Aan haar man ziet Mesker dat ze nooit coach zal worden

SCHEVENINGEN, 22 JULI. De Internationale Tenniskampioenschappen van Scheveningen op de banen van vereniging De Mets worden gehouden in een bescheiden omgeving. Het centrecourt ligt ingeklemd tussen achtertuinen van twee-onder-een-kap woningen. In één van de tuinen is een Scheveninger met een cirkelzaag aan het klussen. Een tennisser die een machtpoint tracht te verzilveren, schrikt van het lawaai en slaat op matchpoint de bal met het frame van zijn racket in het net.

Het toernooi in Scheveningen behoort tot de Challenger-klasse. Dat is het niveau tussen Satellite-toernooien waarin zeer jonge aanstaande profs hun opwachting maken en de Grand Prix-toernooien voor veel verdienende topspelers. Mede-organisator van het toernooi is de 36-jarige Marcella Mesker. Vijf weken na de geboorte van haar dochter is Nederlands voormalige nummer één voor het tweede jaar in de weer met het toernooi op haar thuisbanen. “We hebben de voorzichtige ambitie om dit toernooi uit te bouwen naar een Grand Prix-toernooi.” Daarmee zou Nederland een vierde toernooi in die categorie hebben, naast het ABN Amro-toernooi in Rotterdam, Rosmalen en het Grolsch Open, voorheen bekend als 't Melkhuisje.

Een oud-toptennisster die een ambitieus toernooi organiseert, blijkt een gunstige combinatie. “Het helpt dat je managers en mensen van de ATP kent en dat zij jou kennen, dat je een netwerk hebt in die sport”, vindt Mesker. “Ik weet uit eigen ervaring hoe je spelers moet benaderen, bijvoorbeeld dat je dat niet rechtstreeks moet doen, maar altijd via hun zaakwaarnemer.” Tijdens toernooien, die ze sowieso bezoekt als commentator van de NOS, benadert ze spelers waarmee ze een breed deelnemersveld samen kan stellen voor het toernooi in Scheveningen. “Dus niet alleen oudere spelers van naam die de Challengers aangrijpen om terug te komen, maar ook altijd de wereldkampioen bij de jeugd.” Dit jaar is dat de Argentijn Mariano Zabaleta. Ze heeft oog voor de toekomst van haar toernooi: “We proberen met zo'n jongen dan wel de afspraak te maken dat hij het volgende jaar terugkomt. Ook als hij is doorgebroken.”

De winnaar van vorig jaar, Clavet, stond een jaar geleden 110 op de wereldranglijst. Sinds Scheveningen is hij opgeklomen naar de 30ste plaats. De verliezend finalist van vorig jaar, Kucera, won dit jaar het toernooi van Romalen. “Spelers doen zelfvertrouwen op met Challenger-toernooien, omdat ze weer eens wat partijen kunnen winnen. Voor ons is het opbouwen van een band met veelbelovende spelers een soort investering als we door willen groeien naar een Grand Prix toernooi.” De spelersbond ATP zal die groei waarschijnlijk ondersteunen. Mesker: “We krijgen elk jaar een very good to excellent beoordeling van de ATP.”

Mesker stopte in 1988 met proftennis. “Door een knie-operatie twee jaar daarvoor ben ik de betrekkelijkheid van het tennis gaan in zien. Toen ik stopte, wilde ik dan ook wat totaal anders gaan doen. Maar na verloop van tijd bleek ik het tennis toch niet te kunnen missen.” Nu kan ze haar sport wat afstandelijker bekijken en als 'werk' beschouwen. “Ik ben blij dat het zo gelopen is. Ik kom nog wel eens meisjes tegen waarmee ik getennist heb, die nog stééds op de baan staan. Zij zijn bang om in een gat te vallen als ze stoppen en stellen daarom dat moment steeds opnieuw uit. Zeker als ze geen vaste relatie hebben.”

Dat Mesker die wel heeft, maakte het stoppen met actief tennis nog iets makkelijker. Thuis is het overigens nog allemaal 'tennis' dat de klok slaat, want ze is getrouwd met de bondscoach van het Zweedse tennisteam, Martin Bohm. “Hij is een van de beste tenniscoaches ter wereld, maar ik ben natuurlijk bevooroordeeld.”

Bohm bracht onder anderen Magnus Larsson vanuit het niets naar de top dertig en heeft de Zweedse talenten Tillström en Kulti onder zijn hoede, die beiden in Scheveningen spelen. “Aan mijn man zie ik dat ik nooit coach zal worden”, zegt Mesker. “Hij kan zichzelf helemaal in dienst stellen van zijn pupil, terwijl ik door dat toch wat egocentrische proftennis gewend ben geraakt het middelpunt te zijn.” Mesker heeft gemerkt dat ze enkele sociale vaardigheden mist om een speler op topniveau te begeleiden. “Maar er zijn genoeg meisjes hier op de club die verdomd veel van mij kunnen leren.”

Sinds Meskers afscheid van de wedstrijdsport is er veel veranderd in het Nederlandse tennis. De tennisbond is enorm gegroeid en het aantal tennissers aan de top is groter dan ooit. “Op Wimbledon stonden er dit jaar twaalf Nederlanders, terwijl ik vaak in mijn eentje of alleen met Michiel Schapers in een Grand-Slamtoernooi uitkwam.” Ze is niet bang dat er een terugval komt na de generatie Krajicek, Eltingh, Haarhuis en Siemerink. “Daar kan je niks van zeggen, ineens kan er zomaar een Nederlandse McEnroe opstaan. Hoewel, dat soort spelers komen nooit meer. Nou goed, een Sampras dan.” Waarmee ze wil zeggen dat de sport, vooral bij de mannen, zeer fysiek is geworden waarin types als McEnroe met een surplus aan techniek en tactisch inzicht niet meer kunnen gedijen. “Talent alleen is niet meer genoeg, mentaal en fysiek moet ook alles kloppen.”

Met een topcoach als vader en een voormalig toptennisster als moeder zal haar vijf weken oude dochter zeker zo snel mogelijk de tennisbaan op worden gestuurd? “Nee, zo is het niet. Natuurlijk zou ik het geweldig vinden als ze een goede tennisster blijkt te zijn. Maar belangrijker is dat ze, zeg maar, sociaal normaal blijft.”