Rapport: gebrek aan controle leidde tot val Barings

LONDEN, 19 JULI. De val van de Britse zakenbank Barings was het gevolg van de clandestiene speculaties van één enkel persoon: de 28-jarige beurshandelaar Nick Leeson. Maar het kon alleen zo ver komen omdat de meest elementaire interne controles ontbraken en omdat de bedrijfsleiding faalde op alle niveau's. Ook de controle van de accountantsfirma Coopers & Lybrand liet te wensen over, terwijl het toezicht van de Bank of England en de Security and Futures Authority niet optimaal heeft gewerkt.

Tot die conclusies komt de raad van toezicht op het bankwezen, een orgaan van de Bank of England, in een gisteren gepresenteerd rapport over de ondergang van Barings. Het rapport leidde onmiddellijk tot wrevel in het Lagerhuis en opluchting in de Londense City. Financiële instituten zijn allang blij dat de handel in financiële derivaten zoals opties en termijncontracten ongemoeid wordt gelaten. Het waren deze transacties die tot een verlies van 830 miljoen pond konden leiden.

Banken reageerden tevreden omdat de verplichtingen waaraan ze tegenover de centrale bank moeten voldoen, niet ingrijpend worden gewijzigd. Volgens Eddie George, gouverneur van de Bank of England en voorzitter van de raad van toezicht op het bankwezen, bestaat er geen enkele aanleiding om het raamwerk van regelgeving in Groot-Brittannië fundamenteel te herzien. Internationale Nederlanden Groep (ING), de Nederlandse bank en verzekeraar die zich over Barings heeft ontfermd, zei dat de inhoud van het rapport overeenkomt met de eigen conclusies. Hessel Lindenbergh, de voorzitter van de Baring houdstermaatschappij, zag in het rapport een rechtvaardiging voor de maatregelen die ING al eind april heeft genomen. Eenentwintig topfunctionarissen van Barings vertrokken nadat ING hen voor het débâcle verantwoordelijk had gesteld.

Britse parlementariërs, zowel van de regeringspartij als van de oppositie, waren gistermiddag minder vleiend over het rapport. Ze vonden dat het falen van de Bank of England werd vergoelijkt en dat de leiding van Barings met veel te veel clementie werd behandeld. Ze verweten de opstellers dat ze Nick Leeson tot “de zondebok” van de Barings-ondergang maakten. Gordon Brown, Labours schaduwminister van financiën, zei dat het rapport een “vernietigend” beeld geeft van de manier waarop de Bank of England toezicht op de banken houdt.

Maar minister van financiën Kenneth Clarke verdedigde de centrale bank tegen alle kritiek. Hij verklaarde gisteren in het Lagerhuis dat geen enkel regulerend systeem de kans op ongelukken volledig kan uitsluiten. “Zeker niet waar sprake is van doelbewuste opzet van individuele handelaren om te verheimelijken en misleiden, als dat gepaard gaat met ontoereikend toezicht door de leiding.” Hij zei dat de Bank of England niet elke afrekening van een zakenbank kan controleren en dat je niet van de centrale bank mag verwachten dat ze op roddels afgaat.

Het rapport geeft een verpletterend overzicht van wat er bij Barings allemaal mis ging. Anders dan tot dusverre werd aangenomen, dateren de rampzalige transacties van Nick Leeson niet van de laatste maanden voor de ondergang van Barings. Vrijwel onmiddellijk nadat hij in de zomer van 1992 naar Singapore werd overgeplaatst, is hij met zijn speculaties begonnen. De aard van de transacties hield hij voor het hoofdkantoor verborgen. Met vervalste rapporten wekte hij de indruk dat de winsten groot waren en de risico's klein.

Wat zijn motieven waren, hebben de onderzoekers niet kunnen achterhalen. Ze hebben niet met Leeson zelf gesproken, die in een Duitse gevangenis op uitlevering naar Singapore wacht. Hij wilde alleen maar met de Britse autoriteiten praten op voorwaarde dat ze zich zouden inzetten voor zijn uitlevering naar het Verenigd Koninkrijk. De onderzoekers wijzen er wel op dat Leeson voor zijn vermeende hoogst lucratieve activiteiten over 1994 een bonus van 450.000 pond was beloofd. Ze sluiten niet uit dat Leeson bij zijn frauduleuze handelingen met anderen heeft samengewerkt, maar op concrete bewijzen zijn ze niet gestuit.

Het rapport maakt duidelijk dat de verantwoordelijkheden bij Barings slecht waren geregeld. Topfunctionarissen hadden geen benul van het soort beurstransacties waarmee Leeson belast was. Zijn directe superieuren gaven hem volledig de vrije hand. Toen de beurs van Singapore begin van dit jaar om opheldering vroeg over de onrustbarende financiële posities van Barings, mocht Leeson voor de beantwoording zorgen.

De waarschuwing van de beurs van Singapore was één van de negen noodsignalen die door de leiding van Barings zijn genegeerd. “De ineenstorting van Barings laat zien hoe een (..) bloeiende groep ten val kan worden gebracht door clandestiene activiteiten binnen één van haar dochtermaatschappijen, als de controles ontoereikend zijn”, constateert het rapport.