woensdagavond, maar ook op zondag.