Serviërs beschieten Zepa, vallen elders in Bosnië aan

SARAJEVO, 21 JULI. De Bosnische Serviërs hebben gistermiddag de moslim-enclave Zepa een uur lang opnieuw beschoten en elders in Bosnië aanvallen uitgevoerd.

Het artilleriebombardement op de enclave in Oost-Bosnië begon nadat de Bosnische regering een ultimatum had laten verlopen om gevolg te geven aan de de eis van de Bosnische Serviërs om alle mannen in Zepa tussen de achttien en 55 jaar te ruilen tegen Servische gevangenen in handen van de Bosnische regering. De door de Serviërs aangekondigde aftocht van een deel van de inwoners uit Zepa onder VN-supervisie ging niet door.

Volgens VN-woordvoerders in Sarajevo beantwoordden de regeringstroepen in de enclave het Servische vuur onder meer met een beschieting met mortieren en machinegeweren van het kamp waar de 79 Oekraïense VN-soldaten verblijven. Daarbij zouden geen gewonden zijn gevallen. Wel liep het kamp zware schade op. De moslimverdedigers van Zepa hadden eerder gedreigd de Oekraïeners aan te vallen als de NAVO geen vliegtuigen zou inzetten om een Servische aanval te stoppen.

De regering in Sarajevo weigert te erkennen dat Zepa is gevallen. Volgens VN-woordvoerders hebben de Bosnische Serviërs zo'n twintig gehuchten in het gebied rondom Zepa ingenomen, maar niet het stadje zelf. Daar zouden tussen de tien- en 15.000 mensen verblijven.

De militaire leider van de Bosnische Serviërs, generaal Ratko Mladic, had eerder aangekondig dat Zepa had gecapituleerd en dat hij met de civiele autoriteiten een akkoord had gesloten over het vertrek van 35 gewonden naar Sarajevo en van vrouwen, kinderen en bejaarde mannen naar steden in gebied van de Bosnische regering. Beelden van Mladic die praatte met inwoners van Zepa en wijn uitdeelde werden gisteren vertoond op de Servische televisie.

Vertegenwoordigers van de VN verschenen gisteren in Zepa om met Mladic en plaatselijke autoriteiten over het transport te onderhandelen, maar de vertegenwoordigers van de Bosnische regering bleven afwezig. Vannacht zou het in Zepa rustig zijn geweest.

VN-woordvoerders noemden het Servische plan om moslims uit Zepa te verwijderen “ziek”. “Vooral in het licht van wat na de val van Srebrenica is gebeurd en de rapporten over mannen die zijn geëxecuteerd, is het zeer verontrustend dat het Bosnisch-Servische leger opnieuw alle mannen wil oppakken”, aldus VN-woordvoerder Alexander Ivanko in Sarajevo.

De Serviërs hebben elders offensieven voortgezet. In de noordwestelijke enclave Bihac zouden Serviërs met een aanval vanuit het naburige Kroatië het stadje Sturlic in handen hebben gekregen; 800 tot 1.200 inwoners zouden de bossen zijn ingevlucht. Het bericht is volgens de VN niet onafhankelijk bevestigd.

De Kroatische minister van buitenlandse zaken, Mate Granic, heeft in een brief aan de Veiligheidsraad van de VN gewaarschuwd dat zijn land “maatregelen moet nemen om zijn veiligheid te garanderen als de status van Bihac in het geding komt”. Bronnen bij de VN geloven dat nieuwe Kroatische offensieven tegen de Kroatische Serviërs waarschijnlijk zijn.

In Sarajevo werd het presidentieel paleis getroffen door twee granaten tijdens een bezoek van de onderhandelaar namens de Europese Unie, Carl Bildt. Er viel een lichtgewonde. Bij het vliegveld van de Kroatische stad Dubrovnik vielen circa tien Servische granaten.