Wachten op zelfbestuur valt Jenin zwaar

JENIN, 25 JULI. Palestijnse politieagenten wachten in Jericho ongeduldig op het 'bevel' van de Palestijnse leider Yasser Arafat om het 40.000 inwoners tellende stadje Jenin op de Westelijke Jordaanoever binnen te trekken. “Het wordt een groot feest”, zeggen Palestijnse inwoners van Jenin, dat gelegen is in de noordwestelijke hoek van het nu nog door Israel bezette gebied. “Maar het wachten duurt zo lang. Telkens weer wordt er een nieuwe datum genoemd voor het tekenen van het Israelisch-Palestijnse akkoord dat een einde aan de Israelische bezetting van Jenin moet maken.” De onderhandelingen over uitbreiding van de bestuursautonomie werden gisteren opgeschort na een bomaanslag in Tel Aviv waarbij zes mensen om het leven kwamen. Naar verwachting zullen de besprekingen na de begrafenis van de doden worden hervat.

Alles wijst er op dat Jenin model zal staan voor andere Palestijnse steden wat betreft de overdracht van de macht door het Israelische bezettingsleger aan de manschappen van generaal Nasser Yousouf. Deze rustige commandant van de Palestijnse politie heeft vorige week in burgerkleding een bezoek aan Jenin gebracht om met de plaatselijke leiding van Arafats organisatie Al Fatah de technische details van de komst van het Palestijnse zelfbestuur te regelen.

Sameer Shaihat, de 38-jarige secretaris-generaal van Fatah in Jenin, is ervan overtuigd dat de komst van de Palestijnse politie zonder problemen zal verlopen. Zijn kantoortje in het centrum van de stad, in de Abu Bakr winkelstraat, is rokerig en vooral klein maar dat zegt niets over de ijzersterke positie van Fatah in Jenin. Ook de Israelische militaire bezettingsautoriteiten weten dat en hebben twee maanden geleden al oogluikend de stad in handen van Fatah gegeven.

De 'politie' van die organisatie houdt zich bezig met het oplossen van kleine delicten en stuurt echte misdadigers voor berechting naar de rechtbank in de Palestijnse bestuursautonomie in Jericho. Voor een buitenstaander zijn de leden van de Fatah-'politie' niet herkenbaar maar de inwoners van Jenin weten in welke cafés ze zitten, waar ze onopgemerkt patrouilleren en waar het hoofdkwartier van Fatah in hun stad is. Israelische militaire patrouilles laten zich niet meer in het centrum van Jenin zien.

“In Jenin is de situatie anders dan in de andere steden op de Westelijke Jordaanoever”, zegt Sameer Shaihat. “Al-Fatah is hier erg sterk en is dat eigenlijk altijd al geweest. Hamas heeft hier echt heel weinig aanhangers.” Daarom is het volgens hem een goed idee dat de uitbreiding van het Palestijnse zelfbestuur tot de Westelijke Jordaanoever, na het experiment in Jericho, nu Jenin betreft.

Pagina 4: Overal zijn de verwachtingen van het zelfbestuur hoog

“De voorwaarden voor het succes van Palestijnse autonomie in Jenin zijn gunstig”, zegt hij. “Er zijn in de nabijheid van Jenin geen Israelische nederzettingen zodat er ook geen problemen hoeven te zijn met kolonisten. Bovendien is Hamas hier geen veiligheidsprobleem: niet voor ons en niet voor de Israeliërs.”

