Smit Trafo ontkent misbruik voorkennis

AMSTERDAM, 25 JULI. Het topmanagement van Smit Transformatoren heeft zich niet schuldig gemaakt aan misbruik van voorwetenschap bij de handel in eigen aandelen. Dat zegt P. Wijnen, de financiële topman van de Nijmeegse fabrikant van transformatoren in een reactie op het onderzoek dat de Amsterdamse effectenbeurs doet naar mogelijk misbruik van voorkennis bij de handel in aandelen Smit Trafo.

Dit fonds werd vorig jaar herfst op de Amsterdamse effectenbeurs geïntroduceerd en raakte daarna in opspraak door een serie onverwachte tegenvallers, waaronder het vertrek van de topman en een verlies over de eerste zes maanden van het lopende boekjaar.

Het onderzoek, onder de vlag van de Stichting Toezicht Effectenverkeer, wordt verricht door het controlebureau van de effectenbeurs en strekt verder dan vermeende voorkennis. Ook het emissieprospectus, opgesteld door ABN Amro, wordt onder de loep genomen.

Financieel bestuurder Wijnen stelt dat het controlebureau hem heeft verzocht om informatie over aandelentransacties van werknemers die onder de zogeheten Modelcode vallen. Werknemers die deze code hebben ondertekend, mogen onder meer in de periode vóór de reguliere publikatie van resultaten en tussentijdse berichten niet in eigen aandelen handelen.

Volgens Wijnen betreft de aanvraag van de beurs niet meer dan een standaardprocedure. “Mij is verteld dat er vooralsnog geen enkel bewijs is dat de wet echt is overtreden. Ik kan dat zelf beamen. Ik fungeer namelijk als contactpersoon. Met andere woorden: alle transacties moeten aan mij worden gemeld.”

Volgens de financieel bestuurder zijn er in de bewuste periode twee kleine aandelentransacties verricht die “absoluut niet onder de Modelcode vallen”. Het gaat hier om transacties in aandelen van andere fondsen. Wijnen maakt één voorbehoud: “Ik kan natuurlijk alleen voor Smit Trafo spreken. Wat er bij voorbeeld bij de bank gebeurt, valt buiten mijn gezichtsveld.”

Uit het emissieprospectus blijkt dat de werknemers een belang hebben in Smit Transformatoren van 6,5 procent en het management van 2,8 procent. Beide partijen hebben hun belang ondergebracht in een stichting en zich gecommitteerd dat gedurende een jaar na de beursintroductie aan te houden.