Turks parlement wil open stemming over grondwet

ANKARA, 19 JULI. Het Turkse parlement heeft vannacht een nieuwe poging gedaan de impasse te doorbreken in het debat over de hervorming van de grondwet die in 1982 door de militairen werd ingevoerd. Het blijft echter onduidelijk of de democratiseringsvoorstellen daadwerkelijk kunnen worden doorgevoerd.

270 Afgevaardigden spraken zich uit voor het amenderen van de grondwet in een open stemming. Tot nu toe werd er geheim gestemd. Dit voorstel komt later in de week in een tweede stemmingsronde opnieuw aan de orde, waar het een tweederde meerderheid (300 van de 450 zetels) nodig heeft om te worden aangenomen. Als tussen de 270 en 300 afgevaardigden voor het voorstel stemmen is een referendum nodig om het definitief te aanvaarden. In dit geval zou het democratiseringsproces in Turkije in feite stokken.

Premier Tansu Çiller schortte eerder deze maand de behandeling van het hervormingspakket op, nadat het parlement een clausule over vakbondsrechten voor ambtenaren had verworpen. Ook voor de andere wijzigingen bleek geen tweederde meerderheid beschikbaar. Democratisering in Turkije is een belangrijke voorwaarde van het Europese Parlement voor de goedkeuring later dit jaar van de door Turkije zo zeer gewenste douane-unie met de Europese Unie.

Çiller gaf de schuld van het echec volledig aan de oppositionele conservatieve Moederlandpartij van Mesut Yilmaz. In werkelijkheid bestaat ook in haar eigen conservatieve Partij van het Juiste Pad (DYP) grote weerstand tegen de democratiseringsvoorstellen. In militaire kringen wordt aangevoerd dat in het kader van de strijd tegen de separatistische Koerdische Arbeiders Partij (PKK) het opheffen van de beperkingen van de vrijheid van meningsuiting onaanvaardbaar is.

Bovendien wil de religieus-fundamentalistische Welvaartspartij slechts haar fiat aan het hervormingspakket geven als daarin ook wordt gesproken over het schrappen van artikel 24 van de grondwet. Hierin staat dat de politieke, economische en sociale instituties van de staat niet op een religieuze leest mogen worden geschoeid. Volgens de Republikeinse Volkspartij, de coalitiepartner van Çiller, is het handhaven van dit artikel een voorwaarde voor het voortbestaan van het seculiere karakter van Turkije.

Door tussenkomst van vice-premier Hikmet Çetin bereikten de partijen vorige week het compromis om de amendementen in een open stemming te behandelen om zo duidelijkheid te verschaffen over het stemgedrag van de parlementariërs van de verschillende partijen. Eveneens zal - indien noodzakelijk - een referendum over de grondwet worden opgeschort tot de datum waarop algemene verkiezingen worden gehouden. Die zouden in het najaar van 1996 moeten plaatshebben, maar hardnekkige geruchten houden het op november van dit jaar of anders in het vroege voorjaar van 1996.

Tal van democratische organisaties in Turkije dringen op vervroegde parlementsverkiezingen aan. Hun indruk is dat het in meerderheid conservatieve parlement geen afspiegeling is van de politieke verhoudingen in het land. Het parlement houdt geen gelijke tred met de aspiraties van de samenleving, die in de richting gaan van een meer democratisch Turkije, waar ten minste de rechten van de mens worden nageleefd.

Çiller riep het parlement gisteren op “zijn historische plicht te vervullen door de voorgestelde wijzigingen in de grondwet alsnog door te voeren”. Vice-premier Çetin sprak zijn twijfel uit over de haalbaarheid ervan. “Het zou evenwel een schande zijn als het parlement opnieuw nee zegt tegen het hervormingspakket”, aldus de sociaal-democraat.