Wat zeiden de vluchtelingen?

Sinds vorige week vrijdag hebben Westerse journalisten de getuigenissen van gedeporteerden uit Srebrenica opgetekend. Aanvankelijk van vrouwen die met bussen richting Tuzla waren vervoerd, later ook van mannen die vaak dagen door de bossen hadden gezworven voordat ze veilig gebied bereikten. Een selectie.

Mevlija Salihovic, 21. “Terwijl de bussen in Potocari werden gevuld, werden mannen uit de menigte gehaald en afgevoerd naar een huis op een heuvel boven het Nederlandse VN-kamp. Ik hoorde schoten uit die richting.” (14 juli)

Ajkuna Alic “'s Nachts begonnen vrouwen te schreeuwen, de Serviërs voerden een groep mannen weg....Die ochtend gingen we water halen en zagen we ze liggen, dood.” (14 juli)

Sedalija Selimovic, 44 “Op de eerste nacht van de bezetting van Potocari hoorde ik de hele nacht vrouwen schreeuwen.” (14 juli)

Mirama Mujcic “De Serviërs kwamen de basis binnen op woensdag. Ze liepen rond, arresteerden alle mannen en namen ze mee achter een gebouw. We hoorden schoten, niemand kwam terug.” '(14 juli)

Zula Hasanovic “Terwijl de TV-cameras draaiden, gedroegen de Serviërs zich netjes. Nadat de journalisten waren vertrokken, verschenen ze in de bussen en plukten er mensen uit. We weten dat ze meisjes hebben verkracht. Sommigen kwamen terug en hebben erover verteld, de meeste hebben we nooit meer gezien.” (14 juli)

Ajka Husic

Over doden langs de weg tussen Sebrenica en Tuzla: “De lichamen lagen daar gewoon maar. Sommige mensen leefden nog, maar bleven liggen uit angst.” (15 juli) Senada Cvrk, tiener.

Was woensdagavond 12 juli in het gezelschap van 20 jonge mannen in het VN- kamp in Potocari. In de loop van de avond werden de mannen weggevoerd. 's Ochtends, op zoek naar water, vindt ze de jongens, dood, opgestapeld, met de handen op de rug gebonden. (15 juli)

Admir Enfendic, 13 en Enisa Enfendic, 16

Vertellen dat ze in de bus zaten die naar Tuzla zou vertrekken. Twintig mannen stonden met de rug naar de bus en werden geëxecuteerd. (15 juli)

Mevlida Hasanovic, 26

Zag twintig lijken. (Op dezelfde locatie, een veldje in de buurt van de accu-fabriek, als Cvrk en Enfendic hadden aangegeven. (15 juli)

Sabaheta Becirovic, 23

Vertelde hoe donderdag 13 juli Serviërs de bus binnendrongen en meisjes naar buiten sleurden. (15 juli)

Vesna Salkic, 29 “Een groep vrouwen werd meegenomen naar een huis op de compound. Salkic hoorde geschreeuw, maar durfde niet te gaan kijken. De VN'ers werden niet tot het huis toegelaten.” (15 juli)

Bahrem Ektic, 16Over mensen die hij op zijn vlucht van Sebrenica naar Tuzla zag:

“Van een waren neus en oren afgesneden, hij had nog slechts twee vingers aan iedere hand. Hij smeekte ons hem te vermoorden, maar we konden hem niet doodschieten, bang dat de Serviërs ons zouden horen.” (19 juli)