Het leven in de cel gefotografeerd door gevangenen zelf

Tentoonstelling: Inside Eye. Tot 27 aug. Nederlands Foto Instituut, Witte de Withstraat 63, Rotterdam. Di t/m zo 11-17u.

Welke werknemer verlangt niet af en toe naar een weekje detentie? Bevrijd van verantwoordelijkheden, verplichtingen, huishoudelijke klussen en zoveel meer. Het excuus 'ik kan niet, ik zit vast' geldt elk uur van de dag. Alle tijd is aan hem, aan zijn gedachten, aan zijn hobby's en nooit zal de telefoon als een terrorist de rust vergallen.

Mohamed, Leo, Joe, Peter en anderen zitten veel langer dan een week vast in de Wandsworth-gevangenis in Londen, en bepaald niet op eigen verzoek. In dat 19de-eeuwse, strenge gevang met zijn tralies, roosters, hekwerken, tegels, koepels, tl-buizen en zijn uitzichtsloze uitzicht, is het leven een film-cliché: 's morgens wassen en scheren de heren zich, ze doen een uurtje fitness, de bewakers maken een rondje, de kapper en de welzijnswerker komen even langs en 's avonds blazen grote bakken voedsel in de gaarkeukens hun stoom af, terwijl een ieder gedwee op zijn prak wacht. Om half elf doven de peertjes in de cellen.

Tussen de bedrijven door zijn er ongetwijfeld spanningen. Gefrustreerde heren met opgeblazen hoofd en buik zijn altijd en bij voorbaat al in de verdediging: “Had je wat? Of zal ik effe je gezicht verbouwen?”, zoiets dergelijks zegt hun lichaamstaal. Zwakkere broeders houden zich koest, ze willen vooral niet opvallen. O wee, als straks, buiten de muren, die opgekropte angst en machteloosheid een uitweg zoeken.

Deze en andere associaties roept de tentoonstelling Inside Eye op in het Nederlands Foto instituut in Rotterdam: zwart-wit opnamen uit de Wandsworth-gevangenis waar Mohammed, Leo, Joe Peter en een achttal anderen in 1993 en 1994 elke maandag les kregen in fotograferen. Niet de beelden werden hen aangereikt, maar de voorbeelden, zoals het werk van Bill Brandt. Ze leerden intensiever hun kameraden en omgeving te observeren, andere dan vakantie-kiekjes te componeren, bewust een afwijkend standpunt te kiezen, tegenlicht te manipuleren en dat wat voor de hand ligt niet als overbekend en nutteloos materiaal te verwerpen, maar waar te nemen als een passant en niet als een doorgewinterde bewoner. Met die instelling bekeken ze zichzelf, lotgenoten als Frank, hun sleur en hun apathie, die onder meer bestaat uit het etaleren van hun erotische tatoeages. Vijftig van de tienduizend foto's die ze maakten zijn voor deze presentatie geselecteerd.

Jammer genoeg ontbreken bij dit 'educatieve' project vaak toelichtende teksten. Daarom weten weet niet waarom op de vernuftige close-up van een sterke, zwarte man oplichtende straaltjes van tranen biggelen. Een ander minimaal bijschrift beweert dat 'Mohamed dood' is, maar naast dat schemerige 'doodsportret' hangt een net zo duistere opname waarop diezelfde Mohamed weer springlevend lijkt. Zou de doodswens, gegeven de omstandigheden, zo groot zijn dat Mohamed zich als overledene liet portretteren? En waarom mag het gevangenispersoneel wèl op die ouderwetse vloerroosters lopen, zoals het met trots demonstreert, terwijl gevangenen zich angstvallig langs de zijkant ophouden?

Interessanter dan de zo kunstig gemaakte portretten zijn de meer laconieke documentaire-achtige opnamen van bijvoorbeeld het vangnet tussen de galerijen dat dient om suïcide te voorkomen, van de Kerstmisviering met een miezerig boompje onder de koepel en van een huwelijk dat in een hok van de gevangenis wordt voltrokken en waarbij de cel van de gehuwde tot de nok toe met slingers van toiletpapier is volgestouwd. Dit genre interieuropnamen, zonder poses en ensceneringen, onthult veel meer over de kille discipline op Wandsworth-afdelingen G2 en H2 dan het uitgekiende silhouet van een duif die buiten tegen het matglas zit weg te dommelen of die mooie, grafische, Bauhaus-achtige opname van het trappenhuis die in menig Brits industrieel monument gemaakt zou kunnen zijn.

Pas bij het toevallig ontcijferen van een gedetailleerd gefotografeerde dagboekpagina realiseert de toeschouwer zich weer dat die meestal vriendelijk poserende heren kleine kinderen hebben misbruikt en slapende echtgenotes met een hamer hebben vermoord. Hun fotografisch impressionisme, tentoongespreid in sobere stillevens, 'ego-documents' en gemoedelijk gevangenis-vertier, maakt die misdaden bijna ongeloofwaardig. Mohamed, Leo, Joe en Peter hebben dus veel geleerd op die maandag-cursus fotografie. Of ze zich, eenmaal weer 'buiten', van leerling zullen ontpoppen tot meester, of überhaupt in deze nu vooral tijdverdrijvende bezigheid geïnteresseerd blijven - daarover valt geen zinnig woord te zeggen.