Stille tocht Somaliërs na dood kinderen

LELYSTAD, 19 JULI. Ruim driehonderd Somaliërs hebben gisteren een stille tocht door Lelystad gehouden om de dood van twee Somalische kinderen te herdenken.

De kinderen van drie en vier jaar oud kwamen eind juni om bij een brand in hun huis. De tocht was georganiseerd door de Federatie van Somalische Associaties in Nederland (FSAN), waarbij 25 Somalische verenigingen zijn aangesloten. De demonstratie was ook bedoeld om lucht te geven aan het ongenoegen van de Somaliërs. Zij menen dat de brand is aangestoken door een buurman van het Somalische gezin en vinden dat de politie van Lelystad het onderzoek niet naar behoren heeft afgerond.

Persofficier I. Vermeulen van het openbaar ministerie Zwolle zegt desgevraagd dat uit technisch onderzoek van de politie niets is gebleken over opzettelijke brandstichting. Er zijn volgens het openbaar ministerie geen strafbare feiten gepleegd. Het onderzoek is dan ook afgerond.

De vader van de omgekomen kinderen kan hiertegen protesteren bij het gerechtshof in Arnhem. Wel onderzoekt de politie in Lelystad nog de bedreigingen die aan het adres van de Somalische familie zijn geuit.

De brand vond vrijdag 30 juni om twaalf uur 's middags plaats in de wijk Griend in Lelystad. De vader van de twee kinderen, A. Ahmed, zegt de avond na de brand ruzie te hebben gekregen met zijn buurman. Deze zou de Somaliër met een kapmes door de wijk hebben achtervolgd. Dezelfde nacht zou ook de auto van Ahmed en enkele andere spullen uit het huis zijn gestolen, volgens de Somaliër door zijn buurman.

De spanningen in de wijk zijn de afgelopen drie weken hoog opgelopen. Het televisieprogramma Marco Polo van de VPRO maakt deze zomer een reeks reportages in Lelystad en zond al snel na de brand een aflevering uit over de 'ruzie' tussen Ahmed en zijn buurman. De Somaliërs waren daags voor de uitzending woedend en eisten inspraak in het programma. Gisteren bleek dat op de schutting tussen het huis van Ahmed en zijn buurman met rode verf twee kinderhandjes waren geschilderd.