Ervaringen

IN DE DOORSNEE WESTERN treden 'good guys' en 'bad guys' op. Dat deze begrippen zelfs opduiken in de verslagen van soldaten die zojuist een maandenlange belegering en beschieting hebben doorstaan, zegt iets over de dieptewerking van het medium film. Dat er vervolgens een debat ontbrandt over de vraag wie nu eigenlijk de slechteriken waren, behoeft niet te verbazen.

De soldaten van Dutchbat hebben al die tijd hoofdzakelijk waargenomen, zo blijkt uit hun verhalen. Maar dat waarnemen werd door de omgeving aan banden gelegd toen het er op aankwam. Vandaar vermoedelijk dat de wijze waarop de verschillende partijen het métier van soldaat beheersten, meer indruk heeft gemaakt dan de ontsporingen waarover de duizenden vluchtelingen hebben bericht. Dat laatste is de militairen doorgaans ontgaan. Over de discipline en de geoefendheid van de mannen van generaal Mladic daarentegen niets dan lof, gunstig als deze afstaken bij het ongeregeld van de moslim-strijders. Eén waarnemer meende dat de vluchtelingen een zucht van verlichting hebben geslaakt toen zij eindelijk van het criminele regime van hun eigen leiders waren verlost. Een ander had er rekening mee gehouden dat nachtelijke schutters wel eens op jacht konden zijn geweest. Op dierlijk wild, bedoelde hij te zeggen.

UIT DE VERHALEN van de soldaten blijkt de atmosferische verandering die zich aan het Nederlandse leger heeft voltrokken. Dit zijn beroepssoldaten, in zekere zin zelfs beroepsvredessoldaten. Zij vormen van hoog tot laag een elite die zich verbaast over wanorde, over emoties en die respect heeft voor een professionele tegenstander, ook al wordt die van oorlogsmisdaden beticht. Tegelijkertijd voelen zij zich niet bedrukt door de erkenning dat zij tot de terugtocht werden gedwongen. Zij ervaren de gebeurtenissen in Srebrenica niet als een nederlaag. Zij waren neutraal en hun opdracht was dat zolang mogelijk te blijven. Het aangaan van het gevecht, een ouderwetse soldatentaak, was voor hen taboe. Al jarenlang nemen Nederlandse officieren deel aan VN-operaties overal in de wereld. Hun invloed op de cultuur binnen de Nederlandse strijdkrachten is nu duidelijk merkbaar. De waardering binnen de VN voor de Nederlandse blauwhelm zou daarom wel eens echt kunnen zijn.

Een keerzijde van deze ontwikkeling is dat de militaire leiders een andere taal zijn gaan bezigen dan in het vaderland acceptabel wordt geacht. Zij voelen zich onder hun blauwe baret in de eerste plaats vertegenwoordiger van een internationale gemeenschap en van de waarden en oordelen van het VN-apparaat. Uitspraken van de overste Karremans hebben nogal wat opzien gebaard omdat zij niet stroken met de verhalen zoals de media die uit de mond van vluchtelingen hebben opgetekend en met het oordeel dat minister Voorhoeve daaraan heeft verbonden. Maar dan wordt vergeten dat Karremans maandenlang opereerde binnen een milieu dat het pappen en nathouden tot het dagelijks werk heeft gemaakt. Voor hem is Mladic niet de beul van de moslim-vluchtelingen, maar de man van wiens luimen hij en zijn Dutchbat afhankelijk waren en die hen uiteindelijk heeft gespaard.

TEGEN DIE ACHTERGROND moet wellicht de in het leger binnengeslopen gewoonte van het 'debriefen' worden beoordeeld. Uit de tijd van de grote gijzelingszaken in de jaren zeventig is overgeleverd dat gijzelaars gevoelens van aanhankelijkheid ontwikkelden jegens de personen die macht over hen uitoefenden en dat zij slechts via een psycho-therapeutische behandeling van die verkeerde identificatie konden worden afgeholpen. De psycholoog in battle dress ziet er op toe dat de leden van Dutchbat in dit opzicht geen onjuiste conclusies trekken uit hun ervaringen - opdat zij straks hun bruikbaarheid als vredessoldaat niet verspeeld blijken te hebben.

Familie en vrienden zijn begrijpelijkerwijs zielsgelukkig over de behouden terugkeer van de manschappen. Maar het officiële feestvertoon gisteren in Zagreb en vandaag na aankomst in Nederland steekt rauw af bij de beelden van de tienduizenden achtergelaten verdrevenen, gekweld door ontberingen en onzekerheid. Beelden die blijvend met deze expeditie verbonden zullen blijven.