Sameer Shaihat, maar ook industriëlen en financiers hebben grote verwachtingen van de economische ontplooiing van Jenin onder het Palestijnse zelfbestuur. Ze “zien” Gaza, waar Yasser Arafat al een jaar de scepter zwaait, langzaam maar zeker vooruitgaan. “Dat kan ook bij ons gebeuren”, zeggen ze. “In Jenin en omgeving wonen niet meer dan 200.000 Palestijnen op 300 vierkante kilometer, een gebied zo groot als Gaza”, zegt de secretaris-generaal van Fatah. “We hebben ruimte genoeg om Palestijnen uit Gaza, Libanon en Jordanië in het Jenin-district op te nemen. Daar wordt nu al serieus door onze Palestijnse instanties over gepraat. De komst van deze Palestijnse broeders zal de bouw aantrekken, zoals in Gaza gebeurt. Maar dat is niet het belangrijkste. Jenin ligt zo strategisch. Nog geen veertig kilometer van de Israelische haven Haifa, nauwelijks twintig kilometer van de grens met Jordanië, op het traject van de oude spoorweg van Saoedi-Arabië naar Haifa en Beiroet en bij de oliepijpleiding van Irak naar deze Israelische haven. Dat zijn gunstige omstandigheden die van Jenin de hoofdstad van het noordelijke deel van de Westelijke Jordaanoever kunnen maken.”

Dat gelooft ook Ragheb Al-Aref, die vanuit zijn met computers uitgerust en luchtgekoeld bureau in het centrum van Jenin druk is met vergevorderde plannen om bij de stad een groot industrieel park op 500 hectare op te zetten. Volgens Ragheb Al-Aref is de grond al gekocht en is er 10 miljoen dollar beschikbaar. Het industriepark komt vlak bij de Israelische grens bij het Palestijnse dorpje Beit Kad te liggen. “Een goede plek”, zegt Ragheb Al-Aref heel tevreden. Hij gelooft in de Palestijnse toekomst. “De Palestijnen hebben de Golfstaten opgebouwd. Waarom zouden we dat dan niet met ons eigen vaderland kunnen?”

De gebroeders Nafiz en Ibrahim Haddad hebben in Jenin al onder de Israelische bezetting een moderne fabriek voor machines uit de grond gestampt waarover ook door Israelische ondernemers met groot respect wordt gesproken. De fabriek - naar Nederlandse begrippen meer een grote werkplaats - haalt een jaaromzet van bijna vier miljoen gulden en er werken ongeveer zestig arbeiders. Zelfs met deze bescheiden omvang is het de grootste industriële onderneming op de Westelijke Jordaanoever. Er worden onder andere landbouwmachines, gasballonnen en zelfs opvouwbare stadions gemaakt. De popster Madonna zong en danste vorig jaar in zo'n door de firma Haddad gemaakt stadion met een oppervlakte van 2.500 vierkante meter in Ramat Gan, bij Tel Aviv.

“Als de grenzen opengaan kan ik het aantal arbeiders snel verdubbelen”, zegt Ibrahim Haddad. Deze ondernemer is minder euforisch gestemd dan Ragheb Al-Aref. “Ik denk we in het begin twee à drie moeilijke jaren zullen hebben. Daarna gaat het beter, zeker als het fantastische industriële park bij Jenin klaar is”, zegt hij.

Jenin wacht op dit 'wonder'. Negenduizend Palestijnse arbeiders hebben als gevolg van de Israelische veiligheidspolitiek hun werk in de nabijgelegen joodse staat verloren. Nog maar vierduizend Palestijnen in de stad hebben werkvergunningen 'over de grens'. Op zaterdag, marktdag, is de stad vol en levendig. Tientallen auto's met Israelische nummerborden staan in de stad geparkeerd. Het zijn de auto's van Israelische Arabieren die op koopjes uit zijn of familie bezoeken. Meer dan 2.000 vrouwen uit Jenin zijn sedert 1967, toen Israel de Westelijke Jordaanoever veroverde, met Israelische Arabieren getrouwd.

Langs de weg van en naar Jenin, door een groen heuvelachtig gebied, lopen herders met hun geiten, en wonen bedoeïenen in bruine tenten alsof de tijd heeft stilgestaan. Als de 'dromers' in Jenin gelijk krijgen zal het in de nabije toekomst snel met die stilstand zijn gedaan.