Motorola vormt rijdende erehaag op de finishlijn

PAU, 20 JULI. Met een slakkegangetje reed het peloton gisteren over de Zuidfranse wegen. Bijna acht uur lang duurde de herdenkingstocht van de 117 overgebleven coureurs in de Tour. Pas aan het einde van de zestiende etappe was sprake van een serieuze afscheiding. Zes Motorola-renners gingen gezamenlijk over de streep. Als eerbetoon aan hun dinsdag onverleden teamgenoot Fabio Casartelli.

Het zestal had besloten niet naar de prijsuitreiking te komen. Op het podium stond ceremoniemeester Bernard Hinault met de handen in zijn haar. Waar bleven de renners van Motorola? De kleine Breton liep driftig heen en weer, maar na een paar minuten gaf hij de strijd op. De winnaars van de zestiende etappe werden niet gehuldigd.

Het was zo'n dag dat niemand behoorde te winnen. In de wandeletappe van Tarbes naar Pau wilden de renners gisteren hun laatste eer bewijzen aan de verongelukte Italiaan, die vanmiddag in Como is begraven. Bovendien leken ze de Tourorganisatie een beetje te willen pesten, wegens de huldigingen die dinsdag ongestoord plaatsvonden, ongeacht het overlijden van Casartelli. De Société du Tour de France heeft haar slordige handelwijze gisteren willen goedmaken door alle bonificaties en tussensprints ongeldig te verklaren. Nadat de renners eerder op de dag hadden besloten alle premies ter beschikking te stellen aan de familie van Casartelli, besloot de organisatie dit bedrag te verdubbelen. De nabestaanden krijgen in totaal 150.000 gulden. Ook de dopingcontrole werd van het programma geschrapt.

Erik Breukink liet zich opvallend kritisch uit over de nalatigheid van de Société. “Door de huldigingen kwam het over alsof de renners geen moeite hadden met de dood van Fabio. De mensen zien eerst een valpartij en daarna tien man op het podium staan juichen. Wat mij betreft heeft de organisatie een heel grote fout gemaakt.” Breukink was dinsdag nauw betrokken bij de valpartij van zijn Italiaanse collega. Gisteren was hij een van de initiatiefnemers van de langzaam-aan-actie. “In het begin was het heel stil en praatte niemand met elkaar. Wat kun je ook zeggen? Niet zo veel. Op een geven moment hebben we met een aantal mannen de koppen bij elkaar gestoken.” Heeft hij moeilijke momenten gehad tijdens de koers? “Het beeld van het ongeluk schiet natuurlijk vaak door je heen. Maar ik heb moeilijke dingen altijd gemakkelijk van me kunnen afzetten.”

De etappe van gisteren was op papier een interessante rit, met twee serieuze beklimmingen. Het was de laatste bergetappe en de rit leek tot dinsdag de laatste kans voor de klassementsrijders om gele-truidrager Miguel Indurain in verlegenheid te brengen. Maar de dood van de nummer 114 op de startlijst veranderde alles. Onder leiding van de Italiaanse kampioen Gianni Bugno besloot het peloton zich niet bovenmatig in te spannen. Over de volle breedte van de weg reden de coureurs in een tempo dat de veertig kilometer zelden overschreed.

Alleen in de afdaling ging het ietsje harder, maar de voorzichtigheid waarmee de renners naar beneden gingen viel onmiddellijk in het oog. Sommigen droegen een valhelm, de meesten droegen petjes. Voor een valhelm was het gisteren veel te warm, vond ook Laurent Jalabert. De drager van de groene trui is het oneens met het voorstel van de internationale wielerbond om het hoofddeksel verplicht te stellen. “Bij veertig graden is zoiets onverantwoord”, zei Jalabert.

De discussie is weer losgebarsten naar aanleiding van het dodelijke ongeval op de Col d'Aspet. Zou Casartelli nog in leven zijn geweest als hij een helm had gedragen? De geleerden zijn het nog steeds niet eens. Tourarts Gérard Porte vroeg zich gisteren andermaal af waarom er nog steeds geen veilige en hittebestendige helm op de markt is verschenen.

In de etappe naar Pau reden de Motorola-coureurs Armstrong en Mejia met hoofdbescherming. Hun ploeggenoten Andreu, Bauer, Peron en Swart fietsten blootshoofds door het Pyeneeënlandschap. Op de finishlijn vormden de zes overgebleven renners van Motorola een rijdende erehaag voor de man die sinds de afgelopen wintermaanden hun metgezel was.

Ploegleider Jim Ochowics is vanmorgen naar Milaan gevlogen om de begrafenis van Casartelli bij te wonen. Bij de finish in Pau stond hij gisteren heel geduldig de pers te woord. Nog een keer legde hij uit dat de renners zelf hadden besloten van start te gaan. Verder vertelde hij over het fonds dat Motorola in het leven heeft geroepen. Het beschikbare geld is bedoeld voor de familieleden van Casartelli. Bovendien heeft het Amerikaanse bedrijf aangekondigd een standbeeld te willen financieren. Het gedenkteken moet een plaats krijgen op de Col d'Auret, precies daar waar Casartelli om het leven is gekomen.

De vergelijking met Tom Simpson is al eerder gemaakt. De Engelse coureur overleed in de Tour van 1967 als gevolg van uitputting bij de beklimming van de Mont Ventoux. Een paar kilometer onder de top van de kale berg in de Provence ligt een marmeren gedenksteen. Alle toeristen die de Ventoux beklimmen, kijken onwillekeurig even naar de rechterkant van de weg. Het gedenkteken voor Simpson wordt omgeven door bidons, oude fietsbanden en verlepte bloemen.

Bij het graf van Casartelli liggen vanavond de bloemen van Indurain. De vermoedelijke Tourwinnaar liet het boeket gisteren bij de finish overhandigen aan Ochowics, die zichtbaar vermoeid tot een laatste dankwoord kwam. “Miguel heeft dat gedaan uit respect voor Fabio. Het is een gebaar dat navolging verdient.”